Op het multidisciplinaire spreekuur wordt uw kind achtereenvolgens onderzocht door een KNO-arts, een audioloog, een audiologie-assistent en een logopedist. Na deze onderzoeken worden de bevindingen met u besproken en wordt er een behandeladvies gegeven voor uw kind. In totaal neemt dit anderhalf tot twee uur in beslag.
Soms is het in dit stadium nog niet voldoende duidelijk wat de aard is van het gehoor- of taal-spraakprobleem van uw kind en wordt geadviseerd om nader onderzoek te doen op de afdeling Kind & Communicatie. Hiervoor wordt dan een nieuwe afspraak met u gemaakt.
De KNO-arts stelt u een aantal vragen over de medische voorgeschiedenis van uw kind en omstandigheden die kunnen bijdragen aan het ontstaan van een gehoor- of taal-spraakprobleem. Vervolgens onderzoekt de KNO-arts de keel, neus en oren van uw kind.
De audioloog beoordeelt de gehoortesten van uw kind en stelt vast of het gehoor voldoende is voor een goede taal-spraakontwikkeling. De audioloog stelt ook een aantal vragen over hoe u het gehoor van uw ervaart kind en over de gezinsomstandigheden. Daarna inventariseert de audioloog welke onderzoeken en behandelingen uw kind al heeft gehad en wat het resultaat daarvan was. Hierbij maakt hij/zij gebruik van de onderzoeksgegevens die u heeft meegenomen naar het spreekuur of die eerder naar ons zijn opgestuurd.
Dit bestaat uit een drukmeting van het oor, de zogenaamde tympanometrie en een gehoordrempelmeting.
Bij tympanometrie wordt de beweeglijkheid van het trommelvlies en de druk in het middenoor gemeten. Dit gebeurt met een dopje in de gehoorgang dat verbonden is met meetapparatuur. Tijdens de meting voelt uw kind een lichte druk in het oor en hoort het een zacht geluid.
De gehoordrempel wordt bij kinderen vanaf 3 jaar gemeten met een zogenaamd toonaudiogram. Het onderzoek gebeurt in een geluidarme kamer. Uw kind krijgt een hoofdtelefoon op en wordt gevraagd te reageren op geluiden van verschillende toonhoogtes en luidheden. Bij de jongste kinderen wordt het onderzoek uiteraard in de vorm van een spelletje uitgevoerd. Dit onderzoek duurt ongeveer vijftien minuten.
Bij kinderen tussen negen maanden en drie jaar wordt de gehoordrempel gemeten in een geluidarme spelkamer. Uw kind zit bij u op schoot. Een onderzoeker achter uw kind probeert met geluiden van verschillende toonhoogtes en geluidsterktes uit geluidsboxen of van rammelaars de aandacht van uw kind te trekken. Een andere onderzoeker zit tegenover uw kind, observeert de reacties van uw kind en houdt de aandacht van uw kind vast tussen de geluiden door. Dit onderzoek duurt ongeveer een half uur.
De logopedist beoordeelt het niveau van de taal-spraakontwikkeling van uw kind. Zij stelt eerst een aantal vragen over het spreken, het taalbegrip en het gedrag van uw kind. Daarnaast zal zij aan de hand van spelmateriaal een aantal opdrachten met uw kind uitvoeren om een indruk te krijgen van het taalbegrip en de taalproduktie van uw kind.
In een afsluitend gesprek met de KNO-arts en de audioloog worden de resultaten van de verschillende onderzoeken met u besproken. U krijgt de gelegenheid hierover vragen te stellen. Als duidelijk is wat de aard van het gehoor of taal-spraakprobleem van uw kind is, wordt een behandeladvies gegeven. Als dit bestaat uit logopedie wordt uw kind daarvoor verwezen naar een logopedist bij u in de buurt. Bij ernstige gehoorproblemen kan aanpassing van een hoortoestel geadviseerd worden. Ook kan voorgesteld worden een medische ingreep te verrichten zoals het plaatsen van trommelvliesbuisjes. In sommige gevallen is een verwijzing naar een ander specialisme binnen het WKZ aan de orde.
Als in deze fase niet voldoende duidelijk is wat de aard van het gehoor- of taal-spraakprobleem is, wordt geadviseerd nader onderzoek te doen op de afdeling Kind &Communicatie. Hiervoor wordt een nieuwe afspraak met u gemaakt.
Om een goed totaalbeeld van uw kind te verkrijgen kan nader onderzoek noodzakelijk zijn naar het gehoor, taal-spraakontwikkeling, gedrag of de verstandelijke en sociaal-emotionele ontwikkeling van uw kind. Voorbeelden van dergelijk onderzoek zijn een onderzoek naar het verstaan van spraak, uitgebreider logopedisch onderzoek of psychologisch onderzoek door de orthopedagoog. Soms wordt een gesprek met het maatschappelijk werk geadviseerd.
De resultaten van deze vervolgonderzoeken en het bijbehorende behandeladvies worden met u besproken door de audioloog samen met de orthopedagoog en de logopedist. Een dergelijk advies kan een verwijzing naar een hulpverlenende instantie of een speciale school inhouden.
De onderzoeksbevindingen en het behandeladvies worden schriftelijk aan u, de huisarts en eventuele medebehandelaars gerapporteerd.
Het kan zijn dat voor uw kind na een aantal maanden een afspraak wordt gemaakt voor een controlebezoek om de ontwikkeling op het gebied van het horen en spreken te volgen en om vast te stellen of de behandeling het gewenste effect heeft.