Terug

Ductoscopie bij tepelvloed

Patiëntfolder

U krijgt binnenkort een ductoscopie. Dit is een kijkonderzoek van de melkgangen in uw borst. De arts onderzoekt hiermee waar vocht uit uw tepel vandaan komt. Soms kan de arts tijdens het onderzoek ook een afwijking verwijderen. 

Uw afspraak bij de chirurg en de ductoscopie zijn op dezelfde dag. Lees deze informatie daarom goed door vóór uw afspraak. U leest hoe u zich voorbereidt, hoe het onderzoek verloopt en wat u na afloop kunt verwachten.

Wat is tepelvloed?

Bij tepelvloed komt er vocht uit uw tepel. Dit vocht kan verschillende kleuren hebben. Helder, wit of gelig vocht komt vaak voor en is meestal onschuldig. Is het vocht bloederig of bruin? Dan is verder onderzoek nodig. Soms komt dit door borstkanker. Meestal is de oorzaak goedaardig (90%). 

Om de oorzaak te onderzoeken, worden meestal een mammografie en een echo van uw borst gemaakt. Een mammografie is een röntgenfoto van de borst. Bij een echo maken we beelden met geluidsgolven.

Hoe wordt tepelvloed normaal behandeld?

Tepelvloed wordt meestal behandeld met een operatie. Vaak is een papilloom de oorzaak. Dit is een klein, meestal goedaardig gezwelletje in een melkgang. Een melkgang is een buisje in de borst dat melk naar de tepel vervoert. 

Hoe verloopt de operatie?

Als het papilloom zichtbaar is op een echo, kan de chirurg het gericht verwijderen. Maar vaak is het papilloom maar een paar millimeter groot en zit het in een melkgang. Daardoor is het moeilijk te vinden. Om de oorzaak van tepelvloed vast te stellen en de klachten te verhelpen, kiezen patiënten vaak voor een operatie. Dit is de standaardbehandeling van tepelvloed.

De afwijking zit meestal achter de tepel. De chirurg maakt daarom een sneetje langs de rand van de tepelhof. Daarna schuift de chirurg de tepel en de tepelhof opzij. De afwijking is meestal niet met het blote oog te zien. Daarom verwijdert de chirurg al het borstklierweefsel direct achter de tepel. Het doel is om daarmee ook de afwijking weg te halen. 

Wat als de afwijking niet wordt gevonden?

Vaak lukt het om de afwijking te verwijderen. Maar soms wordt de afwijking niet gevonden in het verwijderde weefsel. De afwijking kan dan alsnog in de borst zitten. Toch verdwijnen de klachten van bloederige tepelvloed vaak. Dit komt doordat de melkgangen naar de tepel tijdens de operatie zijn doorgesneden. Er blijft dan wel onzekerheid over de precieze oorzaak van tepelvloed.

Wat zijn de gevolgen van een operatie?

De operatie gebeurt onder volledige narcose. U slaapt dan en merkt niets van de operatie. Na de operatie heeft u een litteken. Soms heeft u minder gevoel in uw tepel. De operatie kan ook invloed hebben op het geven van borstvoeding.

Wat is een ductoscopie?

Een ductoscopie is een kijkonderzoek van de melkgangen in uw borst. 

De arts brengt een heel dun buisje met een camera via een opening in uw tepel naar binnen. Zo kan de arts de binnenkant van een melkgang bekijken. Soms ziet de arts een papilloom. Als dat mogelijk is, kan de arts dit tijdens het onderzoek verwijderen. Het verwijderde weefsel wordt daarna onder de microscoop onderzocht.

Waarom krijgt u een ductoscopie?

Met een ductoscopie kan de arts onderzoeken waar de tepelvloed vandaan komt. Soms kan de arts de oorzaak meteen behandelen.

Met een ductoscopie kan de arts de afwijking soms vinden en verwijderen zonder deze operatie. Kan de arts de afwijking  niet via ductoscopie verwijderen? Bijvoorbeeld omdat deze te groot is of te stevig vastzit? Dan kan alsnog een operatie nodig zijn. De chirurg weet dan beter waar de afwijking zit en kan deze gerichter verwijderen.

