Voor haar maak ik altijd even tijd

“Ik werk graag met patiënten met een chronische ziekte, want daar kan je een mooie band mee krijgen.” Etienne Blaas is verpleegkundig specialist op de Reumapolikliniek in het UMC Utrecht. Een patiënt die hij niet gauw gaat vergeten is een tachtigjarige mevrouw die de ene ziekte op de ander stapelt. “Ongelooflijk hoe positief zij in het leven staat.”

“Toen ik haar leerde kennen in 2007 was ze al weduwe. In die tijd had ze al zo’n twintig jaar reuma. Tegenwoordig hebben we gelukkig zulke goede behandelmethoden dat ernstige gewrichtsschade vaak is te voorkomen. In haar tijd was die er nog niet. Haar gewrichten waren behoorlijk beschadigd. Met haar handen kon ze bijna niks meer en ze had last van haar schouders en heupen. En dat, terwijl ze overal alleen voor stond. Maar ze klaagde niet.

In het begin zag ik haar zo’n drie keer per jaar. Omdat haar reuma inmiddels aardig onder controle is, komt ze minder vaak. Maar het bleef niet bij reuma. In de jaren die volgden, kreeg ze kanker, ernstige botontkalking, wervelkolomverzakking en een aortaklepontsteking. Iedere keer dat ik haar zag, was ze weer een beetje achteruit gegaan. Juist daarom vind ik het zo bijzonder om te zien hoe positief zij in het leven blijft staan, hoe ze het leuk weet te houden. Ik zie best veel patiënten waar dat heel anders is. Konden zij zich maar iets van haar positiviteit aanleren, denk ik soms. Dat zou hun leven een stuk gemakkelijker maken.

Door de jaren heen is mijn band met haar steeds hechter geworden. Patiënten kunnen een voicemail van onze poli inspreken waarna we ze altijd terugbellen. Vaak doe ik een paar van dat soort telefoontjes in tien minuten. Als deze mevrouw heeft gebeld, wacht ik altijd tot ik wat meer tijd heb. Want ik weet, als zij belt, heeft ze me echt even nodig, dan wil ze haar ei kwijt. Onze gesprekken gaan lang niet altijd alleen over reuma, ze gaan ook over haar andere ziekten, ze gaan over haar. Ik merk dat, als ze haar verhaal maar kwijt kan, ze daarna de draad weer kan oppakken. ‘Ik ben toch niet lastig hè?’, vraagt ze vaak. Ik doe dat graag voor haar. Misschien zouden we dat meer moeten doen: naar de hele persoon kijken, in plaats van naar één aandoening.  

Vorige maand zag ik haar zitten in het ziekenhuisrestaurant. Met een kennis. Ik zag direct aan haar dat ze weer een jasje heeft uitgedaan. Haar vriendelijke groet en glimlach toen ze mij zag, lieten daar – net als altijd – niets van doorschemeren.”

Meer weten?