Terug

Kniebandreconstructies

Bij een kniebandreconstructie (ook wel ligamentaire reconstructie), worden gescheurde kniebanden operatief hersteld. Het bekendste voorbeeld is een gescheurde voorste kruisband. Meestal worden eigen pezen (zoals de hamstringpees, of knieschijfpees) gebruikt om de knieband te herstellen. Dit is afhankelijk van welke band er gescheurd is. Tijdens de procedure wordt ook een kijkoperatie verricht waarbij de gehele knie wordt geïnspecteerd en eventuele bijkomende letsels direct worden behandeld.

Meer informatie

Diagnose stellen

Om u zo goed mogelijk te kunnen behandelen, is het essentieel om een goede diagnose te stellen. Het kan zijn dat er elders al een diagnose is gesteld of een operatie bij u is verricht. Wij zullen u echter weer volledig in kaart willen brengen om een goede diagnose te stellen en een behandelplan op te stellen. Daarvoor zijn de volgende zaken van groot belang:

Anamnese

Er wordt gedetailleerd  aan u gevraagd wat uw klachten zijn. Deze kunnen vaak een grote invloed uitoefenen op persoonlijke omstandigheden, zoals werk, sporten en levenssfeer. We proberen dit allemaal goed in kaart te brengen. 

Lichamelijk onderzoek

Uitgebreid lichamelijk onderzoek van de benen is een standaard onderdeel van het eerste polibezoek.

Röntgenfoto of MRI

Om een goede diagnose te kunnen stellen is vaak aanvullend onderzoek nodig, zoals een röntgenfoto of eventueel een MRI. Soms zijn dergelijke onderzoeken al elders verricht en is het niet noodzakelijk om dit opnieuw te doen. Wij verzoeken u dan ook om al het aanvullende beeldmateriaal aan ons te verstrekken, het liefst al voor het eerste polibezoek, zodat wij ons goed kunnen voorbereiden. Het kan zijn dat het onderzoek wordt herhaald, bijvoorbeeld wanneer het te gedateerd is. 

Behandelopties bespreken

Als de diagnose gesteld is (bij voorkeur al aan het einde van het eerste polibezoek), nemen we de verschillende behandelopties met u door. In overleg met u zal een, voor dat moment, beste behandeling worden bepaald.

Informed consent & formulieren

Als we overgaan tot een operatie krijgt u tijdens een gesprek alle informatie over deze operatie zodat u optimaal bent voorgelicht over de operatie zelf, de gang van zaken rondom de operatie, het revalidatieproces, het te verwachten resultaat en de mogelijke complicaties. Indien u akkoord gaat met de operatie zal dit in uw elektronisch patiëntendossier van het ziekenhuis worden genoteerd; dit heet informed consent. Er zal dan ook een operatieformulier moeten worden ingevuld door uw arts om alles in gang te zetten. 

Vooruitgang op kniegebied

Wanneer u voor het eerst op de Mobility Clinic kniepoli komt vragen we u mee te doen aan 'Het knieregister'. Het UMC Utrecht is continue bezig met wetenschappelijk onderzoek naar de ontwikkeling en verbetering van nieuwe en bestaande behandelingen. Om deze onderzoeken te kunnen uitvoeren is het van groot belang dat er gegevens worden verzameld. Daarom hebben we op de Mobility Clinic het knieregister opgezet. Hierin worden enkele medische gegevens en de resultaten van online vragenlijsten die u tijdens uw behandeling ontvangt, opgenomen. De online vragenlijsten gaan over uw knie en behandeling, en zijn onderdeel van uw standaard zorg. Hiermee kunnen wij in de gaten houden hoe het gaat. U kunt er ook voor kiezen om niet met het knieregister mee te doen, maar alleen met de vragenlijsten. Uw gegevens worden dan niet voor onderzoek gebruikt. U mag er ook voor kiezen om met beiden niet mee te doen.

Uitleganimatie vragenlijsten

Meer over gescheurde kniebanden

De knie

De uiteinden van het kniegewricht zijn bedekt met een laagje kraakbeen. Deze kraakbeenlaag is elastisch en vangt schokken en stoten op, zodat de knie soepel beweegt. Aan de binnen- en buitenzijde van de knie zit de meniscus. Dit is een soort stootkussen die van belang is voor schokdemping en stabiliteit. Aan de voorzijde zit de knieschijf, die helpt bij buigen, strekken en kracht zetten. Midden in het kniegewricht zitten de voorste en achterste kruisbanden en aan de binnen- en buitenkant van de knie bevinden zich de binnenste en buitenste gewrichtsbanden. Deze zorgen ervoor dat u stabiel kunt lopen en staan.

