
Binnenkort bezoekt u met uw kind het UMC Utrecht. U komt bij ons voor een gesprek, een onderzoek of een behandeling.
Een deel van de voorbereiding op het ziekenhuisbezoek van uw kind gebeurt in het ziekenhuis. Het belangrijkste gedeelte van de voorbereiding vindt echter thuis plaats. Daar stellen kinderen hun vragen. Wij hechten daarom veel waarde aan het informeren van ouders. U weet meer van uw kind dan wie ook. Daarom bent u het beste in staat om de informatie over te brengen, uw kind te begeleiden en vragen van uw kind te beantwoorden.
Een goed voorbereid kind heeft in het algemeen minder problemen als het weer thuis is. Het heeft ervaren dat de informatie die van tevoren gegeven is, overeenkomt met zijn of haar eigen belevingen. Het vertrouwen in de ouders en de zorgverleners blijft daardoor bestaan.
Ieder kind gaat anders om met angst, spanning of pijn. Het is voor de behandeling van uw kind belangrijk dat zorgverleners weten wat specifieke gedragingen of gewoonten zijn van uw kind. Wij vinden het prettig als u dit met ons bespreekt.
Met de informatie op onze site kunt u thuis, in de vertrouwde omgeving, uw kind voorbereiden. Op de site staan teksten over verschillende ziektebeelden en over onderzoek en behandeling in het UMC Utrecht.

Ieder kind is uniek. Daarom is ook de voorbereiding per kind verschillend.
Uitgangspunt bij een goede voorbereiding is dat uw kind zich straks zoveel mogelijk op zijn gemak voelt bij ons.
Daarvoor zijn drie dingen belangrijk:
- Duidelijke en begrijpelijke informatie vanuit de zorgverleners.
- Informatie die wij van u krijgen over speficieke gedragingen, gewoonten of angsten van uw kind. Wij kunnen daar dan zo goed mogelijk op in spelen.
- Meenemen van vertrouwd speelgoed, knuffels, foto’s, muziek of andere dingen waar uw kind rustig van wordt.
Hier staan algemene adviezen. U kunt zelf inschatten wat bij uw kind past.
- Lees zelf de informatie éérst door. Zorg dat u goed weet wat er gaat gebeuren.
- Neem rustig de tijd om de informatie samen te bespreken.
- Kies het tijdstip van voorbereiding zorgvuldig, bijvoorbeeld niet vlak voor het slapen gaan.
- Begin bij jonge kinderen niet te vroeg met voorbereiden. Ze hebben een ander tijdsbesef dan volwassenen. Jonge kinderen leven in het 'hier en nu'. Begin er een paar dagen van tevoren mee, dan hoeft uw kind niet onnodig lang ongerust te zijn. Zorg wel dat er voldoende tijd is om er nog eens op terug te komen. Bij oudere kinderen kunt u wat eerder beginnen.
- Geef vooral bij jonge kinderen niet alle informatie tegelijk. Maak een onderscheid tussen informatie over het ziekenhuis en over het onderzoek of de behandeling.
- Vraag hoe uw kind tegen het onderzoek of de behandeling aan kijkt en hoe het zich voelt. Bedenk samen hoe u eventuele spanningen kunt wegnemen.
- Vraag wat uw kind al weet en wat het nog wil weten.
- Vertel regelmatig over het ziekenhuis en wat er gaat gebeuren. Vooral voor jonge kinderen is dit belangrijk.
- Vertel zo eenvoudig mogelijk. Let erop dat uw kind de informatie goed begrijpt en verwerkt. Soms gaan peuters en kleuters fantaseren over het ziekenhuis.
- Leg geen nadruk op nare dingen, maar vertel er wel eerlijk over.
- Benoem alleen wat uw kind tijdens de behandeling bewust meemaakt. Dus alles wat uw kind ziet, voelt, hoort, ruikt en proeft. Details over bijvoorbeeld de operatie zelf, zijn niet van belang.
- Laat dingen zien als u over het ziekenhuis vertelt, zoals doktersspulletjes. Of gebruik folders, boeken en internet.
- Uw kind kan bang zijn of pijn hebben, bij een bloedafname bijvoorbeeld. Bespreek thuis al hoe u uw kind dan het beste kunt helpen. Denk daarbij aan een hand vasthouden, een verhaaltje vertellen, enzovoort.
- Laat uw kind de informatie navertellen aan uzelf of aan anderen. Zo merkt u of alles begrepen is.
- Heeft u of uw kind nog vragen, schrijf deze dan op. Bij een volgend bezoek aan het ziekenhuis kunnen u en uw kind de vraag stellen.
- Op de website www.hetWKZ.nl kunt u samen met uw kind alvast een kijkje nemen in het WKZ.
- In de bibliotheek en de boekhandel zijn kinderboeken over het ziekenhuis te vinden.
Ook tijdens een onderzoek of behandeling kunt u uw kind helpen. Bijvoorbeeld door het af te leiden en te laten ontspannen. Misschien heeft u wat aan onderstaande tips:
- Uw kind voelt zich beter door de aanwezigheid van een vertrouwd persoon.
- Samen een boek met plaatjes bekijken of voorlezen. Een vertrouwd boek of juist iets nieuws?
- Zingen of muziek luisteren. Neem eigen muziek mee.
- Tellen, sommetjes oplossen of het alfabet opzeggen.
- Foto's bekijken, bijvoorbeeld van vertrouwde personen of dieren.
- Gebruik fantasie: stel je voor dat je samen in een pretpark bent, of op het strand. Wat zien jullie? Wat gaan jullie doen? Wat maken jullie mee?
- Speel een spel met de knuffel van uw kind of met handpoppen.
- Zoek lichamelijk contact: hand vasthouden, masseren, met een vinger op de huid tekenen, kriebelen of blazen.
- Doe iets verzorgends wat uw kind prettig vindt, zoals haren kammen.
- Vestig de aandacht op de ademhaling: haal samen diep adem door de neus, tel tot drie en dan de adem weer uitblazen. Ook kunt u een windmolentje meenemen, daar kan uw kind dan tegen uitblazen.
- Doe een ontspanningsoefening, bijvoorbeeld afwisselend spieren aanspannen en ontspannen. Oefen deze even van tevoren.
Tips voor uzelf- Blijf zo rustig mogelijk. Dat maakt uw kind ook rustiger.
- Richt uw aandacht op uw kind. Dus niet teveel op het onderzoek of op de andere mensen die aanwezig zijn. Zo kunt u de aandacht geven die uw kind nodig heeft.