Het verband tussen diabetes en hersenschade wordt niet alleen veroorzaakt door afwijkende bloedsuikerspiegels maar ook door vasculaire risicofactoren. Dat concludeert neuropsycholoog Ineke Brands in haar promotieonderzoek dat ze uitvoerde aan het UMC Utrecht.
Oudere patiënten met diabetes type II hebben een lichte vorm van hersenschade en daarmee samenhangende cognitieve problemen. Maar ouderen die langdurig lijden aan diabetes type I vertonen nauwelijks hersenschade of cognitieve achteruitgang.
Brands vergeleek in haar onderzoek patiënten tussen de 55 en 75 jaar met diabetes type I, patiënten met diabetes type II en mensen zonder diabetes. Bij de patiënten vond zij lichte afwijkingen in de cognitieve functies. Vooral de snelheid waarmee de hersenen informatie kunnen verwerken was lager dan bij de gezonde personen. Bij de type 1-patiënten werden geen veranderingen op de hersenscan gevonden, maar bij de type 2-patiënten kwam dit relatief vaak voor. Verrassend genoeg deden patiënten die al 35 jaar lijden aan diabetes type I het net zo goed als mensen die pas 7 jaar diabetes type II hebben.
Dit betekent dat frequent terugkerende lage suikerspiegels in het bloed, waar type I-patiënten wel en type II-patiënten veel minder last van hebben, niet de oorzaak zijn van deze hersenschade. Het betekent ook dat de hersenschade bij patiënten met diabetes niet alleen het gevolg is van schade aan de kleine bloedvaten door chronisch verhoogde bloedsuikerspiegels. Brands denkt dat andere problemen met bloedvaten zoals atherosclerose, veroorzaakt door bijvoorbeeld hoge bloeddruk en een te hoog cholesterol, ook een rol spelen. Artsen houden bij type I-patiënten dergelijke vaatproblemen goed in de gaten, terwijl die bij type II-patiënten, zeker in het verleden, minder aandacht kregen. Brands pleit daarom voor de adequate behandeling van vasculaire risicofactoren bij diabetes type II-patiënten. Bovendien moeten behandelaars bedacht zijn op lichte cognitieve problemen bij mensen met diabetes.
Brands was tijdens haar onderzoek verbonden aan het Helmholtz Instituut van de Universiteit Utrecht en aan het Rudolf Magnus Instituut van het UMC Utrecht. Zij promoveert op 30 maart aan de Universiteit Utrecht.
Voor nadere informatie:
UMC Utrecht, In- en Externe Communicatie
Brigitte Lobée en Annette Aarts, tel. 088 75 585 80 of 088 75 63 71.