Terug

Operatie hartklepvervanging
Operatie hartklepvervanging

Uniek kijkje in de operatiekamer

Stel, je bent hartpatiënt en hebt een nieuwe aortaklep nodig. Maar… je bent niet te opereren. Bijvoorbeeld vanwege je conditie. Dan is er een alternatieve techniek: hartklepvervanging via de lies. Hoe verloopt zo’n ingreep?

Meneer van Alebeek (82) heeft een door verkalking slecht functionerende aortaklep. Het UMC Utrecht startte in 2007 als een van de eerste Nederlandse ziekenhuizen met een ingreep via de lies, oftewel percutane hartklepvervanging. Bij deze methode is geen intensive-careopname of lange revalidatie nodig. De patiënt krijgt een roesje ter ontspanning en plaatselijke verdoving, wat de hersteltijd ten goede komt.

Omdat de borstkas gesloten blijft, wordt een röntgenapparaat gebruikt. Cardioloog Pieter Stella en zijn collega kunnen deze bewegen en zoomen, zodat het gewenste beeld op het scherm verschijnt. Er worden vier aderen aangeprikt, waarvan twee slagaders. De linker slagader wordt gebruikt om de nieuwe klep naar het hart te vervoeren. In een andere ader aan de linkerkant wordt een tijdelijke pacemaker ingebracht. Rechts komt de intra cardiale echo (ICE) om een hartfilmpje te maken en in de rechter slagader een apparaatje voor contrastvloeistof om zichtbaar te
maken op het scherm wat er in de aderen gebeurt.

Er wordt een echo van het hart gemaakt. Het hele team, bestaande uit twee cardiologen en drie verpleegkundigen, werkt nauw samen. Er wordt een beeld in het hartfilmpje vastgezet, waarop de aortaklep goed te zien is. Deze wordt opgemeten om te bepalen welke maat klep de patiënt nodig heeft.

Met het duwen van de nieuwe klep door de aderen, zou een stukje plaque (vetachtige stof die zich in de ader heeft opgehoopt), los kunnen schieten en in de hersenen terecht kunnen komen. Om dit te voorkomen, wordt nu eerst door de liezen via een dun katheter een soort netje (deflect) geplaatst dat even-tuele losgeschoten stukjes opvangt.

De cardiologen voeren het netje via de rechter slagader op naar het hart. De ogen zijn op het scherm gericht, waar te zien is hoe het langzaam naar de juiste plek beweegt. Daar aangekomen wordt het voorzichtig uit de katheter gedrukt en met draaibewegingen vanuit de lies in de juiste positie gemanoeuvreerd.

 

De nieuwe aortaklep is te groot om door de lies te gaan. Daarom wordt die met een speciaal apparaatje gekrompen. Nadat de verpleegkundige de klep in de krimper heeft geplaatst, vraagt ze Pieter Stella voor een dubbelcheck: zit de klep op de juiste wijze in het apparaat? Stella controleert en bevestigt. Het krimpen kan beginnen; door middel van druk, stapje voor stapje.

Het zogenoemde delivery system, waarmee de klep straks in de katheter wordt geschoven, wordt in de deels gekrompen klep geplaatst, die daarna verder wordt verkleind. De geprepareerde klep wordt op nat gaas bewaard. Vlak voor het inbrengen gaat deze in de stent, waar de klep slechts een halfuur kan worden bewaard. De cardiologen plaatsen ondertussen een voerdraad in de katheter in de linker slagader. Deze doet dienst als rails die straks het delivery system naar het hart geleidt.

De klep wordt in de stent geplaatst en het delivery system wordt goed doorgespoeld om lucht te verwijderen. Het delivery system bestaat uit een ballonnetje aan de top en een draaiwiel aan het einde waarmee de hartklep in de juiste positie gebracht wordt.

De aortaklep wordt ingebracht. De cardiologen volgen de voortgang op het scherm. Als het hart is bereikt, wordt de pacemaker gebruikt om het hart heel snel te laten kloppen waardoor het een paar seconden vrijwel stopt met pompen, zodat de ballon en klep kunnen worden geplaatst. Door het ballontje op te blazen, wordt de oude hartklep weggedrukt. Dan wordt de aortaklep verder omhoog gebracht, tot halverwege de aorta. Stella start opnieuw de pacemaker en gebruikt het ballonnetje om de nieuwe klep voorzichtig open te vouwen.

Op het scherm is goed te zien dat de nieuwe klep direct werkt: hij opent en sluit op het ritme van het hart. Er stroomt geen bloed terug, zoals met de oude klep het geval was. Het plaatsen is geslaagd, maar de operatie is nog niet voorbij. Omdat in de slagaders behoorlijke openingen zijn gemaakt, zijn bij het plaatsen van de katheters hechtingen gezet die met het verwijderen worden aangetrokken. Na een kleine twee uur wordt de ingreep afgerond.

En hoe is het met de patiënt?

Meneer Van Alebeek, een week na de ingreep: “Ik had voor de operatie veel last van duizelingen en viel daardoor steeds. Heel vervelend natuurlijk. Daarom ben ik ook zo blij dat de artsen iets voor me konden doen. Het wakker zijn tijdens de operatie vond ik geen enkel probleem, door het roesje voelde ik me erg ontspannen. Ik heb nu nog wat last van mijn liezen, maar dat gaat steeds beter. En sinds de ingreep ben ik helemaal niet meer duizelig geweest, dat vind ik ontzettend fijn!”

(Extra) veilig

Een hartklep vervangen via de lies, oftewel percutane hartklepvervanging, vindt nu alleen plaats bij patiënten van boven de tachtig jaar. Deze groep is vaak niet te opereren en kan zo toch geholpen worden. Bij de introductie was onbekend hoe veilig de ingreep was, ook was onduidelijk hoe lang het gekrompen klepje zou blijven werken.

Cardioloog Pieter Stella stelt na het uitvoeren van ruim 300 operaties dat hartklepvervanging via de lies vrijwel net zo veilig is als een openhartoperatie. Ook is inmiddels gebleken dat de kleppen lang meegaan: een klep die twaalf jaar geleden via de lies werd geplaatst, doet het nog goed. Verder draagt de ontwikkeling van het speciale netje (deflect) dat tijdens de ingreep wordt gebruikt en nu getest wordt in het UMC Utrecht, bij aan de veiligheid van de ingreep. De resultaten van deze studie worden over een aantal maanden bekend gemaakt.