Zoeken

Zorgportalen

Plan uw route

Contact

Telefoonnummer
088 75 555 55


Contactgegevens

Vragen, klachten en complimenten

Lees meer

Magazine Uniek

Lees meer

Anesthesie

Algemene informatie

patiëntje samen met de ouder en anesthesioloog naar de operatiekamerDe anesthesie wordt in het Wilhelmina Kinderziekenhuis verzorgd door een team bestaande uit een tiental anesthesiologen en anesthesiemedewerkers. De anesthesioloog is de arts die zich heeft bekwaamd in de verschillende vormen van anesthesie, pijnbestrijding en intensieve zorg rond de operatie. De anesthesioloog wordt in zijn werk op de operatiekamer bijgestaan door een anesthesiemedewerker.

Anesthesie betekent letterlijk “gevoelloosheid“. Hiermee wordt bedoeld dat de pijn en het ongemak die met een operatie of onderzoek samengaan worden weggenomen.
De toediening van anesthesie heeft verschillende effecten op het lichaam:

  • het onderdrukken van pijnprikkels
  • het ontspannen van de spieren
  • het regelen van de ongewenste en onbewuste reflexen
  • het verminderen van het bewustzijn


De anesthesioloog bewaakt tijdens de anesthesie de belangrijke lichaamsfuncties zoals de ademhaling, de bloedsomloop en de temperatuurregulatie en stelt deze eventueel bij. De anesthesioloog en de anesthesiemedewerker houden uw kind onafgebroken onder controle, vanaf het moment dat u met uw kind in de operatiekamer arriveert, totdat uw kind naar de uitslaapkamer en vervolgens weer terug naar de afdeling gaat.

Vormen van anesthesie

Er zijn verschillende vormen van anesthesie:

  • algehele anesthesie (narcose)
  • alleen plaatselijke anesthesie
  • algehele anesthesie gecombineerd met plaatselijke anesthesie

Algehele anesthesieAlgehele anesthesie
Bij algehele anesthesie (narcose) wordt het gehele lichaam verdoofd en is uw kind in slaap, zodat het niets van de operatie of het onderzoek merkt. Voor de anesthesie moet uw kind nuchter zijn, dat betekent dat het niet gegeten of gedronken mag hebben (zie paragraaf 4). Het tijdstip waarop dat niet meer mag, bespreekt de anesthesioloog met u.


Plaatselijke anesthesie
Plaatselijke anesthesie is plaatselijke verdoving van een gedeelte van het lichaam, waarbij alleen dat gedeelte van het lichaam gevoelloos is. Dit wordt gedaan met of een ruggenprik of een prikje in een arm, hand, been of voet. Bij grote ingrepen kan de anesthesioloog een slangetje achterlaten om na de operatie pijnonderdrukkende medicijnen toe te dienen.

Algehele anesthesie gecombineerd met plaatselijke anesthesie
Soms wordt de algehele anesthesie gecombineerd met een plaatselijke verdoving. De combinatie wordt toegepast voor een operatie of een onderzoek, waarna veel pijn kan optreden. Door de plaatselijke verdoving heeft uw kind na de operatie of het onderzoek nauwelijks tot geen pijn. Het kan wel gedurende enige uren een zwaar gevoel in de benen geven.

De anesthesioloog bespreekt met u afhankelijk van de soort operatie, de tijdsduur en de te verwachten postoperatieve pijn welke mogelijkheden er zijn. Bij kinderen gaat in principe altijd de voorkeur uit naar algehele anesthesie wel of niet in combinatie met plaatselijke anesthesie.

Preoperatief spreekuur en preoperatief onderzoek

Indien er tot een behandeling onder anesthesie is besloten, hoort u van de chirurg of deze opname via de dagbehandeling gebeurt of dat het een opname voor meerdere dagen is waarvoor uw kind eerder wordt opgenomen.

Dagopname
Bij een dagopname krijgt u van het opnamebureau een informatiebrochure en een medische vragenlijst toegestuurd. Het is de bedoeling dat u de vragenlijst thuis invult. Er wordt een tijdstip afgesproken waarop u door de anesthesioloog en door de pedagogische medewerker wordt gebeld. De anesthesioloog heeft het medische dossier van uw kind dan bij de hand en komen de volgende punten aan de orde:

  • de medische voorgeschiedenis van uw kind, eventueel medicijngebruik en allergieën
  • vaccinaties en het heersen van eventuele besmettelijke ziekten in uw leefomgeving
  • de wijze waarop uw kind onder anesthesie wordt gebracht (met behulp van een kapje of een prikje) en welke vorm van anesthesie wordt toegepast (algeheel wel of niet in combinatie met plaatselijke anesthesie)
  • de tijd van opname en de tijd vanaf wanneer uw kind nuchter moet blijven
  • eventuele premedicatie: de premedicatie zijn pijnstillende, kalmerende middelen die uw kind op de verpleegafdeling ter voorbereiding kan krijgen

Als u vragen heeft op medisch gebied heeft kunt u deze aan de anesthesioloog stellen.

