Risk management in Utrecht and Leiden Evaluation study

Patiënten met symptomen van slagaderverkalking (atherosclerose) hebben een verhoogde kans op nieuwe uitingen van slagaderverkalking. Niet alleen in het orgaan dat al eerder symptomen gaf, maar ook op andere plaatsen in het lichaam. Vaak wordt atherosclerose behandeld door de doorgankelijkheid van vaten te herstellen (bijvoorbeeld een dotter of vaatoperatie). Daarnaast moet geprobeerd worden om het risico van toekomstige nieuwe symptomen van slagaderverkalking te verlagen. Dit kan alleen door bepaalde factoren die het risico verhogen aan te pakken.

Er zijn een aantal risicofactoren die de kans op atherosclerose vergroten:
• te hoge bloeddruk
• te hoog cholesterol
• te hoog homocysteïne
• te hoog glucose
• roken
• overgewicht
• te weinig lichaamsbeweging

Bij mensen die al een vaatziekte hebben, is de kans groot dat er opnieuw (nog) een vaatprobleem op dezelfde of op een andere plaats in het lichaam ontstaat. Behandeling van risicofactoren en leefstijlverandering bij patiënten met manifest vaatlijden kan de kans op het ontstaan van een nieuw incident verminderen.

Bij patiënten met hart- en vaatziekten of een risicofactor hiervoor wordt sinds 1996 systematisch gescreend op risicofactoren en manifestaties van atherosclerose via het Second Manifestations of Arterial disease (SMART) protocol. Na deze uitgebreide screening op risicofactoren en manifestaties van atherosclerose volgt een multidisciplinair therapie-advies, waarbij internist, cardioloog, vaatchirurg en nurse practitioner gezamenlijk adviezen uitbrengen voor de behandelend (huis)arts. Het project is multidisciplinair en heeft een zorginhoudelijke kant en een wetenschappelijk deel die volledig zijn geïntegreerd. Om de effectiviteit van dit project te onderzoeken worden patiënten die een jaar geleden in het UMC Utrecht zijn behandeld vergeleken met een groep patiënten uit het Leids Universitair Medisch Centrum (LUMC).


Patiënten
In Utrecht worden 600 patiënten met diabetes type 2, cerebrale ischemie, coronair arterieel lijden en claudicatio intermittens (150 per diagnose) teruggevraagd in het UMC Utrecht. Het merendeelzijn SMART patiënten.
In Leiden worden ook 600 vergelijkbare patiënten teruggevraagd.


Het onderzoek
Alle 1200 patiënten worden gevraagd om eenmalig langs te komen of in het UMC Utrecht (600 patiënten) of LUMC (600 patiënten) voor een aantal niet belastende onderzoeken. De volgende metingen worden verricht:
• bloeddruk
• gewicht en lengte
• heup- en taille omtrek
• bloed en urine worden voor onderzoek afgenomen.
Tevens krijgen de patiënten een vragenlijst toegestuurd waarin gevraagd wordt naar de voorgeschiedenis van hart- en vaatziekten, risicofactoren, medicatiegebruik, rook- en drinkgedrag, lichaamsbeweging en kwaliteit van leven.

De risicofactoren van de Leidse en Utrechtse patiënten worden na 1 jaar met elkaar vergeleken, om de effectiviteit van het SMART programma te toetsen. Dit kan helpen om betere richtlijnen en preventieprogramma’s voor de behandeling van hart- en vaatziekten en de risicofactoren te ontwikkelen. Het uiteindelijke doel van het wetenschappelijk onderzoek is om de zorg en behandeling van patiënten met hart- en vaatziekten in de toekomst te verbeteren.

Disclaimer© 2006-2012 UMC Utrecht, Alle rechten voorbehouden