Een aangeboren hartafwijking in de familie
Jos en Heleen zijn voor de eerste keer zwanger. Heleen is 27 jaar. De zus van Jos is een half jaar na de geboorte overleden door een aangeboren hartafwijking. Heleen heeft daardoor een medische indicatie voor geavanceerd echo-onderzoek.
Bij een zwangerschapsduur van 20 weken wordt het geavanceerde echo-onderzoek uitgevoerd. Er is behalve een gynaecoloog ook een kinderhartarts aanwezig. De gynaecoloog bekijkt alle organen en lichamelijke structuren van de baby. De kinderhartarts kijkt samen met de gynaecoloog naar het hart van de baby. Er worden geen lichamelijke afwijkingen bij de baby vastgesteld. Er wordt geen nieuwe afspraak voor vervolg echo-onderzoek gemaakt. Jos en Heleen zijn opgelucht.
Tijdens de zwangerschap wordt een afwijking bij de baby vastgesteld
Fatima is voor de eerste keer zwanger. Zij is bij een verloskundige onder controle. Bij een zwangerschapsduur van 28 weken voelt Fatima de baby minder bewegen dan voorheen en de buik van Fatima neemt sterk in omvang toe. De verloskundige stuurt Fatima voor onderzoek naar een ziekenhuis. Daar wordt vastgesteld dat er teveel vruchtwater in de baarmoeder is. Er wordt geavanceerd echo-onderzoek uitgevoerd. Bij dat onderzoek blijkt dat de baby waarschijnlijk een afsluiting van de slokdarm heeft. Daardoor kan de baby vruchtwater niet goed doorslikken en ontstaat een overmaat aan vruchtwater. Omdat een afsluiting van de slokdarm soms met chromosoomafwijkingen gepaard gaat, krijgt Fatima het advies een vruchtwaterpunctie voor chromosoomonderzoek bij de baby te laten doen. Fatima wil geen vruchtwaterpunctie omdat zij de zwangerschap niet aan risico’s bloot wil stellen. De baby wordt uiteindelijk bij een zwangerschapsduur van 34 weken geboren. De baby heeft inderdaad een afsluiting van de slokdarm. Door middel van een operatie kan de afsluiting verholpen worden, en de baby zal er daarna geen last meer van hebben.
Doordat bekend was dat de baby een afwijking had is de baby optimaal opgevangen.
Een afwijking bij de baby aan het einde van de zwangerschap ontdekt; toch blij geen 20-weken echo gehad te hebben
Achmed en Soraya verwachten hun derde kind. De zwangerschapsduur is 39 weken. De zwangerschap is gecontroleerd door de verloskundige en er is tijdens de zwangerschap geen echo-onderzoek gedaan. De vliezen zijn net gebroken. Er zijn geen weeën. Soraya wordt door de verloskundige naar het ziekenhuis gestuurd omdat het hoofdje van de baby niet is ingedaald. Er wordt een echo gemaakt door de gynaecoloog. De gynaecoloog ziet een open rug bij de baby en tevens een waterhoofd. Het ziet er ernstig uit.
Achmed en Soraya hebben geen spijt dat zij eerder in de zwangerschap geen 20-weken echo hebben laten maken. Zij zouden de zwangerschap nooit hebben willen laten afbreken. Nu hebben zij door niet te weten over de afwijking bij hun kind een fijne zwangerschap gehad. Dat kan hen niet meer afgenomen worden.