De genees- en verpleegkunde hebben de laatste honderd jaar grote vooruitgang doorgemaakt. Maar zelfs na de ontdekkingen van de antibiotica op het gebied van de microbiologie, blijven (ziekenhuis)infecties een steeds terugkerend probleem. Infecties betekenen, behalve pijn en ongemak voor de patiënt, meestal een verlenging van de opnameduur, een intensievere zorg en altijd een verhoging van de kosten. Ziekenhuisinfecties kunnen voor een belangrijk deel voorkomen worden door goede hygiënische voorzorgsmaatregelen in acht te nemen. Preventie van ziekenhuisinfecties is een verantwoordelijkheid van alle werknemers in een ziekenhuis!
Onder hygiënische voorzorgsmaatregelen verstaat men de zorg voor ons eigen lichaam om te voorkomen dat we zelf, maar ook de mensen waarmee we in contact komen, ziek worden. De meest effectieve maatregel om verspreiding van pathogene micro-organismen te voorkomen, is het consequent wassen en/of desinfecteren van de handen. Ook leidt het dragen van beschermende kleding tot een verminderde overdracht van micro-organismen. De maatregelen gelden zonder uitzondering voor elke medewerker in het ziekenhuis. Zij gelden op afdelingen waar gewerkt wordt met patiënten, met materiaal afkomstig van patiënten, geneesmiddelen, voedsel en andere voor patiënten bestemde zaken.
1.1 Algemene hygiënische maatregelen
Handenhygiëne
Bij patiënten met een normale weerstand tegen infecties kunnen handenreiniging en handendesinfectie als gelijkwaardige methodes ter voorkoming van verspreiding van pathogene micro-organismen via de handen worden beschouwd.
-
Bij zichtbare verontreiniging:
- handen en onderarmen wassen met water en zeep
- goed drogen met een wegwerphanddoek
Bij niet zichtbare verontreiniging kan in alle gevallen worden volstaan met handenalcohol
Handendesinfectie met handenalcohol heeft wel enkele praktische voordelen:
-
de tijdwinst ten opzichte van het wassen met water en zeep, die groter is naarmate de wastafel verder verwijderd is,
-
het met nog natte handen aanraken van voorwerpen is toelaatbaar als het alcoholische desinfectie betreft en niet als het wassen met water en zeep betreft,
-
de huidvriendelijkheid van desinfectie met handenalcohol.
Sieraden
Het dragen van ringen (ook gladde ringen), armbanden en polshorloges gedurende de werkzaamheden is verboden. Het afdoende reinigen van de huid ter plaatse van de ring is onmogelijk en bovendien kunnen sieraden de patiënt verwonden. Lange oorhangers worden afgeraden omdat door wrijving met haren en halshuid huidschilfers (met daarop micro-organismen) losraken. Oorknopjes zijn wel toegestaan. Piercings dienen verwijderd te worden indien deze hinderlijk zijn bij de behandeling/verzorging.
Nagels
Nagels dienen kortgeknipt, schoon en verzorgd te zijn. Onder lange nagels kan zich gemakkelijk vuil (dus micro-organismen) ophopen. Nagellak en kunstnagels zijn niet toegestaan.
Haar
Haar dient schoon en verzorgd te zijn. Het haar zal opgestoken, bijeengebonden of kort (schoudervrij) gedragen moeten worden.
Baarden en snorren
Deze dienen verzorgd te zijn. Dat wil zeggen schoon, en kort geknipt. In ruimten waar invasieve ingrepen worden verricht, moeten baard en snor volledig zijn afgedekt.
Schoeisel
Aan schoenen worden geen speciale eisen gesteld, behalve dat ze goed en makkelijk te reinigen moeten zijn. In het OK-complex worden om deze redenen speciale klompen gedragen.
Gebruik van zakdoeken
Men dient tijdens de dienst gebruik te maken van papieren zakdoeken. Na het snuiten van de neus moet men de zakdoek wegwerpen en de handen wassen of desinfecteren met handenalcohol.
Kleding
Iedereen die met patiënten en/of patiëntenmateriaal in aanraking komt, moet dienstkleding dragen. Dienstkleding wordt zo mogelijk dagelijks en bij zichtbare verontreiniging gewisseld. Het is niet toegestaan om over dienstkleding shawls, vesten en dergelijke te dragen. Draagt men dienstkleding over eigen kleding dan moet de dienstkleding gesloten gedragen worden en er mogen geen mouwen of kragen onder de dienstkleding uit komen. Dienstkleding is een verzamelplaats van micro-organismen en moet door het ziekenhuis gewassen worden. Vuile kleding moet van schone kleding gescheiden worden opgeslagen.
