Onnodig antibioticagebruik terugdringen

Een derde van de kinderen die antibiotica krijgt, heeft dit eigenlijk niet nodig. Een online trainingsprogramma voor huisartsen plus een informatieboekje voor ouders blijken dit onnodige antibioticagebruik te verminderen. Deze conclusies trekt Anne Dekker die op 27 september in Utrecht op dit onderzoek promoveert.

Van alle antibiotica wordt zo’n 80 procent voorgeschreven door huisartsen, voornamelijk voor luchtweginfecties en oorontstekingen. Zulke infecties zijn vaak veroorzaakt door een virus, meestal mild en gaan vaak vanzelf over. Een antibioticabehandeling vermindert in die gevallen niet de ernst of de duur van de klachten en is dus eigenlijk niet nodig. Onnodig antibioticagebruik verhoogt het risico op antibioticaresistentie, leidt tot overmatig medicijngebruik en stelt patiënten onnodig bloot aan bijwerkingen.

Simpel terugdringen

Een gericht, online trainingsprogramma voor huisartsen, in combinatie met een informatieboekje voor ouders, leidde tot minder antibioticavoorschriften voor kinderen met een luchtweginfecties. De huisartsen die de training volgen schreven aan 21% van de kinderen met een luchtweginfectie  een antibioticum voor. Huisartsen zonder training deden dat bij 33% van de kinderen. Onnodig antibioticagebruik kan hiermee relatief simpel worden teruggedrongen, en levert voordelen op zoals een lager risico op antibioticaresistentie, minder bijwerkingen en minder gezondheidskosten.

Jonge kinderen

Uit het onderzoek van Dekker blijkt verder uit de dossiers van 45 Nederlandse huisartspraktijken dat kinderen jaarlijks 1029 keer de huisarts bezoeken voor een infectieziekte per 1000 kinderen. Hierbij wordt 262 keer een antibioticakuur voorgeschreven. Het hoogste aantal voorschriften was voor kinderen van 1 jaar (714 recepten per 1000 kindjaren). De meest voorkomende reden om de huisarts te bezoeken was voor een acute luchtweginfecties en dit was, na oorontsteking, de tweede meest voorkomende reden om antibiotica voor te schrijven.

Huisartsen neigen bij kinderen vaker antibiotica voor te schrijven als ze zich onzeker voelen over de ernst van de klachten. Daarnaast spelen de onzekerheden, overtuigingen en verwachtingen van ouders een belangrijke rol in de beslissing van de huisarts om al dan niet antibiotica voor te schrijven.

Verschil tussen bacterie en virus

Anne Dekker legt uit: “In mijn proefschrift beschrijf ik het effect van de RAAK interventie (dit staat voor RAtioneel Antibioticagebruik Kinderen). Dit is een online scholing voor huisartsen gecombineerd met informatieboekjes voor ouders, die moet zorgen voor een vermindering in het aantal antibioticavoorschriften voor kinderen met luchtweginfecties. Zelfs in een land waar relatief weinig antibiotica worden gebruikt, kunnen we het voorschrijfgedrag toch nog verder verbeteren.”

Informatieboekje

Uit interviews met ouders na het lezen van het

bleek onder meer dat ze gerustgesteld waren en dat ze meer kennis hadden opgedaan. Sommige ouders wisten bijvoorbeeld niet dat antibiotica alleen werken tegen infecties die door een bacterie zijn veroorzaakt en  niet tegen infecties die door een virus worden veroorzaakt. Ook vertrouwden ze het besluit van hun huisarts om al dan niet antibiotica voor te schrijven. In tegenstelling tot wat huisartsen vaak denken, verwachten de meeste ouders niet dat de huisarts snel een antibioticarecept zal voorschrijven.

Er zijn nog geen reacties op dit artikel

Reageer als eerste

Reacties

Reageer

Om spam te voorkomen vragen we u de onderstaande code over te typen.