Vorige

Da's mijn zorg

''Zo willen we respect tonen''

Honderden mensen stellen jaarlijks hun lichaam ter beschikking aan de wetenschap. Zo’n 120 daarvan komen in het UMC Utrecht terecht. Om familieleden de gelegenheid te geven hen gezamenlijk te herdenken, organiseert hoogleraar Ronald Bleys ieder jaar een herdenkingsbijeenkomst.

Waarom een herdenkingsbijeenkomst?

“Nabestaanden hebben geen graf om te bezoeken,geen urn op een mooi plekje. Zij moeten snel afscheid nemen. Wij hebben het lichaam binnen vierentwintig uur nodig en dat is heftig. Met deze bijeenkomst willen we ons respect tonen voor zo’n bijzondere geste. De reacties na afloop zijn steeds hartverwarmend.”

Hoe ziet de herdenkingsbijeenkomst eruit?

“Ik houd een toespraak. Daarna lezen studenten de namen van de overledenen voor en steken ze waxinelichtjes aan totdat alle mensen die zich beschikbaar hebben gesteld het afgelopen jaar zijn genoemd. Er is muziek en een minuut stilte. Dan gaan we met z'n allen, met witte roos in de hand, naar de gang naast het Stiltecentrum. Hier staat eenplaquette met de spreuk: ‘Zij die hun lichaam  schonken aan de wetenschap en voortleven in het medisch handelen van vele artsen’.”

Wat fascineert jou aan anatomie?

“Als student voelde ik al een combinatie van respect en nieuwsgierigheid. Het menselijk lichaam vind ik fantastisch. Als je over je eersteschroom heen bent en het bloederige weg is, is het zo mooi! Ik doe dit al lang en alles went, maar van tijd tot tijd sta ik erbij stil: wat voor mensen waren dit dat ze voor zichzelf zo'n bijzondere bestemming kozen? Een heel enkele keer wil iemand van tevoren kennis maken. Daar maak ik tijd voor.”

Waarom stellen mensen zich beschikbaar aan de wetenschap?

“Vaak uit dankbaarheid. Ze zijn zelf ziek geweest, goed behandeld en willen iets terugdoen. Soms speelt er wat opstandigs mee: ik doe het lekker zo, niks begraven, niks cremeren, nuttig willen blijven. En het zijn allemaal, niet verwonderlijk, nuchtere types op leeftijd – twintigers schrijven geen wilsbeschikking – en vormen een redelijke dwarsdoorsnede van de bevolking.”

Doe je het zelf ook?

“Nee. Ik heb wel een donorcodicil, mijn organen mogen ze hebben. Maar er zijn maar acht anatomische instituten in Nederland en we kennen elkaar allemaal. Niemand wil het zijn collega of vriend aandoen op zijn snijtafel terecht te komen.” “Zo willen we respecttonen”