Goede bescherming tegen pneumokokkenziekte kan met één prik minder. Dat blijkt uit onderzoek dat door het RIVM uitgevoerd is en waaraan het UMC Utrecht heeft meegewerkt. De vaccinatie is hierdoor minder belastend voor kinderen.

Sinds 2006 worden kinderen via het Rijksvaccinatieprogramma gevaccineerd tegen pneumokokken. Deze bacteriën kunnen ernstige ziekten veroorzaken, zoals hersenvliesontsteking en bloedvergiftiging. De kans hierop is door de vaccinatie flink verlaagd. De vaccinatie bestaat momenteel uit vier prikken die worden gegeven op de leeftijd van 2, 3 en 4 maanden (primaire serie) en 11 maanden (boostervaccinatie). Uit onderzoek blijkt nu dat de vaccinatie even effectief, of zelfs effectiever, is als de primaire serie van drie naar twee prikken wordt teruggebracht en deze in de derde en vijfde maand worden gegeven. Geadviseerd wordt om het huidige pneumokokken prikschema te wijzigen.

Minder belastend en kostenbesparend

Door minder en iets later te prikken zijn de vaccinaties voor de heel kleine kinderen minder belastend. Daarnaast levert dit schema een aanzienlijke kostenbesparing in de gezondheidszorg op (8 miljoen euro). Deze bevindingen zijn het resultaat van de zogeheten PIM-studie ('Pneumokokken Iets Minder'), die is uitgevoerd door het RIVM, in samenwerking met het Spaarne ziekenhuis en het UMC Utrecht. Opdrachtgever is het ministerie van VWS.

Vergelijking van vaccinatieschema's

In de PIM-studie kregen 400 gezonde kinderen een vaccinatie tegen 13 typen van de pneumokokkenbacterie. Zij zijn vervolgens ingedeeld in vier willekeurige groepen, die elk de vaccinaties op een ander tijdstip kreeg toegediend: met 2, 3, 4 en 11 maanden, met 2, 4, 6 en 11 maanden, met 3, 5 en 11 maanden, en met 2, 4 en 11 maanden.

Hogere antistofwaarden bij 3-5 maanden schema

Bij alle kinderen is vervolgens bepaald hoeveel antistoffen zij een maand na afloop van de primaire serie hadden gevormd, en een maand na de booster. Dit is ook gedaan op de leeftijd van 8 maanden, omdat vóór de invoering de pneumokokkenvaccinatie rond die leeftijd de meeste gevallen van pneumokokkenziekte voorkwamen. Na de primaire serie bleek de vaccinatie op 3 en 5 maanden hogere antistofwaarden te geven dan de vaccinatie op 2, 3 en 4 maanden. Op 12 maanden bleken alle vier de schema's voldoende antistoffen gegeven te hebben om te beschermen tegen pneumokokkenziekte.