Terug

Centrum seksueel geweld

Iemand die kort geleden een aanranding of verkrachting heeft meegemaakt, kan terecht bij het centrum seksueel geweld. Iva Bicanic is coördinator en behandelt traumapatiënten. Ook doet ze al jaren onderzoek naar slachtoffers van seksueel geweld.

Iva Bicanic: “Al heeft twaalf procent van de vrouwen en drie procent van de mannen in Nederland een verkrachting meegemaakt, de meesten zwijgen erover. Over een ongeluk of beroving vertel je wel, maar bij een verkrachting is er vaak schaamte en zijn slachtoffers bang voor beschuldigende reacties als: waarom fietste je daar? Of: waarom doe je zo’n kort rokje aan? Onterecht, want niemand vraagt om een verkrachting. Ook daarom houd ik mij al twintig jaar bezig met seksueel geweld, omdat over houding en bejegening nog veel te leren valt. Ook door professionals.”

Snel hulp

“De dader is vaak een bekende. Gemiddeld zoeken slachtoffers pas anderhalf jaar na de aanranding of verkrachting hulp. Met dit centrum (sinds 2012) willen we hen snel hulp bieden, het liefst binnen een week na het seksueel geweld. Het voordeel is dat bij ons alle deskundigen – medische, psychologische en forensische – samenwerken als één team. Voorheen was hulp versnipperd. In de eerste week liggen kansen voor het slachtoffer als het gaat om acute, medische zorg. Bijvoorbeeld bij risico op soa-besmetting of zwangerschap, waarvoor we medicatie of de morning-afterpil kunnen geven. Bovendien kunnen we meteen uitleg geven over normale stressreacties – zoals slaapproblemen, herbelevingen, vermijdingsgedrag en prikkelbaarheid – voordat ze mogelijk uitgroeien tot een posttraumatisch stressstoornis (ptts). Ook bewijsmateriaal ter ondersteuning van een aangifte is binnen die eerste week beter te verkrijgen. Slachtoffers komen meestal binnen via de politie, maar iemand kan ook gebruikmaken van het centrum zonder melding of aangifte te doen.”

Hoe werkt het?

“De werkwijze is als volgt: op de spoedeisende hulp vertelt het slachtoffer haar verhaal kort aan een verpleegkundige, zodat die kan inschatten welke medische zorg nodig is. In geval van aangifte coördineert de verpleegkundige de samenwerking tussen de forensisch arts, forensisch rechercheur, zedenrechercheur en spoedeisende-hulparts of kinderarts.

Deze verpleegkundige speelt dus een belangrijke rol als centrale contactpersoon. We horen van veel slachtoffers dat ze het prettig en geruststellend vinden dat de verpleegkundige de eerste uren bij hen blijft. Daarna neemt het landelijk psychotraumacentrum de psychologische zorg op zich. We bellen eerst met het slachtoffer en/of de ouders, kijken wat nodig is en of er hulp moet worden geboden. Daarna houden we contact met het slachtoffer en kijken we of de stressreacties afnemen en of iemand de gebeurtenis op eigen kracht verwerkt. Zo niet, dan zetten we traumabehandeling in.”

Veel veerkracht

“Natuurlijk raken sommige gevallen mij, maar emoties belemmeren mijn handelen niet. Zo’n duizend verkrachtingsslachtoffers hebben wij in het psychotraumacentrum inmiddels gezien, ook jongens en mannen die zich nóg meer schamen erover te praten, omdat ze denken de enige te zijn. Ook meisjes van Turkse en Marokkaanse afkomst zien we, waarbij we soms voorzichtig moeten zijn in verband met eerwraak. Mensen hebben veel veerkracht, heb ik geleerd. Mensen kunnen herstellen. En: je kan veel leed voorkomen door er vroeg bij te zijn.”