De kruisbanden en collaterale banden

De voorste kruisband zorgt voor voorachterwaartse stabiliteit van de knie. Samen met een aantal andere structuren zorgt de voorste kruisband er ook voor dat het onderbeen niet te veel kan draaien ten opzichte van het bovenbeen. De voorste kruisband bestaat uit twee bundels die in feite als één structuur functioneren. De achterste kruisband is de sterkste band van de knie. Het zorgt ervoor dat de het onderbeen niet te veel naar achteren kan schuiven ten opzichte van het bovenbeen. Aan de binnenkant van de knie loopt vanaf het bovenbeen naar het onderbeen het mediaal collaterale ligament (MCL, of binnenband) en aan de buitenkant van de knie loopt van het bovenbeen naar de kop van het kuitbeen het laterale collaterale ligament (LCL, of buitenband). Samen zorgen zij voor de zijdelingse stabiliteit.

Letsel van een van de banden

Letsel van de kruisbanden komt vaak voor bij sportactiviteiten en dan vooral bij draai- of duwmomenten. Het onderbeen draait of verschuift daarbij te ver van het bovenbeen. De kruisband kan worden opgerekt of zelfs scheuren (ruptureren). Een voorste kruisbandruptuur is het meest voorkomende ligamentaire letsel van de knie. Het ontstaat bijna altijd met een direct trauma waarbij het onderbeen naar buiten draait in combinatie met een X-stand van de knie. Maar het kan ook ontstaan bij overmatige buiging van de knie of geforceerde overstrekking. Vaak is er naast de voorste kruisbandruptuur ook sprake van andere letsels in of om de knie, zoals een meniscusscheur, kraakbeenschade of een (gedeeltelijke) scheur van één van de andere kniebanden. Ook bij verkeersongevallen kan een voorste kruisbandruptuur ontstaan.

Een scheur van de achterste kruisband kan ontstaan bij geforceerd naar achteren drukken van het onderbeen ten opzichte van het bovenbeen of bij ernstige overstrekking van de knie. De meest voorkomende oorzaken zijn verkeersongelukken (knie tegen dashboard en bij motor of brommerongevallen). Het komt ook voor bij contactsporters indien het onderbeen naar achteren wordt getrapt door een tegenstander (bij voetbal of rugby).

MCL letsel (binnenband) komt voor bij een plotselinge zijdelingse beweging of kracht van buiten naar binnen (valgus trauma). Bij letsel van de LCL (buitenband) is er vaak aan de binnenzijde van het been een zijdelingse beweging of kracht geweest (varus trauma). Posterolaterale hoekletsel is een beschadiging van de buitenband in combinatie met een scheur van het poplitiofibulaire ligament (een kleine band aan de achterzijde/zijkant van de knie) en een scheur van de popliteuspees. Dit komt vaak voor in combinatie met een voorste kruisbandruptuur.

Symptomen

Het oprekken van de band kan pijnlijk zijn en gepaard gaan met zwelling. Bij een daadwerkelijk ruptuur kan de patiënt op het traumamoment een knapje horen. Daarna zal de knie snel dik worden en kan niet meer goed worden belast. Het gevolg is dat er instabiliteits- en belastingsklachten ontstaan.

Behandeling

Ligamentair letsel (letsel aan de kniebanden) wordt bijna altijd eerst conservatief behandeld. Dat betekent dat u eerst een aantal weken een brace krijgt en fysiotherapie moet volgen. Indien er daarna sprake is van blijvende instabiliteitsklachten in het dagelijks leven (regelmatig 'door de knie zakken'), komt u in aanmerking voor een ligamentaire reconstructie (kniebandreconstructie). Bij (top)sporters zal sneller voor een operatieve behandeling gekozen worden omdat milde instabiliteitsklachten bij sporten al grote beperkingen kunnen geven. 

Resultaat

Het doel van de kniebandreconstructie is dat u weer een stabiele knie krijgt.

