Het zachte gehemelte wordt gesloten op een leeftijd tussen de zes en negen maanden.
Bij een spleet in het zachte en harde gehemelte wordt soms overwogen (indien mogelijk) om de gehele spleet in een operatie te sluiten.
Spraakontwikkeling
De sluiting van het zachte gehemelte is vooral belangrijk voor de spraakontwikkeling. Kinderen beginnen normaal te brabbelen tussen de zes en twaalf maanden. Daarom wordt er naar gestreefd om het zachte gehemelte in ieder geval te sluiten voor de leeftijd van twaalf maanden.
De operatie
Het belang van het zachte gehemelte voor de spraakontwikkeling ligt in de klepfunctie van dit gedeelte van het gehemelte. Tijdens de spraak kan het zachte gehemelte de neusholte afsluiten van de mondholte. Daardoor kan er geen lucht door de neus ontsnappen tijdens de spraak. Dit afsluiten gebeurt door het aanspannen van een spiertje (levatorspier of hefspier), die het zachte gehemelte omhoog tilt.
Normaal loopt dit spiertje als een lus van de ene naar de andere kant van het zachte gehemelte, maar bij een gehemeltespleet is de spier onderbroken. Tijdens het sluiten van het zachte gehemelte worden beide uiteinden van deze spier onder loepvergroting aan elkaar gehecht.
Het hechten van het zachte gehemelte gebeurt in drie lagen.
1. het slijmvlies aan de kant van de neus,
2. de levatorspier (hefspier),
3. het slijmvlies aan de kant van de mond.
Over het algemeen geldt dat bij smalle spleten (smaller dan 10 mm) de weefsels makkelijker naar elkaar toe te brengen zijn. De spier kan dan beter gehecht worden en er staat minder spanning op het litteken. De kans op een goed functionerend resultaat (goede afsluiting tijdens spraak) is bij smalle spleten gemiddeld groter dan bij heel brede spleten.
De operatie wordt gedaan door de plastisch chirurg.

Duur van de opname
Uw kind wordt een dag voor de operatie opgenomen. Na de operatie blijft het nog ongeveer drie dagen in het ziekenhuis.
Duur van de operatie
- zachte gehemelte 45-60 minuten
- zachte en harde gehemelte ongeveer twee uur (dit wordt in uitzonderingsgevallen tegelijkertijd gedaan).
Na de operatie
Aan de buitenkant is er na het sluiten van een gehemeltespleet niets te zien bij uw kind. Er kan een klein beetje bloed uit de mond komen. De hechtingen kunt u bij het bekijken van de keel wel zien. Deze lossen vanzelf op. Dit duurt ongeveer twee weken.
Als uw kind weer terug is op de afdeling en helemaal helder en wakker is, mag het weer drinken. Gebruik hiervoor geen rietjes. Deze kunnen de operatiewond beschadigen. Drinkt uw kind uit een flesje, plaats er dan een speen op met een iets groter gat, zodat uw kind niet hard hoeft te zuigen. Ook dit is niet goed voor de operatiewond. Het gebruik van een fopspeen of duimzuigen wordt afgeraden. Als uw kind erg onrustig is, mag het wel omdat veel huilen en onrust meer nadelig is voor de wond.
Eten en drinken na de operatie
Om de wond de kans te geven goed te herstellen, wordt na de operatie de voeding van uw kind langzaam opgebouwd. De eerste dag na de operatie mag uw kind alleen helder vocht drinken. Daarna wordt er steeds wat aan toegevoegd.
Het is belangrijk dat uw kind na elke voeding de mond spoelt met wat water. Dit vermindert de kans op infecties in het wondgebied zoveel mogelijk.
Het is belangrijk dat uw kind na de operatie voldoende vocht binnenkrijgt. Het mag dus gelijk drinken. Als uw kind door de pijn en het rare gevoel in de mond nog niet voldoende drinkt, krijgt het voldoende vocht via het infuus. De pijn en het rare gevoel in de mond worden na een paar dagen steeds minder, zodat uw kind steeds beter gaat drinken.
Kans van slagen
De kans van slagen van de gehemeltesluiting is groot. De uiteindelijke functie van de levatorspier kan pas in een later stadium worden bepaald.
Mogelijke complicaties
Er bestaat altijd een kleine kans op infectie. Hierdoor kan het litteken loslaten. Gelukkig komt dit zeer zelden voor. De kans op loslaten neemt (behalve bij infectie) ook toe bij zeer brede spleten. In die gevallen is het door gebrek aan weefsel soms nodig de beschikbare weefsels onder (enige) spanning te hechten. Dit kan een negatieve invloed hebben op de wondgenezing. Soms is het echter onvermijdelijk en niet altijd van tevoren met zekerheid in te schatten. Helaas is het niet mogelijk om het tekort aan weefsel aan te vullen met weefsel van een andere plaats van het lichaam.
Ontslag
Het moment van ontslag wordt in overleg met u bepaald. Het is belangrijk dat:
- uw kind zelf weer voldoende kan drinken
- uw kind geen koorts heeft
- de wond niet nalekt.
Controleafspraken
Uw kind krijgt bij ontslag een controleafspraak mee om terug te komen bij de plastisch chirurg. Deze afspraak is ongeveer zes weken na ontslag.
Drie weken na ontslag heeft uw kind een afspraak bij de orthodontist om te controleren of het plaatje goed zit.
Leefregels voor thuis
Het gehemelte is de eerste week na de operatie nog erg kwetsbaar. Het is daarom belangrijk dat uw kind niet aan de operatiewond komt. Zorg er voor dat het niet met de vingers in de mond zit. Ook wordt het eten van lollies en ijsjes afgeraden.