Door middel van (rollen)spel, oefeningen in slaan, stoten en worstelen wordt gewerkt aan de lichamelijke weerbaarheid en het (her)kennen en kunnen uiten van emoties (blij, boos, bang, bedroefd).
Het programma wordt geleid door een kinder-en jeugdgedragstherapeut en twee zelfverdedigingsleraren. Er worden geen criteria voor het programma gehanteerd; alle kinderen mogen meedoen.