1.2 Aanvullende hygiënische maatregelen
Wondjes
Open wondjes aan de handen en/of huidbeschadigingen moeten afgedekt worden met een niet vochtdoorlatende pleister. Eventueel kunnen handschoenen worden gedragen.
Handschoenen (niet steriele)
Handschoenen worden gedragen wanneer de handen in contact komen of kunnen komen met bloed, lichaamsvochten, excreta, slijmvliezen, niet intacte-huid, of verpleeg- en behandelmaterialen die hiermee in aanraking zijn geweest. Dat is van belang in verband met het risico van besmetting van de medewerker. Handschoenen verkleinen de kans dat micro-organismen op de handen van personeel worden overgedragen naar patiënten, tijdens zorghandelingen, waarbij contact is met slijmvlies of niet-intacte huid. Ook het risico dat micro-organismen via handen van personeel worden overgebracht van de ene patiënt naar de andere patiënt wordt verkleind. Handschoenen zijn voor eenmalig gebruik per patiënt. Wanneer de handelingen van schoon naar vuil plaatsvinden, kan worden volstaan met hetzelfde paar. De handen moeten, wanneer daar een indicatie voor is, voor het aantrekken en altijd direct na het uittrekken van de handschoenen gewassen of gedesinfecteerd worden. Het dragen van handschoenen is geen alternatief voor handenreiniging of -desinfectie. De indicaties voor het dragen van steriele handschoenen zijn beperkt tot specifieke zorghandelingen (zoals het werken met steriel materiaal of onder aseptische condities).
Beschermende kleding
Beschermende kleding dient om te voorkomen dat overdracht van micro-organismen op dienstkleding plaatsvindt en wordt daarom over de dienstkleding gedragen. Beschermende kleding moet gedragen worden als men direct met mogelijk besmet patiëntenmateriaal in aanraking kan komen. Beschermende kleding kan bestaan uit een jas met korte mouwen, een jas met lange mouwen of een plastic schort. Deze kleding moet altijd gesloten gedragen worden.
NB U ontvangt meer specifieke informatie in bijzondere situaties, bijvoorbeeld wanneer u betrokken wordt bij de verzorging van een besmette/ isolatiepatiënt.
Beschermende kleding kan voor eenmalig (disposable schorten) of voor meermalig gebruik zijn. Deze laatster wordt vervangen bij verontreiniging of per dienst.
Beschermende bril
Een beschermende bril moet gedragen worden bij iedere handeling waarbij kans bestaat op spatten of spuiten van bloed en/of andere lichaamsvochten, secreta en excreta. Een normale bril kan als beschermende bril worden gedragen als deze goed te reinigen is met water en zeep en gedesinfecteerd kan worden met alcohol 60-80 %.
Face-shields zijn ook geschikt om de ogen te beschermen. Leesbrillen met halve glazen en contactlenzen geven geen bescherming.
Na iedere verontreiniging moet een (beschermende) bril gereinigd en daarna gedesinfecteerd worden met alcohol 70-80%.
Mondneusmaskers
In het ziekenhuis worden twee soorten maskers gebruikt:
- Chirurgisch masker
Dit masker wordt toegepast bij specifieke zorghandelingen waarbij onder aseptische condities wordt gewerkt en bij handelingen waarbij kans is op spatten of spuiten van bloed of spatten van andere excreta.
- Isolatiemasker
Dit masker geeft extra ademhalingsbescherming door de filterende werking om te voorkomen dat via aërosolen pathogene micro-organismen worden ingeademd.
Deze maskers worden toegepast bij patiënten in isolatie worden verpleegd waarbij dit masker wordt geadviseerd. Ook bij een klinische verdenking op besmettelijke ziekten (TBC, braken) is het advies zo’n masker te dragen. Het masker dient na gebruik weggegooid te worden.
1.3 Hoest- nies hygiëne
Goede hoesthygiëne bestaat uit:
- Hoesten met een afgewend gezicht.
- Hoesten met de hand voor de mond, waarbij een papieren zakdoek wordt gebruikt.
- De papieren zakdoek maar één keer gebruiken en weggooien in de afvalemmer.
- Na het hoesten de handen wassen met ruim water en zeep of inwrijven met handalcohol.
Bovenstaande geldt ook voor niezen.