Zoeken

Zorgportalen

Plan uw route

Contact

Telefoonnummer
088 75 555 55


Contactgegevens

Vragen, klachten en complimenten

Lees meer

Hoegaathet?

Lees meer

Zenker's divertikel

Operatie

OperatieDit is algemene informatie over de operatie. De informatie die op u van toepassing is hangt af van of u vanaf de dagbehandeling geopereerd wordt of dat u opgenomen bent op de verpleegafdeling. De anesthesioloog bespreekt tijdens het pre-operatief spreekuur de voorbereiding op de operatie en u ontvangt dan instructies over onder andere eten en drinken, medicijngebruik en roken voor de operatie.

Om de gang van zaken rondom de operatie goed te laten verlopen start u ruim van tevoren (en ook thuis al) met de voorbereidingen.

U ontvangt uitsluitend een oproep voor van de polikliniek pre-operatief spreekuur (POS) voor een gesprek met de anesthesioloog als u kiest voor een operatie:

  • onder algehele verdoving (anesthesie) of
  • onder plaatselijke verdoving met bewaking

Als u 60 jaar of ouder bent, wordt een hartfilmpje gemaakt. In sommige gevallen is aanvullend onderzoek nodig.

Voorbereidingen thuis

Als u na de operatie weer naar huis kunt, regel dan tijdig vervoer en begeleiding. U mag niet alleen naar huis. Regelt u liefst ook dat u de nacht na de ingreep niet alleen thuis bent.

Om infecties te voorkomen, verwachten wij van u dat u voordat u naar het ziekenhuis komt in bad gaat of een douche neemt, uw haar wast en uw tanden poetst. Wij stellen dit zeer op prijs. Verwijder alle make-up, ook nagellak. Sieraden kunt u beter thuis laten. Kies losse, gemakkelijke kleding, zodat u geen problemen krijgt met het eventuele verband dat aangelegd wordt.
 
Als de huid van het operatiegebied behaard is, verzoeken wij u het operatiegebied niet zelf te scheren of op een andere manier te ontharen. Als de chirurg het nodig vindt dat de beharing wordt weggehaald, wordt dat terplekke gedaan. Op deze manier verkleinen we de kans op infecties. 
 
Eten en drinken
Op de dag van de operatie, soms al de avond ervóór, volgt u de instructies die de anesthesioloog en/of chirurg u heeft gegeven over eten en drinken. Op het moment dat u onder narcose gaat, moet uw maag leeg zijn.

Roken
We verzoeken u op de dag van de operatie niet te roken. Roken prikkelt de longen en beïnvloedt de maagfunctie waardoor de vertering van voedsel minder snel verloopt.

Medicijngebruik
Met de anesthesioloog en/of chirurg heeft u afgesproken welke medicijnen u blijft gebruiken tot vlak voor de operatie, welke u het beste kunt staken en welke u ter voorbereiding van de operatie moet nemen. Zo geeft hij onder meer een advies over het gebruik van plaspillen. Met het innemen van bloedverdunnende medicijnen die u krijgt van de trombosedienst, moet meestal voor de behandeling gestopt worden. Als dit bij u het geval is, bespreekt de anesthesioloog dit met u. U krijgt dan ook een brief mee voor de trombosedienst. 

Meenemen

  • uw medicijnen (liefst in de verpakking)
  • adres en telefoonnummer van degene met wie de afdeling eventueel contact kan opnemen
  • iets te lezen of een mp3-speler ter afleiding.

In het ziekenhuis

Het gesprek met de verpleegkundigeU meldt zich bij de afdeling Dagbehandeling of bij de afdeling Centrale Opname in de hal van het ziekenhuis.

Vanaf de Centrale Opname wordt u doorverwezen naar de verpleegafdeling. Indien u op de verpleegafdeling ligt, heeft u een gesprek met:

  • een verpleegkundige; u krijgt informatie over de gang van zaken op de afdeling
  • een zaalarts
  •  uw chirurg; u kunt met hem onder meer afspreken wie hij na de operatie kan bellen; zie ook “tips voor het gesprek".

