Volg wat er gebeurt:
- is het kind zich anders gaan gedragen sinds de gebeurtenis?
- krijgt u duidelijke signalen van klachten?
- hoe gaat het met de schoolprestaties?
- komen ouders met zorgen naar u toe?
- heeft u het gevoel dat het kind zich erg terugtrekt?
- nemen stressreacties af of juist toe?
Twee of drie zien meer dan één: bespreek gedrag van een kind tijdens een leerlingenbespreking en/of met de intern begeleider. Laat eventueel een collega een keer meekijken in de klas om het gedrag te observeren. Bespreek ook met de vorige leerkracht van het kind hoe het zich vroeger gedroeg en wat eventuele verschillen zijn met nu. Stem daarnaast af met de ouders: bespreek eens in de paar weken hoe het op school en thuis gaat en welke zorgen er misschien zijn.
Het is een natuurlijke reactie om een kind op korte termijn veel aandacht te geven en het daarna af te bouwen. Dat is goed, maar let wel op dat een kind gedurende lange tijd (soms zelfs jaren) bepaalde stressklachten kan houden, zelfs als het kind verder goed functioneert. Het is daarom belangrijk om niet alleen in de maanden kort na een schokkende gebeurtenis maar ook in de jaren erna op te blijven letten hoe het gaat met een kind. Observeer het gedrag van het kind in de klas. Zorg dat het kind weet dat hij/zij, ook al is het al een tijd geleden, gerust over de gebeurtenis mag praten. Stel bijvoorbeeld één keer per schooljaar zelf de vraag aan het kind hoe hij/zij nu tegen de gebeurtenis aankijkt.
Tip van een collega:
“Wij hebben nu ook 10-minutengesprekjes met de kinderen zelf. Dat is echt geweldig… Dus dat je eerst kernkwaliteiten bij kinderen benoemt en hoe je ze echt waardeert en hoe je hen ziet in de klas en dan vervolgens kunnen ze zelf met dingetjes komen… We merken dat uit die gesprekken ook weer dingen komen die we niet wisten.” |
Zorg dat er een goede overdracht is naar de leerkracht van het volgende schooljaar. Geef niet alleen door dat een kind iets heeft meegemaakt, maar ook wat uw aanpak is geweest en wat een kind wel en niet prettig vindt.
Gespreksvoering:
Soms weet u niet dat een kind een schokkende gebeurtenis heeft meegemaakt. Vraag uzelf altijd af of er iets gebeurd is als u ziet dat een kind zich anders gedraagt of dat schoolprestaties achteruit gaan. Vraag aan het kind hoe het gaat. Boeken met tips over gespreksvoering met kinderen vindt u op de website. Als u zich zorgen blijft maken, bespreek dit met collega’s en ouders.
Als u met ouders in gesprek gaat over vermoedens gelden dezelfde tips als voor ‘slechtnieuwsgesprekken’:
- start meteen met de hoofdzaak van het gesprek - beschrijf het gedrag van het kind zonder het te interpreteren - zoek samen met ouders naar verklaringen en oplossingen - vat het gesprek voor uzelf samen op papier |