Medicijnen

Algemeen

De volgende medicijnen worden het meest voorgeschreven bij patiënten met een steunhart. 



Aantal pillen












Bloedverdunners:

Het steunhart bestaat uit lichaamsvreemd materiaal; hierdoor wordt de bloedstolling geactiveerd. Het risico op stolselvorming in het bloed is door dit lichaamsvreemde materiaal groter dan zonder steunhart. Om dit risico te verminderen worden bloedverdunners gegeven die de bloedstolling vertragen. Het is van groot belang dat de bloedverdunners dagelijks volgens voorschrift ingenomen worden om het risico op een herseninfarct/bloeding te verminderen.


Acenocoumarol®/Sintrommitis®

Remt de bloedstolling door bepaalde stollingsfactoren te blokkeren
Tweemaal per week wordt de stolling (INR waarde) gecontroleerd door de trombosedienst of uzelf.
Aan de hand van de INR waarde wordt de dosering van de acenocoumarol bepaald

Bijwerkingen:
  • bloedingen 
  • misselijkheid 
  • diarree 
  • huidreacties

Carbasalaat Calcium®/Ascal cardio®

Ascal cardio blokkeert een receptor van een bloedplaatje en zorgt ervoor dat bloedplaatjes minder snel aan elkaar plakken . Ascal cardio® heeft geen invloed op de INR waarde.

Bijwerkingen:
  • Maagklachten zoals zuurbranden, misselijkheid,
  • diarree,
  • huiduitslag 
 

Clopidogrel®/ Plavix®

Plavix blokkeert een receptor van een bloedplaatje en zorgt ervoor dat bloedplaatjes minder snel aan elkaar plakken. (blokkeert een andere receptor dan ascal cardio®) Plavix® heeft geen invloed op de INR waarde.

Bijwerkingen:

  • buikpijn,
  • diarree,
  • misselijkheid

Dalteparine®/Fragmin®

Is een laagmoleculair heparine en remt bepaalde stollingsfactoren.
Wanneer de INR waarde te laag is wordt fragmin® éénmaal per dag in de huid gespoten. (subcutaan) .
Dit medicijn heeft een ander effect op de stolling dan acenocoumarol, ascal en plavix en heeft geen invloed op de INR waarde.

Bijwerkingen: 

  • Bloedingen in het operatiegebied of op de injectieplaats.

βeta blokkers:

Vertraagt de hartslag en vermindert de knijpkracht van het hart waardoor het zuurstofverbruik van de hartspier afneemt.
 

Carvedilol®/Eucardic®

Bijwerkingen:

  • Maagdarmklachten
  • Koude en gevoelige extremiteiten
  • Duizeligheid, hoofdpijn
  • Toename vocht onderbenen (je kunt putjes drukken in de huid van de onderbenen)

Eucardic® kan een negatieve invloed hebben op de seksuele beleving of de seksuele mogelijkheden. Deze bijwerkingen verdwijnen meestal als u gewend raakt aan het geneesmiddel.

Anti-aritmica:

Medicijnen die hartritmestoornissen voorkomen


Amiodaron®/Cordarone®

Amiodaron voorkomt hartritmestoornissen. Amiodaron vertraagt de hartslag en vermindert de knijpkracht van het hart waardoor het zuurstofverbruik van de hartspier afneemt.
Het duurt enkele dagen tot weken voordat amiodaron goed werkt. De werking houdt 10-30 dagen aan na het staken van de behandeling

Bijwerkingen:

  • misselijkheid
  • afwijkende smaak
  • huidaandoeningen vooral na blootstelling aan de zon
  • leverfunctiestoornissen
  • schildklierfunctiestoornissen
  • nachtmerries

 

ACE remmers:

ACE-remmers zijn vaatverwijders
Zij zorgen ervoor dat het hart het bloed makkelijker kan wegpompen waardoor de bloedsomloop verbetert.


Enalapril®/Renitec®

Bijwerkingen:

  • kriebelhoest
  • diarree
  • hoofdpijn
  • misselijkheid
  • duizeligheid door een lage bloeddruk
  • huiduitslag

 

Coversyl®/Perindopril®

Bijwerkingen:

  • kriebelhoest
  • diarree
  • hoofdpijn
  • misselijkheid
  • duizeligheid door een lage bloeddruk
  • huiduitslag


 

Diuretica:

Plastablet; bevordert de urine productie.

Eplerenon®/Inspra®

Een zwak plastablet wat het kalium verlies via de urine vermindert.
Kan mogelijk herstel van de hartspier bevorderen.

Bijwerkingen:

  • misselijkheid
  • diarree
  • duizeligheid (lage bloeddruk)
  • nierfunctiestoornissen

 

Spironolacton®/Aldactone®

Een zwak plastablet wat het kalium verlies via de urine vermindert.
Kan mogelijk herstel van de hartspier bevorderen.

Bijwerkingen:

  • borstvorming bij mannen
  • onregelmatig aanvoelende borsten bij vrouwen
  • misselijkheid
  • duizeligheid
  • huiduitslag

 

Furosemide®/ Lasix®

Een plastablet waardoor kalium verlies via de urine optreedt. Wordt vaak in combinatie met inspra ® of spironolacton® gegeven om het kaliumverlies te beperken en de urine productie te bevorderen.

Bijwerkingen:

  • duizeligheid ( lage bloeddruk)
  • spierkrampen
  • verwardheid
  • uitdroging
  • jichtaanval


 

Pantozol®

medicatie groep:protopomremmers
Werking: maagzuursecretie wordt geremd, gedurende 24 uur.
Meest voorkomende bijwerking:

Meest voorkomende bijwerkingen:

  • pijn in de bovenbuik
  • diarree
  • obstipatie
  • hoofdpijn.

 

Overig

Wilt u meer weten over een medicijn dat u gebruikt en staat het niet vermeld op deze site? Kijk dan in het Farmacotherapeutisch Kompas op internet via onderstaande link.
Hebt u daarna nog vragen? Neem dan contact op met de arts of verpleegkundige van het steunhartteam.

Medicijn inname

Uw arts schrijft u medicijnen voor, maar u bent zelf verantwoordelijk voor het innemen van de juiste hoeveelheid op het juiste tijdstip. Neemt u niet de juiste hoeveelheid op het juiste tijdstip, dan kan het medicijn zijn werk niet goed doen. Vooral als u veel
medicijnen gebruikt, is het soms moeilijk alle medicijnen op het juiste moment te slikken.


Tips:

  • Schrijf van alle medicijnen de naam en de innametijd op. De apotheek heeft hiervoor speciale medicatiekaarten.
  • Neem deze kaart altijd mee als u naar een arts gaat.
  • Schrijft de arts een nieuw medicijn voor? Kijk dan met de arts wanneer u dit medicijn het best kunt innemen.
  • Moet u één of meerdere medicijnen persé op een afwijkend tijdstip innemen? Overleg dan met uw arts of apotheker of u op die tijd ook een aantal andere medicijnen mag innemen. Zo beperkt u het aantal innametijden.
  • Hebt u veel last van bijwerkingen? Bespreek dat dan met uw arts. Er zijn vaak nog andere medicijnen beschikbaar, die misschien voor u minder bijwerkingen hebben.


 

Disclaimer© 2006-2014 UMC Utrecht, Alle rechten voorbehouden