Voeding

Vanwege de verhoogde kans op infecties na de transplantatie krijgt u bacteriearme voeding. Dit houdt onder andere in dat u:

  • veel eenpersoonsverpakkingen krijgt,
  • sommige voedingsmiddelen niet mag eten, zoals rauwkost, rauwe vleeswaren en buitenlands kaassoorten
  • alleen voedingsmiddelen mag eten die u via het ziekenhuis krijgt

De voeding moet voldoen aan de eisen van de algemene gezonde voeding. Dat wil zeggen:

  • niet te zout
  • niet te vet en
  • met weinig cholesterol

Soms is een eiwit- of energieverrijkt dieet nodig. Dan krijgt u pakjes drinkvoeding en eventueel sondevoeding. Eén of twee keer per week komt de diëtiste bij u langs om te overleggen over het dieet. Wanneer u naar huis gaat krijgt u informatie mee om ook thuis een goede voeding te gebruiken.
Disclaimer© 2006-2012 UMC Utrecht, All rights reserved