Alarmering thuis

Een beademingsapparaat kan alarmeren. Bijvoorbeeld als de slang losschiet of afgeknikt is. In dat geval zal een beademingsapparaat een alarmsignaal af geven. Het is van groot belang dat of de patiënt zelf of iemand die hem/haar verzorgt actie onderneemt om te kijken wat er aan de hand is.

In een thuissituatie kan het voorkomen dat de patiënt 'beneden' slaapt en de verzorgende 'boven'. Het is belangrijk dat een alarm daar gehoord of bemerkt wordt dat er actie op ondernomen kan worden. Ook is het van belang dat er alarm klinkt als het echt nodig is en dat er geen 'valse' alarmering plaatsvindt.

Technische oplossingen in deze worden in overleg met de patiënt, het CTB en de afdeling Medische Technologie & Multimedia gerealiseerd.
Disclaimer© 2006-2012 UMC Utrecht, Alle rechten voorbehouden