Voorbereiding

Voordat u de daadwerkelijke reconstructie ondergaat, wordt u nog een keer onderzocht door de anesthesist. Dit is de medisch specialist die zal zorgen voor de verdoving tijdens de operatie en goede pijnstilling na de operatie. 

Vooronderzoek door anesthesist 

Het vooronderzoek: de Pre-Operatieve Screening (POS) vindt plaats op de POS-poli en wordt uitgevoerd door de afdeling anesthesiologie (route L, receptie 30 op de 2e etage). Zij beoordelen of u gezond genoeg bent om geopereerd te worden. Het vooronderzoek bestaat uit een gesprek, lichamelijk onderzoek, een gezondheidsvragenlijst en indien nodig aanvullend onderzoek. Ook wordt besproken welke vorm van verdoving (anesthesie) u tijdens de operatie krijgt.   Hieronder staan een aantal zaken die u misschien nodig hebt en vóór de opname moet regelen. Mocht dit niet lukken, geeft u dit dan tijdig door aan verpleegkundige van de verpleegafdeling:  

    • Probeer in uw omgeving hulp te regelen, bijvoorbeeld partner, familie, vrienden of buren. Zij kunnen nodig zijn voor vervoer, hulp in huishoudelijk werk, maar zijn ook belangrijk om alle informatie mee op te slaan, want twee personen onthouden beter dan één!
    • Huren van elleboogkrukken. Dit kan bij de thuiszorg of kruisvereniging of bij een particuliere instantie.
    • Kopen van een lange schoenlepel.
    • Soms is een krukje of stoel in de douche nuttig.
    • Zorg voor stevige schoenen, die goed om uw voet sluiten. Instappers zijn erg handig.
    • Zorg ervoor dat u paracetamol en een thermometer in huis heeft. Dit kunt u kopen bij apotheek of drogist 

Hieronder staan een aantal zaken die u misschien moet doen vóór de opname:

    • Zorg ervoor dat u thuis straks voldoende ruimte heeft om met krukken te lopen. Haal daarom tijdelijk losse kleden en extra meubilair weg.
    • Verwijder vóór de operatie eventueel make-up of nagellak.
    • Gebruik geen crème of bodylotion op de dag van de operatie.
    • Ontdekt u een wondje aan een van uw benen, bent u ziek of onzeker of u de operatie wel door moet laten gaan, neem dan tijdig contact op met de polikliniek orthopedie. De medewerker van de polikliniek overlegt dan met u en de arts wat u het beste kunt doen.
    • Zorg dat u alvast een paar keer fysiotherapie heeft gehad voor uw knie. Uw knie is dan in optimale conditie om de revalidatie na de operatie goed op te pakken.
    • Leer alvast lopen met krukken en oefen alvast de voorgestelde oefeningen.   

Wat neemt u mee naar het ziekenhuis?

    • verzekeringspolis ziektekosten;
    • legitimatiebewijs;
    • afsprakenkaart;
    • alle medicijnen die u gebruikt in de bijbehorende verpakking (ook de medicijnen die niet door een arts zijn voorgeschreven zoals drogistartikelen);
    • een actueel overzicht van de medicijnen die u gebruikt;
    • dieetvoorschriften;
    • persoonlijke artikelen (zoals bijvoorbeeld nachtkleding, toiletartikelen, kamerjas, pantoffels, ondergoed, leesbril, boek, tijdschrift, schrijfspullen, spelletje, wat geld (maar niet te veel);
    • loophulpmiddel. 

Het is verstandig waardevolle spullen en sieraden thuis te laten.  

De operatiedag 

U ontvangt thuis een brief over de operatie. U wordt geopereerd door een orthopedisch chirurg van ons knieteam. Het kan zijn dat de naam van de operateur dan nog niet bekend is. Een orthopedisch chirurg in opleiding zal mogelijk, onder directe supervisie, een deel van de handelingen uitvoeren.  Op de dag van de operatie kunt u zich melden bij de balie van de verpleegafdeling die in de brief staat aangegeven. Daar legt een verpleegkundige kort uit hoe de opname eruit zal zien en wat u kunt verwachten. In dit gesprekje kunt u ook zelf nog vragen stellen aan de verpleegkundige. Voor u naar de operatiekamer gaat, komt er nog een orthopedisch chirurg (in opleiding) bij u langs om de laatste zaken met u te bespreken.

