Wist u dat ongeveer zestig procent van psychiatrische patiënten  ook een somatische aandoeningen heeft? En dat omgekeerd, dertig procent van somatische patiënten ook psychiatrische problemen heeft? Als je je dat realiseert, is het eigenlijk heel gek dat we niet veel meer met elkaar samenwerken. Voor die samenwerking ga ik me inzetten, om uiteindelijk gezamenlijk de muur tussen psychiatrie en somatiek af te breken.

‘Lichamelijke gezondheid bij psychiatrische aandoeningen’ is de officiële naam van de leerstoel die ik sinds enkele weken bekleed. Een interessant en breed terrein. Veel patiënten met een ernstige psychiatrische aandoening hebben obesitas, cardiovasculaire problemen en diabetes. Voor hen is het vaak een drempel om hiervoor naar de huisarts of specialist te gaan. Binnen mijn vakgebied psychose en schizofrenie, is het onmiskenbaar dat patiënten naast hun psychiatrische aandoening ook veel lichamelijke problemen hebben. Psychiatrische patiënten sterven zo’n 15 tot 20 jaar eerder dan de algemene bevolking en daarbij is hun gemiddelde kwaliteit van leven ook slechter.

Tegelijkertijd weten we dat er een overlap is tussen genen die betrokken zijn bij het ontstaan van psychiatrische aandoeningen en andere aandoeningen. Dat kan verklaren dat veel mensen van meerdere ziekten last hebben. Ook hebben de levensstijl en de bijwerkingen van medicatie hier mee te maken. Maar wat de oorzaken ervan ook zijn, ik denk dat onze patiënten erbij gebaat zijn als psychiaters en andere specialisten intensiever met elkaar gaan samen werken.

Gepersonaliseerde aanpak

Uit de enthousiaste reacties blijkt dat veel andere (para)medische specialismen zien dat hun patiënten met psychiatrische problemen,  profiteren van een gezamenlijke aanpak. Niet alleen de psychiatrische klachten verminderen daardoor, maar ook de lichamelijke. In eerste instantie wil ik onderzoeken of door een gepersonaliseerde aanpak de lichamelijke gezondheid van patiënten met een psychiatrische aandoening kan worden verbeterd. De volgende stap is om de juiste methoden te vinden voor het vormgeven van een  multidisciplinaire behandeling.

Door samen te werken zullen we uiteindelijk begrijpen hoe chronische ziekten ontstaan en hoe we die in de toekomst kunnen voorkomen. Dit vraagt ook om aanpassing van de financiering van deze integrale zorg. Nu wordt de psychiatrie en de rest van de medisch specialistische zorg apart gefinancierd, wat helaas de samenwerking nog behoorlijk in de weg kan zitten. Dit moet wat mij betreft in de toekomst ook echt veranderen.

Wiepke Cahn  is psychiater en hoogleraar ‘Lichamelijke gezondheid bij psychiatrische aandoeningen’ binnen het UMC Utrecht Hersencentrum. Ze doet onderzoek naar schizofrenie en psychose. Wiepke is tevens vicevoorzitter van de Nederlandse Vereniging voor Psychiatrie.