| Meer zorg |Corona

UMC Utrecht en Defensie bundelen krachten

COVID-patiënten waarvoor geen plek is in ziekenhuizen in de eigen regio in Nederland, worden opgevangen in het UMC Utrecht. Vanaf medio oktober werkt het UMC Utrecht samen met het ministerie van Defensie om deze bovenregionale COVID-zorg mogelijk te maken. “Een typisch voorbeeld van één en één is drie”, aldus Remco van Lunteren, verantwoordelijke voor capaciteit in het Crisis Coördinatie Team van het UMC Utrecht. 

Melanie van den Heuvel, majoor bij 400 Geneeskundig bataljon van de Landmacht en detachementscommandant van de militairen die in het UMC Utrecht werken: “Tijdens de eerste golf was onze inzet versnipperd in ziekenhuizen in heel Nederland. Voor de tweede golf is besloten militaire zorgmedewerkers centraal in te zetten in Utrecht om de impact van onze inzet te vergroten. Het UMC Utrecht was hiervoor een logische keuze, aangezien het UMC Utrecht centraal in Nederland ligt en we al ervaring hebben met samenwerking via het Centraal Militair Hospitaal (CMH) en het Calamiteitenhospitaal.” 

Bovenregionale zorg

“De bovenregionale zorg die we in het UMC Utrecht verlenen, is ongeveer 65 procent van onze totale COVID-zorg”, vertelt Remco. “Het ministerie van Defensie verdubbelt onze capaciteit. Naast elke Defensiemedewerker staat dus een UMC Utrecht-medewerker. Hierdoor hebben we één keer zoveel klinische bedden beschikbaar voor COVID-patiënten dan als Defensie niet in het UMC Utrecht zou zijn en kunnen we op twee locaties IC-bedden openen, in het UMC Utrecht op de reguliere IC en op de locatie van het Calamiteitenhospitaal. Zo kunnen we snel opschalen als dat nodig is, en hebben we voldoende IC-achtervang voor bovenregionale COVID-patiënten in onze kliniek die toch IC-zorg nodig hebben.” 

Één plus één is drie 

De samenwerking bevalt van beide kanten goed. Melanie: “Doordat we nu bijna twee maanden op deze manier intensief met elkaar samenwerken, zijn we inmiddels goed op elkaar ingespeeld en kunnen onze medewerkers echt meerwaarde leveren in de zorg voor COVID-patiënten. Ook doen ze op deze manier waardevolle ervaring op.” Remco vult aan: “De inzet van defensiemedewerkers in het UMC Utrecht vroeg een investering van ons qua opleiding en begeleiding, bijvoorbeeld door onze infectiologen, longartsen en verpleegkundigen. Maar inmiddels zijn de defensiemedewerkers goed ingewerkt en is iedereen goed op elkaar ingespeeld. We zijn blij dat ze er zijn. Samen krijgen we meer voor elkaar dan dat we beiden apart zouden kunnen doen. Een typisch voorbeeld van één plus één is drie.”     

UMC Utrecht eindverantwoordelijk

In totaal zijn er zo’n 150 militaire zorgverleners actief in het UMC Utrecht op de klinische cohortafdelingen en op de IC. Zij zijn afkomstig van zowel de Landmacht als de Luchtmacht. Melanie: “Dit zijn niet alleen artsen en verpleegkundigen, maar ook veel ondersteunend personeel zonder BIG-registratie.” Deze militairen ontlasten de verpleegkundigen qua randwerkzaamheden, zoals het klaarzetten en opruimen van medische hulpmiddelen en apparatuur. Hierdoor kunnen verpleegkundigen zich richten op de zorg voor patiënten.” Alle defensiemedewerkers zijn voor hun bovenregionale zorgtaken opgeleid in het UMC Utrecht. De medische eindverantwoordelijkheid ligt altijd bij UMC Utrecht.    

Gezamenlijk optrekken

Constant evalueren het UMC Utrecht en het ministerie van Defensie de samenwerking en wordt er gekeken wat er nodig is qua capaciteit. “Elke dag ben ik aanwezig bij de dagstart van het Capaciteit Coördinatie Team in het UMC Utrecht”, zegt Melanie. “We hebben nu, in lijn met het UMC Utrecht, voorzichtig afgeschaald op de IC. Maar deze medewerkers blijven natuurlijk stand-by voor het geval er weer meer capaciteit nodig is.” Remco: “Op alle niveaus in de organisaties trekken we echt gezamenlijk op, zodat we de opgave voor bovenregionale opvang samen optimaal kunnen invullen. En als Defensie medewerkers afschaalt, schalen wij mee af. We houden dus geen capaciteit in stand, die we zonder de inzet van Defensie ook niet zouden bieden.” 

Vraag vanuit politiek

De inzet van Defensie in het UMC Utrecht loopt in principe tot 1 januari. Remco: “Voorlopig zullen we blijven samenwerken met de bestaande aantallen. Deze tweede golf is namelijk meer een voortdurende golf in vergelijking met de eerste en zal helaas niet over een paar weken voorbij zijn.” Voor januari zal de situatie opnieuw worden bekeken en besluit de overheid wat er nodig is. Melanie: “Politieke besluitvorming bepaalt onze inzet. Mocht het nodig zijn, dan blijven we graag in het UMC Utrecht om gezamenlijk de bovenregionale zorg mogelijk te maken.” 

Foto: Training van defensiemedewerkers in het Calamiteitenhospitaal 

Er zijn nog geen reacties op dit artikel

Reageer als eerste

Reageer

(enkel voor de redactie, deze wordt niet weergegeven op de website)

Om spam te voorkomen vragen we u de onderstaande code over te typen.