Wilt u contact met het Centrum Seksueel Geweld?  088 75 555 88

 

Het verhaal van Lisa

Op een donderdagavond gaat Lisa (18 jaar, verkering met Mike, mbo-student met een bijbaantje in een supermarkt) met haar collega’s uit. Haar beste vriendin Vera gaat ook mee. Vera is vrijgezel en verliefd op Sebas. Ze trekt die avond met name op met Vera, Sebas en zijn beste vriend Wouter. Er wordt veel alcohol gedronken en ze gaan dansen in een hippe club. Sebas stelt voor met z’n vieren nog een drankje te drinken bij hem thuis. Zijn ouders zijn er toch niet. Lisa twijfelt maar Vera weet haar over te halen. Aangekomen in het huis van Sebas trekken Sebas en Vera zich al snel terug op de slaapkamer.

Lisa blijft alleen met Wouter achter op de bank. Ze besluiten de tv aan te zetten. Dan legt Wouter zijn hand op Lisa’s been. Ze zegt dat ze een relatie heeft en dat niet wil. Wouter antwoordt dat ze niet zo moeilijk moet doen en begint haar been te strelen. Nogmaals zegt Lisa dat ze dat niet wil, waarop Wouter boos wordt. Hij geeft Lisa een duw zodat ze ligt. Hij doet haar broek uit. Lisa zou wel willen schreeuwen maar is bang hem nog bozer te maken. Wouter verkracht haar zonder condoom.

Het doet heel veel pijn. Hij houdt geen enkele rekening met haar. Na enkele minuten die wel uren leken te duren komt hij klaar. Terwijl hij zijn broek weer aantrekt, weet Lisa op te staan en roept Vera mee naar huis te gaan. Onderweg zegt ze niks tegen haar vriendin. Ze wil er niet meer aan denken en besluit er met niemand over te praten. Ze gaat de volgende dag gewoon naar school maar haar vriend Mike merkt al snel dat er wat met haar aan de hand is en stelt allerlei vragen. Uiteindelijk zwicht ze en vertelt hem het verhaal. Mike is woedend op Wouter en wil naar hem toe. Lisa weet hem tegen te houden. Ze zegt hulp te willen: ze is bang dat ze een soa heeft en zwanger is, en ze wil misschien wel aangifte doen. Op internet zoeken ze hulp en komen op de website van het centrum seksueel geweld. Lisa besluit te bellen en wordt uitgenodigd naar het UMC Utrecht te komen.

Vanwege bescherming van privacy is bovenstaand verhaal een fictief voorbeeld van een veelvoorkomende situatie, gebaseerd op meerdere verhalen van slachtoffers.

Centrum seksueel geweld

  • Het landelijk psychotraumacentrum van het Wilhelmina Kinderziekenhuis (WKZ) is initiatiefnemer van het centrum seksueel geweld.
  • Bij de locaties in Utrecht, Nijmegen, Venlo en Maastricht kunnen acute verkrachtingsslachtoffers terecht. Ze hoeven geen aangifte te hebben gedaan.
  • 90 procent van de slachtoffers is een meisje of vrouw.
  • In 2015 worden negen nieuwe centra geopend met subsidie van Fonds Slachtofferhulp. De landelijke uitrol wordt gesteund door de ministeries van Volksgezondheid, Welzijn & Sport en van Veiligheid & Justitie.
  • Het centrum biedt dag en nacht hulp aan iedereen die korter dan zeven dagen geleden een aanranding of verkrachting heeft meegemaakt.
  • Artsen, verpleegkundigen, politie en hulpverleners werken samen om adequate zorg te bieden.
  • Professionals houden zich aan de beroepsmatige geheimhoudingsplicht.  
  • Traumabehandeling bestaat uit emdr, oftewel eye movement desensitization and reprocessing (een effectief bewezen behandelmethode om nare ervaringen te verwerken, meer info: www.emdr.nl) of cognitieve gedragstherapie (meer info: www.vgct.nl).
  • De meeste slachtoffers zijn tussen de veertien en vierentwintig jaar oud.
  • 85 procent is verkracht of aangerand door een bekende.