Nieuwe behandeling bij uitgezaaide nierkanker
Een nieuwe combinatie van medicijnen laat positieve resultaten zien bij patiënten met uitgezaaide nierkanker. Dit blijkt uit de internationale fase-3 studie LITESPARK-011. Opvallend is dat Nederlandse centra een belangrijke bijdrage leverden aan het onderzoek: het Amphia Ziekenhuis, het UMC Utrecht en het Antoni van Leeuwenhoek (AVL) deden mee met relatief veel patiënten. De resultaten zijn gepubliceerd in The Lancet.
De behandeling van uitgezaaide nierkanker is de afgelopen jaren door de komst van immunotherapie en doelgerichte behandelingen sterk verbeterd. Hierdoor leven patiënten met uitgezaaide nierkanker gemiddeld beduidend langer dan vijftien jaar geleden. Toch blijft er behoefte aan nieuwe behandelingen.
“We hebben steeds meer middelen tot onze beschikking, maar patiënten krijgen na verloop van tijd vaak opnieuw verergering van de ziekte”, vertelt internist-oncoloog Britt Suelmann (UMC Utrecht). “Daarom is het belangrijk dat we blijven zoeken naar nieuwe aangrijpingspunten voor therapieën.”
In de LITESPARK-011-studie wordt een nieuwe behandelingsstrategie onderzocht: lenvatinib, een medicijn dat onder andere de vorming van nieuwe bloedvaten naar de tumor remt, wordt gecombineerd met belzutifan, een remmer van het eiwit HIF-2α. “HIF-2α is een nieuw aangrijpingspunt in de behandeling van nierkanker”, legt Britt uit.
“Naast immunotherapie en bestaande doelgerichte therapieën krijgen we er nu een extra target bij. Daarmee vergroten we het aantal behandelopties voor patiënten.” In de studie werd deze combinatie vergeleken met cabozantinib, een bestaande en veelgebruikte doelgerichte behandeling.
Langer leven zonder verergering van de ziekte
Deze grote internationale studie vond plaats in 184 centra in 24 landen en richtte zich op patiënten met uitgezaaid heldercellig niercelcarcinoom (ccRCC) die eerder immunotherapie hadden gekregen.
Bij patiënten die de combinatiebehandeling kregen, duurde het gemiddeld 14,8 maanden voordat de ziekte verder verergerde. Bij de bestaande doelgerichte behandeling met cabozantinib was dat 10,7 maanden. Dit noemen onderzoekers de progressievrije overleving (PFS). Uit een tussentijdse analyse blijkt daarnaast dat de totale overleving (OS) ongeveer 7 maanden langer was.
“De overlevingsdata zijn nog niet volledig afgerond”, aldus Britt. “Een aanzienlijk deel van de patiënten gebruikt de behandeling nog steeds. Het is dus goed mogelijk dat het verschil in overleving bij latere analyses nog verder toeneemt.”
Belangrijk voor patiënten is ook dat zij de HIF-2α-remmer belzutifan zeer goed verdragen, zeker in vergelijking met andere medicijnen tegen nierkanker. “Het meest zien we anemie als bijwerking, maar die is goed te bestrijden”, aldus internist-oncoloog John Haanen (AVL).
Sterke samenwerking
Dat in Nederland veel patiënten aan de studie deelnamen, is volgens internist-oncoloog Hans Westgeest (Amphia) het resultaat van een goed georganiseerd zorgnetwerk. “De afgelopen jaren hebben we de zorg voor nierkanker steeds meer regionaal georganiseerd”, vertelt Hans. “Daardoor weten ziekenhuizen elkaar goed te vinden en kunnen patiënten die in aanmerking komen voor een studie snel worden doorverwezen.”
Nederlandse ziekenhuizen werken op het gebied van nierkanker bovendien nauw samen in de Dutch Renal Cell Carcinoma Group (DRCG) en regionale oncologienetwerken als ONCONOVO+, ONCOMID en EMBRAZE. Binnen deze samenwerkingen worden patiënten besproken en zo nodig verwezen naar centra waar klinische studies lopen.
Toen de LITESPARK-011-studie in 2021 startte, bleek dat netwerk een belangrijke factor voor de inclusie. “Veel patiënten die bij ons aan de studie deelnamen, kwamen eigenlijk uit andere ziekenhuizen in de regio. Dankzij die samenwerking konden we veel patiënten toegang geven tot een nieuwe behandeling”, vertelt Hans.
Uiteindelijk deden via Amphia negentien patiënten mee aan de studie. Dat was veel meer dan aanvankelijk verwacht en het hoogste aantal wereldwijd.
Voor een deel hangt de hoge deelname ook samen met de beperkte behandelopties in Nederland voor patiënten met uitgezaaide nierkanker die niet of niet meer reageren op eerdere immuuntherapie. “De behandelopties buiten de studie zijn minder effectief dan de twee behandelingen die in deze studie worden onderzocht. Patiënten wilden daarom graag deelnemen aan de LITESPARK-011-studie”, legt John uit.
“We hopen dat deze behandeling op basis van deze resultaten in de nabije toekomst als nieuwe optie beschikbaar komt voor onze patiënten.”
Nederland sterke partner in klinisch onderzoek
De studie laat volgens Hans ook zien dat Nederland een aantrekkelijk land blijft voor internationaal klinisch onderzoek. “Er wordt soms gedacht dat Nederland minder interessant is geworden voor studies, bijvoorbeeld door strengere vergoedingseisen”, aldus Hans “Deze studie bewijst juist dat we een uitstekende infrastructuur hebben voor klinisch onderzoek en dat we internationaal een sterke partner zijn. En daar zijn we met zijn allen uiteraard heel trots op.”
De resultaten van de LITESPARK-011-studie zijn gepubliceerd in The Lancet.
LITESPARK-011 in het kort
- Studie: LITESPARK-011 (fase 3, internationaal).
- Opzet: 184 centra in 24 landen.
- Behandeling: belzutifan (HIF-2α-remmer) en lenvatinib, vergeleken met cabozantinib.
- Voor wie: patiënten met uitgezaaide heldercellige nierkanker (ccRCC) die eerder immunotherapie kregen.
- Resultaat: gemiddeld 14,8 maanden zonder verergering van de ziekte bij de combinatiebehandeling, tegenover 10,7 maanden bij cabozantinib.’Nederlandse centra: Amphia Ziekenhuis, het UMC Utrecht en het Antoni van Leeuwenhoek.