De kwantitatieve bepaling van aminozuren gebeurt met een kationenwisselaar. De scheiding van de aminozuren berust op het verschil in mobiliteit bij de verschillende kolomcondities. De verschillende condities worden bereikt door gebruik te maken van een flow- en temperatuurgradiënt, waarbij buffers gebruikt worden met verschillende ionsterktes en pH’s.
Postkolom wordt ninhydrine reagens aan het eluaat toegevoegd. In een verwarmde reactie spiraal wordt katalytisch een UV absorberende verbinding gevormd, waarna detectie plaatsvindt. De mate van absorptie is een maat voor de concentratie van het aminozuur.
De bepaling in urine gebeurt enkel kwalitatief, tenzij in overleg met de klinisch chemicus kwantificering nodig geacht wordt. De bepaling in plasma en liquor gebeurt altijd kwantitatief.
Soort en benodigde hoeveelheid materiaal
Voor het uitvoeren van deze bepaling is 250 μl urine, plasma of liquor nodig.
Verzendcondities
De verzendcondities van het materiaal zijn standaard en staan beschreven in de paragraaf Materiaal.
Doorlooptijd
Deze analyse valt onder de categorie Basisdiagnostiek.
Mogelijke interferentie(s)
- De scheiding van aminozuren is erg complex en het is onmogelijk om in een methode alles te scheiden. Er wordt altijd kritisch naar de resultaten gekeken.
- Er kunnen storende verbindingen afkomstig zijn uit diverse medicijnen, penicilline (en -derivaten).
- Diverse aminozuren zijn gevoelig voor ontleding en/of binding aan eiwitten. Hoe sneller het bloed afgedraaid wordt, des te minder zal dit gebeuren. Het gaat met name om de zwavelhoudende aminozuren (S-sulfo-cystine, cystine, methionine, homocysteine en tryptofaan). Van deze aminozuren wordt alleen cystine gekwantificeerd.
- In zuur milieu vindt omzetting plaats van asparagine en glutamine in respectievelijk asparaginezuur en glutaminezuur.
- In gehemolyseerd bloed is de arginine concentratie verlaagd en de ornithine concentratie verhoogd door enzymatische omzetting van arginine in ornithine.
- In gehemolyseerd bloed kan tevens gereduceerd en geoxideerd gluthathion voorkomen. Dit is afkomstig uit de erytrocyten.
- Liquor met bloedcellen geeft een vertekend beeld door hemolyse van erytrocyten, waardoor aminozuren vrijkomen.
- Post mortem materiaal geeft vaak een vertekend beeld. Door het celversterf lekken aminozuren uit cellen en weefsels. De concentraties van de verschillende aminozuren kunnen enorm oplopen.
Extra informatie
- De volgende aminozuren kunnen kwantitatief worden bepaald
| Alanine |
Hydroxyproline |
| a- aminoboterzuur |
Isoleucine |
| δ-aminolevulinaat (in urine) |
Leucine |
| Arginine |
Lysine |
| Aspargine |
Methionine (in plasma/liquor) |
| Asparginezuur |
Ornithine |
| Citrulline |
Phenylalanine |
| Cystathionine |
Proline |
| Cystine |
Sarcosine |
| Glutamine |
Serine |
| Glutaminezuur |
Taurine |
| Glycine |
Threonine |
| Histidine |
Tyrosine |
| Homocitrulline (in urine) |
Valine |
| Hydroxylysine |
|
Op verzoek kunnen andere aminozuren zowel kwantitatief als kwalitatief bepaald worden.
- Het is mogelijk deze analyse met voorrang/spoed aan te vragen. Hiervoor dient u vooraf contact op te nemen, zie aanvraagprocedure.
- Voor deze analyse wordt deelgenomen aan ringonderzoek(en).
Referentiewaarden
Bijna alle referentiewaarden worden vermeld in de uitslagbrief. Voor meer
informatie kunt u zich wenden tot de afdeling.
Voor kwalitatieve analyses gelden geen normaalwaarden. Alle kwalitatieve analyses worden visueel beoordeeld. Het commentaar hiervan vindt u op de uitslagbrief. Heeft u vragen over de interpretatie, dan kunt u contact opnemen met de afdeling.
Ziektebeelden
Aminozuren in plasma (kwantitatief)
o.a.
- Phenylketonurie (PKU)
- tyrosinemie type I
- MSUD
- ureumcyclus defecten
- serine biosynthese defecten (o.a. 3-fosfoglyceraat dehydrogenase deficiëntie)
- mitochondriale ziekten.
Aminozuren in urine (kwalitatief)
o.a.
- Cystinurie
- lysinurische eiwit intolerantie (LPI)
- ureumcyclus defecten
- ziekte van Hartnup
- prolidase deficiëntie
.
Datum: 20-07-2010