Voorbereiding

In de week vóór het onderzoek vragen we u om tepel en tepelhof een paar keer voorzichtig te scrubben onder de douche. Gebruik hiervoor een washand of een milde scrubcrème.

Zo helpt u voorkomen dat losse huidcellen de kleine openingen van de melkgangen verstoppen. Dat kan het onderzoek moeilijker maken. 

We raden u aan om samen met iemand naar het ziekenhuis te komen. Dan hoeft u na het ziekenhuis niet zelf naar huis te rijden.

Tijdens het onderzoek

Waar vindt het onderzoek plaats?

Het onderzoek vindt plaats op de polikliniek Heelkunde.

U meldt zich bij de afdeling B5 West, oncologische chirurgie.

Hoe verloopt het onderzoek?

  • U neemt plaats op de behandelbank.
  • De chirurg bespreekt met u hoe het onderzoek verloopt en welke behandeling eventueel mogelijk is.
  • De arts verdooft uw tepel plaatselijk met drie prikjes.
  • De arts zoekt de opening van de melkgang waar het vocht uitkomt.
  • Via deze opening brengt de arts een dun buisje met een camera naar binnen. Het buisje is ongeveer 1 millimeter dik. 
  • De arts bekijkt de melkgang op het beeldscherm. Als u wilt, kunt u meekijken.

Ziet de arts een papilloom? Dan probeert de arts dit met een klein instrument, een soort vangnetje, te verwijderen. Als het weefsel wordt verwijderd, onderzoekt het laboratorium dit onder de microscoop. Zo kan de arts vaststellen om welke afwijking het gaat. 

Soms lukt het niet om een papilloom via het kijkbuisje te verwijderen. Dan bespreekt de arts of een operatie nodig is.

Na het onderzoek

Is een ductoscopie veilig?

Bij een ductoscopie is geen operatiesnede nodig. Daardoor ontstaat er geen operatielitteken. Het UMC Utrecht heeft ruime ervaring met dit onderzoek en deze behandeling. Na het onderzoek kunt u wel tijdelijk klachten hebben. Soms ontstaat er een ontsteking in de borst. Hieronder leest u waar u op moet letten.

Wat kunt u verwachten na het onderzoek?

Na de ductoscopie kan kan er tijdelijk nog vocht uit uw tepel komen. Ook kan de tepel gevoelig zijn. Heeft u pijn? Dan kunt u paracetamol innemen. Soms raakt de borst ontstoken. Uw borst kan dan rood, warm en pijnlijk worden. Neem in dat geval contact op met uw huisarts of de polikliniek Chirurgische oncologie. Een arts beoordeelt welke behandeling nodig is.

Wanneer krijgt u de uitslag?

Na het onderzoek plannen we op advies van de chirurg een telefonische afspraak met u. Tijdens dit gesprek bespreekt de arts hoe het na het onderzoek met u gaat en of u nog klachten heeft. Als er weefsel is onderzocht, bespreekt de arts ook de uitslag daarvan.

Contact

Polikliniek oncologische chirurgie is bereikbaar op B5 West.

Polikliniek Oncologische chirurgie

088 75 569 01

Kies oncologische chirurgie in het keuzemenu. U krijgt ook de keuze om teruggebeld te worden.
De afdeling is bereikbaar van 8.30 tot 17.00 uur. 
Overige contactgegevens

Postadres

UMC Utrecht
Polikliniek Oncologische chirurgie
Huispostnummer B 05.339
Postbus 85500
3508 GA Utrecht 

Bedankt voor uw reactie!

Heeft deze informatie u geholpen?
Graag horen we van u waarom niet, zodat we onze website kunnen verbeteren.
umcutrecht.nl maakt gebruik van cookies

Deze website maakt gebruik van cookies Deze website toont video’s van o.a. YouTube. Dergelijke partijen plaatsen cookies (third party cookies). Als u deze cookies niet wilt kunt u dat hier aangeven. Wij plaatsen zelf ook cookies om onze site te verbeteren.

Lees meer over het cookiebeleid

Akkoord Nee, liever niet