Klaarmaken voor de operatiekamer vanaf de verpleegafdeling
De verpleegkundige vertelt u wanneer u aan de beurt bent op de operatiekamer. U bereidt u voor op uw kamer:

  • U kunt zich eerst nog douchen of wassen (alleen het geval na overnachting in het ziekenhuis).
  • U verwijdert alle make-up (ook nagellak), sieraden en gebitsprothesen; denkt u eraan alle belangrijke zaken in een afgesloten kast op te bergen? U kunt de sleutel door de verpleegkundige laten bewaren
  • Daarna doet u de operatiekleding aan; meestal is dit een jasje waarbij de achterkant losjes vast zit. Uw onderbroek kunt u aan houden
  • Soms krijgt u ongeveer één uur voor de operatie als voorbereiding op de narcose (anesthesie) een rustgevend medicijn.

Een verpleegkundige brengt u vlak vóór de operatie naar het operatiecentrum. U wacht daar, vaak met andere patiënten, in een zaal tot de operatiekamer gereed is.

Klaarmaken voor de operatiekamer vanaf de dagbehandeling
Nadat u zich bij receptie 10 heeft gemeld, kunt u in de wachtkamer plaatsnemen. Een verpleegkundige haalt u daar op en begeleidt u naar de voorbereidingsruimte. Helaas is het niet mogelijk dat uw partner of begeleider meegaat naar de voorbereidingsruimte.

U komt in een bed te liggen en krijgt een operatiejasje aan. Tevens vinden verdere voorbereidingen op de behandeling of het onderzoek plaats.

Bij een poliklinische ingreep met lokale anesthesie wordt u vanuit de wachtkamer naar de OK gebracht.

Na de operatie

  • Na afloop van de operatie blijft u eerst een aantal uren op de uitslaapkamer (recovery). In het
    begin bent u dan nog wat slaperig en soms misselijk van de narcose. Daarna gaat u weer terug
    naar de verpleegafdeling. Soms gaat u één of meerdere dagen naar de Intensive Care Unit.

De verpleegkundige controleert het infuus

  • U hebt een infuus in uw arm. Dit is een dun slangetje, dat in een bloedvat is geschoven. Hierdoor worden vocht en voedingsstoffen in uw bloed gebracht, omdat u kort na de ingreep nog niet mag eten of drinken
  • In het wondgebied heeft de arts een drain achtergelaten. Dit is een slangetje waardoor wondvocht wordt afgevoerd. De arts bepaalt wanneer de drain verwijderd wordt
  • De verpleegkundigen helpen u in het begin met wat u zelf nog niet kunt doen. Langzaam maar zeker heeft u steeds minder hulp nodig.
  • Als de operatie in dagbehandeling plaatsvindt, gaat u na de behandeling naar de uitslaapkamer (recovery). Het is in principe niet mogelijk om hier bezoek te ontvangen. U krijgt hier een lichte maaltijd en kunt gebruik maken van een telefoon om uw familie te bellen. Na overleg met de anesthesioloog wordt besloten wanneer u naar huis kunt gaan.

Weer terug naar de afdeling of naar huis

Als u bent opgenomen op een verpleegafdeling, lees dan bij de informatie over de opname wat er gebeurt in de periode na de operatie.

Als u niet bent opgenomen in het ziekenhuis, kunt u na de ingreep naar huis.

  • U mag alleen onder begeleiding naar huis. In de centrale hal van het ziekenhuis kan uw begeleider zonodig een rolstoel lenen. De borg hiervoor is 1 of 2 euro, afhankelijk van het type rolstoel. Na het terugbrengen van de rolstoel bij de hoofdingang krijgt uw begeleider de borg terug.
  • Als zich in de avond of nacht na de operatie problemen voordoen, bel dan uw huisarts. In overleg met uw huisarts kunt u contact opnemen met de afdeling Spoedeisende Hulp van het UMC Utrecht.
  • Voor problemen die zich nadien voordoen kunt u terecht bij huisarts of behandelend arts.

Verpleegafdelingen