Nadat de anesthesioloog u heeft gebeld, belt de pedagogisch medewerker en komen de volgende punten aan de orde:

  • tips voor het thuis voorbereiden van uw kind
  • bijzonderheden van uw kind: wensen ten aanzien van de begeleiding of speciale voorzieningen,
  • de begeleiding tijdens de inleiding van de anesthesie: wie uw kind zal begeleiden, wat u zult zien en hoe u uw kind kan helpen,
  • uitleg over hoe uw kind na de opname kan reageren.

Op de afdeling zijn een fotoboek en voorlichtingsmateriaal beschikbaar.

Opname meerdere dagen
Bij een opname voor meerdere dagen stuurt het opnamebureau u een informatiebrochure thuis. De anesthesioloog en de pedagogische medewerker komen bij u en uw kind op de afdeling langs om dezelfde zaken als beschreven bij de dagopname te bespreken.

De operatie

Operatie Nuchter zijn
Belangrijk is dat uw kind voor de operatie nuchter is. De anesthesioloog heeft met u besproken hoelang voor de ingreep uw kind niet mag eten en drinken. De belangrijkste reden van het nuchter zijn is, dat het risico op het verslikken (krijgen van de maaginhoud in de luchtwegen) zo klein mogelijk is.

Voor zuigelingen (kinderen jonger dan 6 maanden) geldt (tenzij anders afgesproken) dat voorafgaand aan het afgesproken tijdstip van de operatie mag:

  • tot 4 uur voor de operatie een laatste melk of sondevoeding gegeven worden
  • tot 3 uur voor de operatie een laatste borstvoeding gegeven worden
  • tot 2 uur voor de operatie heldere vloeistof gedronken worden

Voor alle kinderen vanaf 6 maanden geldt (tenzij anders afgesproken) dat voorafgaand aan het afgesproken tijdstip van opname mag: 

  • tot 6 uur voor de operatie een lichte maaltijd of sondevoeding worden ingenomen 
  • tot 2 uur voor de operatie heldere vloeistof worden gedronken

Lichte maaltijd
Hieronder wordt verstaan een licht ontbijt, bijvoorbeeld brood, crackers of een beschuit met zoet beleg, (géén vleeswaren), aangevuld met melkproducten (borstvoeding, aangemaakte melk, koemelk, pap).
NB.: maaltijden die gebakken vet of vet voedsel of vlees bevatten vertragen de maagontlediging en vallen dus niet onder een lichte maaltijd

Heldere vloeistof
Water (met aanmaaksiroop), vruchtensappen zonder pulp of vruchtvlees (bijv.appelsap) thee, zwarte koffie.
Geen melkproducten.

Heldere vloeistof
Doorzichtige vloeistof zonder prik: appelsap, water, thee zonder melk.
Geen melkproducten.

Voorbereidingen
Indien voor het in slaap gaan voor een prikje is gekozen wordt een uur voor de ingreep witte verdovingszalf op de beide handruggen aangebracht. Hierdoor voelt uw kind geen pijn bij het inbrengen van het slaapinfuus. De zalf heeft enige tijd nodig om in te werken.

In de operatiekamer
U gaat met uw kind en pedagogisch medewerker naar de wachtkamer van de operatiekamer. Hier haalt de anesthesioloog en anesthesiemedewerker u en uw kind op. Eén van de ouders mag mee naar de operatiekamer. Op de operatiekamer gaat uw kind op de operatietafel zitten of liggen. Uw kind krijgt plakkertjes voor de hartbewaking op de borst geplakt en een saturatiemeter op een van de vingers of tenen. Hiermee wordt de hoeveelheid zuurstof in het bloed gemeten.

  • Indien is gekozen voor een prikje om in slaap te worden gebracht, prikt de anesthesioloog eerst het infuus. Uw kind voelt geen pijn, maar voelt wel dat hij of zij wordt aangeraakt. Het slaapmiddel wordt in het infuus gespoten, waarna uw kind in ongeveer twintig seconden in slaap valt.
  • Indien is gekozen voor een kapje om in slaap te worden gebracht, plaatst de anesthesioloog het kapje met narcosegas op het gezicht van uw kind. Na ongeveer zestig seconden valt uw kind in slaap.

Zodra uw kind slaapt, verlaat u met de pedagogisch medewerker de operatiekamer en wordt u terug naar de afdeling gebracht.

