Allereerst krijgt u een aantal onderzoeken om vast te stellen of u zaadbalkanker heeft:
- lichamelijk onderzoek
- echografie van de zaadbal
- bloedonderzoek
- weefselonderzoek
Lichamelijk onderzoek
De uroloog tast uw vergrote of verharde zaadbal (testikel) met zijn vingers af en vergelijkt deze met uw andere zaadbal.
Echografie van de zaadbal
Een echografisch onderzoek gebeurt met geluidsgolven. Dit onderzoek geeft informatie over het soort afwijking in uw zaadbal.
Bloedonderzoek
Kankercellen in een zaadbal maken bepaalde stoffen (tumormerkstoffen) aan die in uw bloed terechtkomen. Speciaal bloedonderzoek toont deze stoffen aan. Dit wijst dan op zaadbalkanker of uitzaaiingen ervan.
Weefselonderzoek
Alleen onderzoek van de cellen van uw zaadbal kan met zekerheid aantonen dat het om kanker gaat. Daarom verwijdert de arts tijdens een operatie via uw lies uw zaadbal met uw bijbal en uw zaadstreng. In het laboratorium onderzoekt een patholoog uw weggenomen weefsels. Hij kan dan vaststellen:
- of het om kanker gaat
- om welk type zaadbalkanker
- de uitgebreidheid van de tumor
Het verwijderen van een zaadbal leidt niet tot vermindering van de geslachtsdrift en ook niet tot impotentie. Als er één zaadbal is verwijderd, wordt u niet onvruchtbaar.
Om een goed beeld te krijgen van de uitgebreidheid van de tumor en of er uitzaaiingen zijn, stelt de arts voor om meer onderzoeken te doen. Welke onderzoeken u krijgt, hangt onder andere af van de resultaten van eerdere onderzoeken.
CT-scan (Computer-Tomografie)
Een CT-scan is een onderzoek waarbij met röntgenstraling organen zichtbaar worden. De foto's geven informatie over de lever en de milt, en eventuele uitzaaiingen in de lymfeklieren.
Röntgenonderzoek van de borstkas
Röntgenfoto's van de longen geven informatie over eventuele uitzaaiingen in de lymfeklieren rondom de longen.