Terug

Binnenkort krijgt u een navigatiebronchoscopie in het UMC Utrecht. Dit is een onderzoek waarbij de longarts een plekje diep in uw long bekijkt. De arts gebruikt hiervoor een dunne, buigzame slang (bronchoscoop) met een camera. Als dat nodig is, neemt de arts een klein stukje weefsel weg voor verder onderzoek. U krijgt tijdens het onderzoek narcose. Dat betekent dat u volledig slaapt en niets van het onderzoek merkt.

In deze folder leest u hoe het onderzoek gaat, hoe u zich voorbereidt en wat u na afloop kunt verwachten.

Belangrijk om te weten

  • U mag vanaf 6 uur voor het onderzoek niet meer eten. Lees ook de instructie over drinken.
  • Gebruikt u bloedverdunners? Overleg dan op tijd met uw arts.
  • U krijgt tijdens het onderzoek narcose.
  • Regel vooraf iemand die u na het onderzoek naar huis begeleidt. Ook als u met een taxi of het openbaar vervoer reist. 
  • Uw begeleider mag in de wachtkamer wachten. Hij of zij mag niet mee de afdeling op of bij het onderzoek zijn.
  • Neem een extra set schone kleding mee.
  • Draagt u een bril, gehoorapparaat of kunstgebit? Neem dan een doosje mee om deze in te bewaren.
  • Is het bij u moeilijk om een infuus te plaatsen? Vertel ons dit dan vooraf.
  • Bent u ziek of kunt u niet komen? Bel dan zo snel mogelijk naar 088 75 573 66.

Neem vóór het onderzoek contact op met uw arts als u:

  • allergisch bent voor bepaalde medicijnen;
  • zwanger bent of denkt dat u zwanger bent.

Wat is een navigatiebronchoscopie?

Bij een navigatiebronchoscopie onderzoekt de longarts uw luchtwegen en longen. De arts gebruikt een dunne, buigzame slang. Deze slang heet een bronchscoop.

Met behulp van röntgenbeelden en CT-scans kan de arts een plekje diep in uw long vinden. Een CT-scan maakt met röntgenstraling beelden van de binnenkant van uw lichaam. Als dat nodig is, neemt de arts een klein stukje weefsel weg. Dit heet een punctie. Het weefsel wordt daarna verder onderzocht.

Duur van het onderzoek

Het onderzoek duurt gemiddeld 1,5 tot 2 uur. 

Hoe lang het precies duurt, hangt af van de plek die de arts onderzoekt. Soms onderzoekt de arts ook de lymfeklieren rond uw luchtwegen. Dit gebeurt met een echo-bronchoscopie (EBUS).

Waar vindt het onderzoek plaats?

Het onderzoek vindt plaats in een speciale behandelkamer van het UMC Utrecht. Deze kamer heet de hybride operatiekamer (hybride OK).

Voorbereiding

Eten en drinken

Het is belangrijk dat uw maag leeg is tijdens het onderzoek. Dit noemen we nuchter zijn.

  • Vanaf 6 uur voor het onderzoek mag u niet meer eten.
  • In de 6 uur voor het onderzoek mag u nog wel heldere dranken drinken, zoals water of thee zonder melk. U mag maximaal 1 glas van 150 ml per uur drinken.

Let op:  als u niet nuchter bent, kan het onderzoek niet doorgaan.

Medicijnen

U mag uw medicijnen innemen met een klein slokje water.

Bloedverdunners

Gebruikt u bloedverdunners? Soms moet u hier tijdelijk mee stoppen. Overleg altijd met de arts die het onderzoek heeft aangevraagd. Stop niet zelf met uw bloedverdunners.

Medicijnen bij diabetes

Hebt u diabetes (suikerziekte)? Dan hangt de voorbereiding af van de medicijnen die u gebruikt.

Gebruikt u tabletten om uw bloedsuiker te verlagen?

  • De dag voor het onderzoek neemt u uw gebruikelijke hoeveelheid.
  • Op de dag van het onderzoek neemt u geen bloedsuikerverlagende tabletten.

Gebruikt u insuline?

Overleg dan met uw arts hoeveel insuline u moet gebruiken. 

Na het onderzoek krijgt u uitleg over wanneer u uw diabetesmedicijnen weer mag gebruiken.

