Om te kunnen vaststellen of je autistisch bent, onderzoeken we je op de afdeling. Dat onderzoek noemen we diagnostiek.
Diagnostiek bestaat uit kinder- en jeugdpsychiatrisch onderzoek in de brede zin van het woord. Dit betekent dat je gesprekken hebt met een arts-assistent die samen met jou en je ouders jouw probleem in kaart brengt. De arts-assistent bekijkt of er nog meer onderzoek nodig is om tot een diagnose te komen. Dit noemen we aanvullend onderzoek. Voorbeelden hiervan zijn:
- psychologisch onderzoek
- gezinsdiagnostisch onderzoek
- psychodynamisch onderzoek
- laboratoriumonderzoek
- beeldvormend onderzoek
- klinisch genetisch onderzoek
De diagnostiekperiode wordt afgerond met een adviesgesprek. In dit gesprek zal de arts-assistent jou en je ouders vertellen wat zijn bevindingen zijn. Er of je autistisch bent. Dan zal de arts-assistent ook een advies geven over de behandelmogelijkheden.