De docenten zijn er verantwoordelijk voor dat studenten tijdens practica niet onnodig worden blootgesteld aan gevaarlijke situaties. Waar nodig zijn veiligheidsinstructies opgenomen in de handleiding en wordt er tijdens de practica voor gezorgd dat de juiste persoonlijke beschermingsmiddelen aanwezig zijn. De docenten en assistenten zien er op toe dat de instructies nageleefd worden en op de juiste wijze gebruik gemaakt wordt van de beschikbare middelen. Voor het veilig werken in de practicum ruimten en de Skills labs gelden de volgende regels:
- Laat jassen en tassen in de garderobe achter.
- Eten en drinken in de practicumzaal is verboden.
- Tappunten in practicumzalen geven geen drinkwater.
- Begin nooit onvoorbereid aan een practicum, informeer vooraf naar mogelijke risico’s van de te gebruiken materialen.
- Draag, op aanwijzing van handleiding, docenten of assistenten, persoonlijke beschermingsmiddelen.
- Maak, op aanwijzing van handleiding, docenten of assistenten, gebruik van hulpmiddelen en voorzieningen, zoals pipetteerballon, zuurkast.
- Vraag, vóór gebruik van apparatuur, om instructie en toestemming van docenten of assistenten.
- Laat proefopstellingen niet onbeheerd achter.
- Controleer aan het einde van het practicum of elektriciteit, gas- en waterkranen zijn afgesloten.
- Stel u op de hoogte van aanwezige vluchtroutes, blusmiddelen, nood- en oogdouches (in de practica ruimten hangen ontruimingsinstructies).
- Bijgebruik van scherp materiaal als naalden:
- Steek naalden nooit terug in de hoes maar direct na gebruik in de naaldencontainer.
- Loop niet onnodig met gebruikte naalden rond (er zijn naaldencontainers op de verschillende priklocaties);
- Laat scherp afval (glasscherven, naalden) nooit in vuilnisbakken of –zakken achter;
- Vul naaldencontainers niet meer dan 75%.
- Pas handenhygiëne toe bij het verlaten van de practicumzaal.