Paul de Vreede adviseert het trainen van functionele taken op te nemen in trainingen die het dagelijks functioneren van ouderen moeten verbeteren. Hij ontwikkelde een nieuw beweegprogramma voor ouderen, dat zich richt op de dagelijkse handelingen die als eerste problemen gaan opleveren, zoals traplopen, zich buitenshuis verplaatsen en opstaan uit een stoel of bed.
Motorische aspecten
De Vreede verdeelde 98 zelfstandig wonende vrouwen van zeventigplus over een groep die de functionele taken trainde, een groep die spierversterkende weerstandtraining kreeg en een controlegroep. De groepen volgden twaalf weken lang drie trainingssessies per week. Zo werd tijdens het oefenen van 'enkele voorwerpen uit een hoge kast pakken en boodschappen doen', de motorische aspecten veranderd door de deelnemer meer voorwerpen te laten pakken of de voorwerpen op verschillende manieren te laten dragen.
Positief effect
Zes maanden na het beëindigen van de trainingen bestond er nog steeds een positief effect op de uitvoering van dagelijkse activiteiten in de groep die functionele taken trainde, terwijl de verbeterde spierkracht van de krachtgroep was verdwenen.