Zes uur voor de operatie moet u stoppen met eten en het drinken van melkproducten en 'ondoorzichtige vloeistoffen'. Als u ’s middags geopereerd wordt, mag u tot zes uur van tevoren een licht ontbijt eten. Dit lichte ontbijt mag alleen bestaan uit een boterham, beschuit, of cracker met zoet beleg zoals jam of suiker.

Tot aan de ingreep mag u heldere vloeibare dranken zoals water, thee (met suiker, geen melk) of aanmaaklimonade blijven drinken. Wij adviseren u dit te blijven drinken, om te zorgen dat u vocht en suikers binnen blijft krijgen, voor een beter herstel na de operatie. 

U neemt ’s ochtends wel gewoon uw medicijnen in, tenzij de anesthesioloog anders met u heeft afgesproken (eventueel met een slokje water).

Op de verpleegafdeling krijgt u ook alvast medicijnen tegen de pijn. Kort voordat u naar het operatiecomplex gaat vragen we u nog een keer om te gaan plassen. We kijken daarna met een echoapparaat, of uw blaas leeg is, omdat u tijdens de operatie niet kunt plassen en we liever geen urinekatheter inbrengen. Wanneer het tijd is voor de operatie brengen de verpleegkundigen u naar het operatiecomplex. U komt binnen in de voorbereidingsruimte, ook wel holding genoemd. Hier doen we nog een aantal laatste controles en krijgt u een infuus (naaldje in de arm). Via dit infuus krijgt u medicijnen om misselijkheid tijdens en na de operatie te voorkomen, pijnstillers en antibiotica. Het kan even duren voordat u naar de operatiekamer gaat. Meestal zijn er in de voorbereidingsruimte ook andere patiënten die op hun ingreep wachten.

Tijdens de behandeling

Voorste of achterste kruisbandreconstructie 

Bij een voorste of achterste kruisbandreconstructie wordt een nieuwe kruisband gecreëerd, meestal van twee eigen hamstringpezen. Er vindt geen krachtsverlies plaats door het missen van deze pezen, de andere twee hamstringpezen nemen de functie over. Soms wordt gebruik gemaakt van de knieschijfpees of van een pees verkregen uit de weefselbank. Bij de operatie beginnen we met het uithalen van de pezen. Daarna wordt een kijkoperatie gedaan waarbij eerst de hele knie geïnspecteerd wordt en eventuele andere letsels worden behandeld. De restanten van de gescheurde kruisband worden verwijderd. Daarna wordt er een tunnel in het bovenbeen en een tunnel in het onderbeen geboord, op een zodanige manier dat de nieuwe kruisband op exact dezelfde plaats komt te lopen als de originele kruisband. De nieuwe kruisband wordt vastgezet met speciaal fixatiemateriaal, wat later niet meer verwijderd hoeft te worden. De maanden na de operatie groeit de pees het bot in. Alleen de grotere wond in het onderbeen wordt gehecht, met (meestal) een oplosbare hechting. In onderstaande video kunt u de voorste kruisbandreconstructie zien. 

MCL of LCL reconstructie

 Bij een MCL (binnenband) of LCL (buitenband) reconstructie wordt ook gebruik gemaakt van twee lichaamseigen of donorpezen die worden verankerd in het boven- en onderbeen op dezelfde plek waar de originele knieband heeft gezeten. Dit kan niet via een kijkoperatie. Hiervoor wordt een incisie (snede) aan de binnen- of buitenkant van de knie gemaakt.

Voorste kruisband reconstructie

Na de behandeling

Na de operatie gaat u naar de uitslaapruimte (recovery). In de uitslaapkamer wordt u langzaam helemaal wakker. Sommige patiënten zijn na de ingreep misselijk of hebben pijn. In de uitslaapruimte krijgt u de eerste periode intensieve controle en behandeling waar nodig. Als u voldoende stabiel bent en uw hartslag en bloeddruk zijn goed, dan mag u naar de verpleegafdeling.

