Meer zorg

UMC(t)huis staat symbool voor de toekomst

Een stukje zorg bij ziekenhuis a, een ander stukje bij de huisarts of ziekenhuis b en een laatste stukje bij het revalidatiecentrum. Dit is voor patiënten nu vaak de praktijk. Dat kan anders en dat wordt anders, stelt Carlo Gaillard, internist-nefroloog en voorzitter van de divisie interne geneeskunde en dermatologie in het UMC Utrecht.

Over twintig jaar bepalen mensen zelf of ze zorg nodig hebben en sturen ze deze actief vanuit huis aan – waarbij de zorg zoveel als mogelijk thuis of in de buurt wordt verleend. Op die twintig jaar wil Carlo natuurlijk niet vastgepind worden, maar dat we veel meer in een zorgcontinuüm gaan werken waarin patiënten de regie voeren, daarvan is hij overtuigd. Carlo is betrokken bij de ontwikkeling van

UMC (t)huis

. “Met

UMC (t)huis

willen we niet alleen de zorg dicht bij patiënten organiseren, maar ook het onderzoek en onderwijs daarin meenemen.”


Levensfase

Als zorginstelling gaan we volgens Carlo steeds meer van ‘zorgen voor patiënten’ naar ‘zorgen voor mensen’. “Het uitgangspunt is welke zorg iemand wenst. Wil een dertigjarige met een ernstige ziekte bovenal genezen, dan wil een negentigjarige misschien wel zoveel mogelijk kwaliteit van leven behouden. Afhankelijk van levensfase en omstandigheden verwachten mensen andere zorg. Die zorg moeten wij bieden, samen met alle andere zorginstellingen. Dat moet een goed geoliede keten worden, waaruit patiënten kunnen pikken wat zij nodig vinden.”



Netwerkgeneeskunde

Om dit te bereiken zijn drie ontwikkelingen nodig. De eerste is dat we met alle zorgverleners een netwerk rondom patiënten vormen: netwerkgeneeskunde. “Dat vereist veel meer samenwerking tussen alle zorgaanbieders. Van huisartsen, thuiszorg en psychologische hulp tot reguliere ziekenhuizen en academische ziekenhuizen. Met elkaar moeten we dat zorgcontinuüm vormen waarbinnen patiënten geen schotten ervaren. Om dat goed te kunnen regelen is er per regio een regievoerder nodig. Dat zouden de UMC’s kunnen zijn.”

De tweede is een aanpassing van de financiering. “Nu krijgen we alleen betaald als we een patiënt in het ziekenhuis zien en behandelen. Door de zorg dichter bij patiënten te bieden, kan die ook goedkoper worden. Daarvoor moet wel het financiële zorgsysteem veranderen. Het UMC Utrecht heeft hiervoor in juli een contract met zorgverzekeraar Zilveren Kruis ondertekend. Met hen gaan we hierin de eerste stappen zetten.”

De derde ten slotte is de digitalisering van zorg. “Met e-health en slimme algoritmes zijn we in het UMC Utrecht al enige jaren aan het experimenteren. Nu moeten we de stap maken van kleine succesvolle initiatieven naar een UMC-brede werkwijze. De raad van bestuur heeft onlangs besloten een afdeling Digital Health te starten die divisies hierin gaat ondersteunen.”



Gevolgen zorgverleners

Op termijn gaat dat uiteraard ook gevolgen hebben voor de zorgverleners. “Patiënten komen minder vaak in het ziekenhuis en opnames worden korter. De patiënten die wel opgenomen worden, zijn ernstiger ziek. De verpleegafdelingen zouden dan best eens vergelijkbaar kunnen zijn met de medium care van nu. In het ziekenhuis werken waarschijnlijk minder verpleegkundigen. Dat is ook nodig, want het tekort aan verpleegkundigen wordt alleen maar groter. Tegelijkertijd zijn er buiten het ziekenhuis verpleegkundigen nodig, die bij de mensen thuis komen. Ik kan me voorstellen dat die verpleegkundigen dan niet meer aan een zorginstelling zijn verbonden, maar aan een regio. Misschien zoiets als de ambulances nu werken: als iemand aangeeft een verpleegkundige nodig te hebben, krijgt de dichtstbijzijnde een seintje en gaat erheen.”

Ook voor de artsen wordt het anders. “Het routinewerk wordt overgenomen door e-health-toepassingen en algoritmes, zodat zij zich meer kunnen richten op de menselijke toegevoegde waarde. Ze behandelen de ernstig zieke mensen in het ziekenhuis en staan digitaal in verbinding met alle mensen die thuis in behandeling zijn. Enerzijds hebben ze contact met patiënten als die er behoefte aan hebben, anderzijds melden digitale monitoringsystemen als er zorg nodig is.”



Zorgcoach

Het is essentieel om onderzoek en onderwijs in deze ontwikkeling mee te nemen, vindt Carlo. “Onderwijs uiteraard omdat zorgverleners anders, op een beter bij deze ontwikkeling passende manier opgeleid moeten worden. Wat betreft onderzoek is het nodig dat we gemakkelijker patiënten kunnen includeren, die niet in ons ziekenhuis zijn of zelfs niet ‘onze’ patiënt zijn. Het voordeel hiervan is dat we met grotere groepen onderzoek kunnen doen.”

De belangrijkste factor in deze ontwikkelingen zijn natuurlijk de patiënten. “Zij hebben straks zelf de regie over hun zorg, beschikken over alle relevante data, bepalen met wie ze dat delen en kunnen hun zorgkeuze baseren op hun eigen wensen. Juist omdat niet iedereen die regie aankan, ontstaat er waarschijnlijk ook een nieuw type zorgverlener: de zorgcoach. In opdracht van patiënten kan die adviseren welke zorg nodig of gewenst is.”

Verre toekomstmuziek? Toekomst wel, maar niet zo ver weg. “Overal in de maatschappij zie je deze beweging. In het UMC Utrecht hebben we al goede stappen gezet om deze ontwikkeling mede vorm te geven.”

Er zijn nog geen reacties op dit artikel

Reageer als eerste

Reacties

Reageer

Om spam te voorkomen vragen we u de onderstaande code over te typen.