Informatie voor medische specialisten

Achtergrond onderzoek

Idiopathische Gegeneraliseerde Epilepsie (IGE) is een frequent voorkomende vorm van epilepsie, die gekenmerkt wordt door een algemeen verspreide ontregeling van de elektrische signalen in de hersenen van de patiënt. Onder de aanduiding IGE vallen verschillende vormen van epilepsie, zoals Juveniele Myoclonus Epilepsie (JME), Juveniele Absence Epilepsie (JAE), PhotoSensitieve Epilepsie (PSE) en Gegeneraliseerde Epilepsie met Koorts (Febriele) Stuipen plus andere epileptische aanvallen (GEFS+).

IGE is een complexe genetische ziekte, het wordt veroorzaakt door een combinatie van meerdere genetische en omgevingsfactoren. Door koppelingsonderzoek in IGE families zijn al meerdere genen en chromosomale gebieden gevonden die een rol kunnen spelen bij het ontstaan van IGE. De op deze manier gevonden epilepsie genen blijken echter slechts bij een klein aantal IGE patiënten, diegene met een sterke familie clustering van epilepsie, een rol te spelen. Voor de detectie van genetische factoren die een rol spelen in de grote groep van IGE patiënten (zonder familieclustering) is een andere aanpak noodzakelijk. Algemeen wordt verondersteld dat meerdere laagrisico factoren een rol spelen bij het ontstaan van IGE. Deze laagrisico genetische factoren zijn moeilijk te detecteren door middel van familie studies, maar eenvoudiger door associatie studies in een grote groep patiënten en controles. Bij zo'n associatie studie wordt de frequentie van variaties in kandidaat-genen, of kandidaat chromosomale regio's in patiënten vergeleken met de frequentie in de controlegroep. Een hogere frequentie bij patiënten duidt op een mogelijk verband tussen deze genetische variatie en IGE.

Onderszoeksvraag

Dit onderzoek streeft ernaar een grote groep homogene IGE patiënten te verzamelen, zodanig dat een krachtige associatie studie naar genetische risicofactoren voor algemeen voorkomende (sporadische) IGE uitgevoerd kan worden. Het uiteindelijke doel van deze studie is de identificatie van die genvariaties die de gevoeligheid voor IGE beïnvloeden.

Werkplan onderzoek

Om IGE patiënten te selecteren kan in de lokale EEG databases worden gezocht op karakteristieken van IGE. Dit zal per database kunnen verschillen. Met criteria als "gegeneraliseerde ontladingen" en "flitsgevoeligheid" kunnen de meeste IGE patiënten geselecteerd worden.
Daarnaast kunnen geschikte patiënten, die recent zijn gediagnosticeerd en/of (nog) in behandeling zijn, worden geselecteerd op het spreekuur door de behandelend en deelnemend neuroloog. Hierbij bestaat de mogelijkheid de patiënten direct mondeling te informeren en met hun toestemming aan te melden bij het NIGO.

Van de geselecteerde patiënten zal in nauw contact met de behandelende neurologen de definitieve fenotypering worden gemaakt. Hierna zal een team van neurologen op basis van deze fenotypering besluiten of deze patiënten kunnen worden geïncludeerd.
Daarna zullen, z.n. na overleg met de behandelend neuroloog, de IGE patiënten door de researchverpleegkundige schriftelijk worden benaderd en geïnformeerd met daarbij het verzoek te participeren in deze studie. Na een positieve respons kan de patient, met behulp van een thuisgestuurd bloedafname-pakket, in zijn/haar eigen omgeving de bloedafname laten verzorgen.

Deze studie richt zich uitsluitend op de meest frequent voorkomende vorm van epilepsie: de IGE, waarvan de onderliggende oorzaak nog niet bekend is. Hierbij moet worden opgemerkt dat wij ons richten op de algemene IGE patiënt met een goed behandelbare epilepsie, zonder mentale retardatie. Wilsonbekwaamheid met betrekking tot toestemming voor deelname aan de studie zal derhalve alleen meespelen vanwege een lage leeftijd. De studie richt zich voorts juist op het veel grotere aantal patiënten met IGE dat geen positieve familie anamnese heeft. In geval van een positieve familieanamnese kan slechts één van de patiënten uit de familie aan de Case Control studie deelnemen (geïmplementeerd door random selectie). Daarnaast kan de gehele familie desgewenst wel deelnemen aan het koppelingsonderzoek, maar dat staat geheel los van deze studie.

Wij verwachten dat de verzameling van patiënten in een Case Control studie in een belangrijke mate zullen bijdragen in de identificatie van ‘epilepsie genen’ en daarmee in de diagnostiek, erfelijkheidsvoorlichting, en begrip van IGE. Op lange termijn kan de identificatie van epilepsie genen een belangrijke rol spelen in de ontwikkeling van nieuwe medicatie en geneeswijzen.

Onderzoekers

Het onderzoek is een initiatief van de afdeling Medische Genetica van het Universitair Medisch Centrum Utrecht. De belangrijkste onderzoekers zijn dr. B.P.C. Koeleman, moleculair geneticus, en prof. dr. D. Lindhout, kinderarts. Prof. Lindhout (voorheen werkzaam in Rotterdam) is al een aantal jaren betrokken bij genetisch onderzoek van IGE. Dr. Koeleman coördineert het onderzoek samen met Mw A. Sonsma, researchverpleegkundige.


Vragen en  inlichtingen

Wanneer u vragen heeft, dan kunt u contact opnemen met:

Anja Sonsma, researchverpleegkundige
telefoon 088 – 7553820 (op maandag/dinsdag/donderdag),
email: a.sonsma@umcutrecht.nl

of met

Bobby Koeleman, onderzoeker
telefoon: 088 – 7568204
email: b.p.c.koeleman@umcutrecht.nl
Disclaimer© 2006-2012 UMC Utrecht, Alle rechten voorbehouden