Als u een kruisbandreconstructie hebt gehad, dan heeft u drie kleine wondjes van de kijkoperatie en een wond van ongeveer vijf centimeter aan de binnenzijde van uw onderbeen in verband met het winnen van de hamstringpezen. Indien er gebruik gemaakt is van de knieschijfpees, bevindt er zich een wond op de voorzijde van de knie van ongeveer acht centimeter. Als u een MCL of LCL reconstructie hebt gehad, dan heeft u aan de binnen- of buitenzijde van de knie een wond. Het is normaal dat u enkele dagen na de operatie pijn heeft. De operatiedag en de dag na de operatie krijgt u pijnstilling. De anesthesioloog bepaalt welke vorm van pijnstilling u krijgt. U heeft na de operatie een drukverband om het geopereerde been. Dit drukverband moet 24 uur blijven zitten. Er zal nog op de dag van de operatie, of op de eerste dag na de operatie een röntgenfoto van de knie worden gemaakt om de positionering van de gereconstrueerde kruisband te controleren.

Afhankelijk van welke kniebandreconstructie u heeft gehad, moet een aantal weken een stabiliserende brace dragen. Kort na de operatie neemt de fysiotherapeut contact met u op. Hij/zij geeft adviezen omtrent de nabehandeling van de operatie. Op de eerste dag na de operatie oefent u onder begeleiding van de fysiotherapeut het mobiliseren.

Beter in beweging 

Bewegen is goed, ook als u in het ziekenhuis ligt. Uw conditie blijft beter, spieren blijven sterker, u voelt zich beter én herstelt sneller. Ook is de kans op complicaties kleiner als u meer uit bed komt tijdens uw opname. Toch liggen en zitten patiënten in het ziekenhuis gemiddeld 90 procent van de dag. Om u te helpen meer te bewegen tijdens uw opname vind u hier tips en een video. Is bewegen lastig voor u? Vraag dan hulp van de verpleging of fysiotherapeut. 

Een paar tips om in beweging te blijven tijdens uw opname:

    • Draag tijdens de opname zoveel mogelijk uw gewone kleding.
    • Probeer zoveel mogelijk uit bed te zijn. Zitten is al beter dan liggen.
    • Probeer wassen en aankleden zoveel mogelijk zelf te doen, bij voorkeur in de badkamer en niet aan bed.
    • Eet en drink zoveel mogelijk aan tafel en niet in bed.
    • Haal bijvoorbeeld zelf eens uw koffie uit de automaat op de afdeling.
    • Probeer in ieder geval elke ochtend, middag en avond een stukje te lopen.
    • Afhankelijk van uw conditie kan dit op de kamer zijn, op de afdeling of zelfs buiten de afdeling. Gaat u de afdeling af, meld dit dan wel even bij de verpleegkundige Ga voor meer informatie en filmpjes over Beter in Beweging bij het UMC Utrecht naar deze pagina.  

Ontslag 

Na de operatie verblijft u één, soms twee dagen in het ziekenhuis. Voor uw ontslag neemt een verpleegkundige nog enkele praktische zaken met u door, zoals de datum van de controleafspraak op de polikliniek en het medicijngebruik. Het is raadzaam als er iemand uit uw omgeving bij dit gesprek aanwezig is.   U krijgt het volgende mee naar huis:  

    • Een verwijzing, een algemene brief en een ontslagbrief voor de huisarts.
    • Recepten.
    • Controleafspraak op de polikliniek.
    • Evaluatieformulier.

 Als u naar huis gaat, kunt u zich weer voor een groot deel zelf verzorgen. U heeft wel misschien hulp nodig bij bijvoorbeeld het aan- en uitkleden. Ook het huishouden kan problemen opleveren, omdat u thuis met krukken moet lopen. Houd er rekening mee dat u niet zelfstandig naar huis kunt reizen en er dus iemand nodig is die u vanuit het ziekenhuis naar huis of naar de gekozen zorginstelling brengt.

Vier weken na ontslag wordt u op woensdag of vrijdag verwacht op de polikliniek orthopedie ter controle van de knie. Deze afspraak geven wij u mee. 

Mogelijke complicaties 

Ondanks alle zorg die u en wij aan voorbereiding en de operatie besteden, kunnen er toch complicaties optreden. 