AnesthesiemedewerkerAfhankelijk van de soort ingreep en tijdsduur van de operatie brengt de anesthesioloog een beademingsbuisje in de keel, extra infusen, een maagslang en een urinekatheter in. Eventuele plaatselijke anesthesie (prikje in de rug, arm of been) wordt dan uitgevoerd. Gedurende de hele operatie is de anesthesioloog en/of anesthesiemedewerker aanwezig. Zij bewaken de anesthesiediepte, beademing en lichaamscirculatie van uw kind en stellen deze zonodig bij.

De uitslaapkamer en Intensive care

Aan het einde van de ingreep brengt de anesthesioloog uw kind naar de uitslaapkamer waar u weer bij uw kind kunt zijn. Hier wordt uw kind verder wakker en bewaakt door een gespecialiseerde verpleegkundige.

Eventuele bijwerkingen van de operatie en narcose (zoals misselijkheid en pijn) kunnen worden behandeld. Als de situatie van uw kind stabiel is, brengt de verpleegkundige u en uw kind naar de afdeling terug.

Het kan zijn dat uw kind, afhankelijk van de soort en duur van de ingreep, langer bewaakt moet worden. In dat geval wordt uw kind naar de Intensive Care gebracht (NICU voor pasgeborenen of afdeling Pelikaan voor grotere kinderen). Zodra uw kind daar is aangekomen en aan de bewakingsapparatuur is aangesloten haalt een verpleegkundige u op om weer bij uw kind te zijn. Een intensive care arts en verpleegkundige zullen u van de toestand van uw kind op de hoogte houden.

De anesthesioloog heeft een postoperatief pijnbestrijdingbeleid afgesproken. Na de ingreep kan bij pijn zonodig extra medicatie worden gegeven in de vorm van zetpillen, medicijnen per infuus of het slangetje in de rug.

Naar huis

Indien uw kind voor een dagopname komt mag uw kind, als alles goed verloopt, dezelfde dag naar huis. U krijgt instructies mee voor de nazorg en het medicijngebruik. De verpleegkundige maakt met u een afspraak voor controle op de polikliniek. U kunt met een taxi of eigen vervoer reizen: een extra begeleider is nodig voor de veiligheid van uw kind bij eigen vervoer. Het is niet toegestaan met openbaar vervoer naar huis te gaan.

Weer thuis

Eenmaal thuis is het verstandig uw kind de rest van de dag licht verteerbaar voedsel te geven. Dus geen vet of gekruid eten. Geef uw kind ook regelmatig te drinken.
Uw kind kan hangerig zijn. Leg het op de bank of in bed: na een paar dagen is uw kind weer in zijn gewone doen.

Na dagopname
De dag na de operatie neemt de verpleegkundige van de dagbehandeling contact op om te horen hoe het met uw kind gaat. Eventuele vragen of problemen kunt u dan bespreken.

Naast lichamelijke reacties op de operatie en de narcose (hangerig, pijn) kan uw kind ook reacties vertonen als slaapproblemen en angst. Meestal verdwijnen deze reacties na verloop van tijd. Mocht u hierover vragen hebben dan kunt u contact opnemen met een van onze medewerkers.

Vragen

U krijgt van de afdeling opname een aantal brochures met informatie toegestuurd. Mocht u voor de opname nog vragen hebben dan kunt u contact opnemen met de afdeling opname via telefoonnummer 088 75 540 15. U kunt ook vragen op een briefje zetten en deze tijdens de opnamedag aan de verpleegkundige of arts stellen.

Literatuurlijst

Voor kinderen vanaf 2 jaar:

  • Nijntje in het ziekenhuis, Dick Bruna, Mercis , ISBN 907 399 1870
  • In het ziekenhuis, Betty Sluiter/Sandra Klaassen, Kimio, ISBN 907 136 8610
  • Lassa gaat naar het ziekenhuis, E.N.K. Plomp, uitgeverij De Inktvis

Voor kinderen vanaf 4 jaar:

  • De operatie van de kleine olifant, Jos Boone, De Toorts, ISBN 906 020 7496
  • Een bed op wieltjes, Vivian den Hollander, Holkema en Warendorf, ISBN 902 698 7846
  • Serie De Ziekenboeg, Christine Kliphuis, Sjaloom, onder meer:

    -IJs voor Matthijs (amandelen knippen), ISBN 906 249 2061 
    -Het been van Heleen (beenbreuk), ISBN 906 249 1952

  • Te bestellen bij de Landelijke Vereniging Kind en Ziekenhuis, Korte Kalkhaven 9, 3311 JM Dordrecht, tel. 078-6146361:

    -Jaap de Aap in het ziekenhuis 
    -Je kind in het ziekenhuis, wat kan je als ouder doen. 
    -Het Ziekenhuis-wandplaat

  • Te bestellen bij Stichting Jeugdinformatie Nederland, tel. 030-2394455:  Ouders, kind en ziekenhuis, Ineke Staal
  • Te bestellen bij NIGZ, tel. 0348-437600: Fatima gaat naar het ziekenhuis (Turks, Marokkaans en Nederlands)