U krijgt narcose

Tijdens het onderzoek bent u volledig in slaap. Dit heet narcose. Een anesthesioloog is een arts die zorgt voor de narcose. U krijgt slaapmiddelen via een infuus. Dit is een dun slangetje in een bloedvat. Tijdens het onderzoek wordt uw ademhaling ondersteund met een kapje of buisje in uw keel. 

Voor het onderzoek heeft u een gesprek met de anesthesioloog. De arts bespreekt uw gezondheid en de narcose met u. Dit gesprek heet de pre-operatieve screening.

Tijdens het onderzoek

Voor het onderzoek

U meldt zich op de afgesproken tijd bij de balie die in uw afspraakbevestiging staat.

Een verpleegkundige haalt u op en bereidt u voor op het onderzoek. Samen bespreekt u onder andere:

  • of u nuchter bent;
  • welke medicijnen u gebruikt;
  • of er bijzonderheden zijn waarmee we rekening moeten houden.

De verpleegkundige brengt ook een infuus in.

Tijdens het onderzoek

In de behandelkamer sluiten we u aan op apparatuur. Hiermee controleren we uw bloeddruk, hartslag en het zuurstofgehalte in uw bloed.

Draagt u nagellak? Zorg dan dat minstens één vinger vrij is van nagellak. Op deze vinger plaatsen we een apparaatje dat het zuurstofgehalte in uw bloed meet.

U krijgt zuurstof toegediend via een slangetje in de neus. Via dit slangetje houden we ook uw ademhaling in de gaten. 

Voor het onderzoek begint, stelt de arts u nog enkele vragen. U kunt zelf ook vragen stellen.

Daarna krijgt u via het infuus het slaapmiddel. Als u slaapt, plaatst de anesthesist een buisje in uw keel om uw ademhaling te ondersteunen.

De longarts brengt de bronchoscoop via dit buisje in uw luchtwegen. Met behulp van röntgenbeelden en CT-scans zoekt de arts het plekje in uw long op. Als dat nodig is, neemt de arts met een speciale naald een stukje weefsel weg.

Soms onderzoekt de arts ook de lymfeklieren rond uw luchtwegen. Dit gebeurt alleen als dit vooraf met u is besproken.

Na het onderzoek wordt u weer wakker gemaakt uit de narcose.

Na het onderzoek

Na het onderzoek brengen we u naar de uitslaapkamer. Hier controleren we uw bloeddruk, hartslag en het zuurstofgehalte in uw bloed. U blijft hier tot u voldoende wakker bent en het goed met u gaat.

Als u weer heeft gegeten en gedronken, mag u naar huis. We bellen uw begeleider om door te geven wanneer u opgehaald kunt worden. 

U krijgt u een ontslagbrief mee. Hierin staat wat er tijdens het onderzoek is gedaan en wat u moet doen als u klachten krijgt.

Naar huis gaan

U mag op de dag van het onderzoek zelf geen voertuig besturen. Dit geldt voor de auto, motor, brommer en fiets. Zorg daarom dat iemand u naar huis begeleidt. Ook als u met een taxi of het openbaar vervoer reist.

Welke klachten kunt u krijgen na het onderzoek?

Na het onderzoek kunt u last hebben van:

  • keelpijn;
  • een beetje bloed in het slijm dat u ophoest;
  • koorts op de avond van het onderzoek.

Bij koorts kunt u 1000 mg paracetamol nemen.

Soms ontstaan er andere problemen na het onderzoek. Bijvoorbeeld:

  • een bloeding op de plek waar de arts weefsel heeft weggenomen;
  • een infectie in de longen.

Wanneer moet u contact opnemen?

Neem contact met ons op als:

  • u steeds benauwder wordt;
  • u meer dan 2 eetlepels helderrood bloed ophoest.

Heeft u buiten kantooruren dringende klachten? Bel dan de afdeling Longziekten via 088 755 72 50.

Contact

Polikliniek Longziekten

088 75 561 92

Het secretariaat is bereikbaar van 08.00 - 17.00 uur.

Bedankt voor uw reactie!

Heeft deze informatie u geholpen?
Graag horen we van u waarom niet, zodat we onze website kunnen verbeteren.
umcutrecht.nl maakt gebruik van cookies

Deze website maakt gebruik van cookies Deze website toont video’s van o.a. YouTube. Dergelijke partijen plaatsen cookies (third party cookies). Als u deze cookies niet wilt kunt u dat hier aangeven. Wij plaatsen zelf ook cookies om onze site te verbeteren.

Lees meer over het cookiebeleid

Akkoord Nee, liever niet