    • Tijdens de operatie wordt een bloedleegteband om het bovenbeen aangelegd om de knie bloedleeg te maken. Dit kan in zeldzame gevallen blaren en een kneuzing geven. De klachten verdwijnen vanzelf. 
    • Bij de hamstringtechniek kan er sprake zijn van bloeduitstortingen in het bovenbeen en / of de knieholte. Dit verdwijnt vanzelf. Bij de knieschijfpees techniek kan er de eerste maanden sprake zijn van pijn aan de onderzijde van de knieschijf. 
    • De eerste weken na de operatie kan de knie erg gezwollen zijn door vocht of bloed. De fysiotherapeut zal u instructies geven hoe hiermee om te gaan. 
    • Er bestaat een kleine kans op infectie van het gebied rondom een van de wonden waarvoor soms behandeling met antibiotica tabletten nodig is. Zeer zelden treedt een diepere infectie van het gewricht op. Dit is ernstig en indien dit het geval is moet het gewricht gespoeld worden om de nieuwe kruisband en het kraakbeen te sparen, en vaak is antibioticabehandeling via een infuus nodig. 
    • Een nabloeding van de wond kan optreden. Meestal kan dit met een extra drukverband gestelpt worden, heel zelden moet een extra hechting geplaatst worden.
    • Soms wordt een kleine huidzenuw in het onderbeen geraakt waardoor een stukje van de huid doof aanvoelt. Meestal verdwijnen deze klachten vanzelf maar soms zijn ze blijvend. 
    • Er is een kleine kans op trombose. U moet gedurende zes weken injecties gebruiken om de kans hierop te verkleinen, maar er blijft een kleine kans op trombosevorming bestaan.
    • Er kan overmatig littekenweefsel of bindweefsel ontstaan in de knie waardoor deze stijf wordt. Een strekbeperking kan ontstaan door overmatige bindweefselvorming , indien dit optreedt is het van belang contact op te nemen met uw behandelaar.   

Er is een aantal situaties waarin u direct contact op moet nemen met uw behandelend arts. Neem contact op met de afdeling orthopedie als:

    • De wond aan de knie gaat lekken.
    • Roodheid of zwelling en pijn aan de operatiewond toeneemt.
    • De functie van de knie sterk achteruit gaat, dat wil zeggen dat u de knie minder ver kan buigen of strekken dan voorheen mogelijk was.
    • U een lichaamstemperatuur van meer dan 38,5° C heeft, u daar geen goede verklaring voor heeft en dit in combinatie met één van bovenstaande verschijnselen optreedt.  

Bij twijfel kunt u ook contact opnemen met uw huisarts.

Leefregels 

De fysiotherapeut komt bij u langs op de afdeling om met u te oefenen en instructies te geven.
Let op! U mag pas weer autorijden als u zonder krukken kunt lopen!

Vervolg

Het is normaal dat u enkele dagen na de operatie pijn heeft. Een intensieve nabehandeling van een fysiotherapeut is essentieel om de knie weer te gebruiken en om met name de bewegingen weer terug te krijgen en de kracht in de bovenbeensspieren. Tijdens het revalidatietraject wordt u niet begeleid door de fysiotherapeuten van het ziekenhuis. U ontvangt een verwijzing en een revalidatieprotocol waarmee u een fysiotherapeut bij u in de buurt kunt benaderen om u te begeleiden. Heeft u vragen of wilt u meer informatie over de revalidatie? Neem dan contact op met onze fysiotherapeuten via fysioknie@umcutrecht.nl.

Oefeningen en revalidatieschema 

Er is een aantal oefeningen die u kunt doen om uw revalidatie te versnellen na de operatie. De oefeningen en bijbehorende revalidatieschema's vindt u op de onderstaande oefeningenpagina's. Deze zijn ook te vinden in de Mobility Clinic App (Apple en Android). Doe deze oefeningen alleen in overleg met uw eigen fysiotherapeut.

Hebt u vragen?

Mobility Clinic app

Download gratis de Mobility Clinic app (Apple en Android) voor video's, achtergrondinformatie en oefeningen. De app biedt ondersteuning tijdens het gehele behandeltraject. Bij instellingen kunt u “Kniebandreconstructie” aanvinken en uw operatiedatum selecteren.

Afspraak

Als u een afspraak wilt maken bij Mobility Clinic, hebt u een verwijzing nodig van uw huisarts of specialist.

Contact en vragen

Hebt u na het lezen van deze informatie nog vragen? Neem dan contact op via Mobility Clinic.