Dit is algemene informatie over de operatie. De informatie die op u van toepassing is hangt af van of u vanaf de dagbehandeling geopereerd wordt of dat u opgenomen bent op de verpleegafdeling. De anesthesioloog bespreekt tijdens het pre-operatief spreekuur de voorbereiding op de operatie en u ontvangt dan instructies over onder andere eten en drinken, medicijngebruik en roken voor de operatie.
Om de gang van zaken rondom de operatie goed te laten verlopen start u ruim van tevoren (en ook thuis al) met de voorbereidingen.
U ontvangt uitsluitend een oproep voor van de polikliniek pre-operatief spreekuur (POS) voor een gesprek met de anesthesioloog als u kiest voor een operatie:
- onder algehele verdoving (anesthesie) of
- onder plaatselijke verdoving met bewaking
Als u 60 jaar of ouder bent, wordt een hartfilmpje gemaakt. In sommige gevallen is aanvullend onderzoek nodig.
Voorbereidingen thuis
Als u na de operatie weer naar huis kunt, regel dan tijdig vervoer en begeleiding. U mag niet alleen naar huis. Regelt u liefst ook dat u de nacht na de ingreep niet alleen thuis bent.
Om infecties te voorkomen, verwachten wij van u dat u voordat u naar het ziekenhuis komt in bad gaat of een douche neemt, uw haar wast en uw tanden poetst. Wij stellen dit zeer op prijs. Verwijder alle make-up, ook nagellak. Sieraden kunt u beter thuis laten. Kies losse, gemakkelijke kleding, zodat u geen problemen krijgt met het eventuele verband dat aangelegd wordt.
Eten en drinken
Op de dag van de operatie, soms al de avond ervóór, volgt u de instructies die de anesthesioloog en/of chirurg u heeft gegeven over eten en drinken. Op het moment dat u onder narcose gaat, moet uw maag leeg zijn.
Roken
We verzoeken u op de dag van de operatie niet te roken. Roken prikkelt de longen en beïnvloedt de maagfunctie waardoor de vertering van voedsel minder snel verloopt.
Medicijngebruik
Met de anesthesioloog en/of chirurg heeft u afgesproken welke medicijnen u blijft gebruiken tot vlak voor de operatie, welke u het beste kunt staken en welke u ter voorbereiding van de operatie moet nemen. Zo geeft hij onder meer een advies over het gebruik van plaspillen. Met het innemen van bloedverdunnende medicijnen die u krijgt van de trombosedienst, moet meestal voor de behandeling gestopt worden. Als dit bij u het geval is, bespreekt de anesthesioloog dit met u. U krijgt dan ook een brief mee voor de trombosedienst.
Meenemen
- uw medicijnen (liefst in de verpakking)
- adres en telefoonnummer van degene met wie de afdeling eventueel contact kan opnemen
- iets te lezen of een mp3-speler ter afleiding.
In het ziekenhuis
U meldt zich bij de afdeling Dagbehandeling of bij de afdeling Centrale Opname in de hal van het ziekenhuis.
Vanaf de Centrale Opname wordt u doorverwezen naar de verpleegafdeling. Indien u op de verpleegafdeling ligt, heeft u een gesprek met:
- een verpleegkundige; u krijgt informatie over de gang van zaken op de afdeling
- een zaalarts
- uw chirurg; u kunt met hem onder meer afspreken wie hij na de operatie kan bellen; zie ook “tips voor het gesprek".
Klaarmaken voor de operatiekamer vanaf de verpleegafdeling
De verpleegkundige vertelt u wanneer u aan de beurt bent op de operatiekamer. U bereidt u voor op uw kamer:
- U kunt zich eerst nog douchen of wassen (alleen het geval na overnachting in het ziekenhuis).
- U verwijdert alle make-up (ook nagellak), sieraden en gebitsprothesen; denkt u eraan alle belangrijke zaken in een afgesloten kast op te bergen? U kunt de sleutel door de verpleegkundige laten bewaren
- Daarna doet u de operatiekleding aan; meestal is dit een jasje waarbij de achterkant losjes vast zit. Uw onderbroek kunt u aan houden
- Soms krijgt u ongeveer één uur voor de operatie als voorbereiding op de narcose (anesthesie) een rustgevend medicijn.
Een verpleegkundige brengt u vlak vóór de operatie naar het operatiecentrum. U wacht daar, vaak met andere patiënten, in een zaal tot de operatiekamer gereed is.
Klaarmaken voor de operatiekamer vanaf de dagbehandeling
Nadat u zich bij receptie 10 heeft gemeld, kunt u in de wachtkamer plaatsnemen. Een verpleegkundige haalt u daar op en begeleidt u naar de voorbereidingsruimte. Helaas is het niet mogelijk dat uw partner of begeleider meegaat naar de voorbereidingsruimte.
U komt in een bed te liggen en krijgt een operatiejasje aan. Tevens vinden verdere voorbereidingen op de behandeling of het onderzoek plaats.
Bij een poliklinische ingreep met lokale anesthesie wordt u vanuit de wachtkamer naar de OK gebracht.
Na de operatie
- Na afloop van de operatie blijft u eerst een aantal uren op de uitslaapkamer (recovery). In het
begin bent u dan nog wat slaperig en soms misselijk van de narcose. Daarna gaat u weer terug
naar de verpleegafdeling. Soms gaat u één of meerdere dagen naar de Intensive Care Unit.

- U hebt een infuus in uw arm. Dit is een dun slangetje, dat in een bloedvat is geschoven. Hierdoor worden vocht en voedingsstoffen in uw bloed gebracht, omdat u kort na de ingreep nog niet mag eten of drinken
- In het wondgebied heeft de arts een drain achtergelaten. Dit is een slangetje waardoor wondvocht wordt afgevoerd. De arts bepaalt wanneer de drain verwijderd wordt
- De verpleegkundigen helpen u in het begin met wat u zelf nog niet kunt doen. Langzaam maar zeker heeft u steeds minder hulp nodig.
- Als de operatie in dagbehandeling plaatsvindt, gaat u na de behandeling naar de uitslaapkamer (recovery). Het is in principe niet mogelijk om hier bezoek te ontvangen. U krijgt hier een lichte maaltijd en kunt gebruik maken van een telefoon om uw familie te bellen. Na overleg met de anesthesioloog wordt besloten wanneer u naar huis kunt gaan.
Weer terug naar de afdeling of naar huis
Als u bent opgenomen op een verpleegafdeling, lees dan bij de informatie over de opname wat er gebeurt in de periode na de operatie.
Als u niet bent opgenomen in het ziekenhuis, kunt u na de ingreep naar huis.
- U mag alleen onder begeleiding naar huis. In de centrale hal van het ziekenhuis kan uw begeleider zonodig een rolstoel lenen. De borg hiervoor is 1 of 2 euro, afhankelijk van het type rolstoel. Na het terugbrengen van de rolstoel bij de hoofdingang krijgt uw begeleider de borg terug.
- Als zich in de avond of nacht na de operatie problemen voordoen, bel dan uw huisarts. In overleg met uw huisarts kunt u contact opnemen met de afdeling Spoedeisende Hulp van het UMC Utrecht.
- Voor problemen die zich nadien voordoen kunt u terecht bij huisarts of behandelend arts.