Vorige

Nazorg bij een vaginale operatie

U hebt een van de volgende operaties gehad: achterwandplastiek, draadsuspensie volgens Raz, voorwandplastiek, vaginale uterus extirpatie, TVT, sacro spinale fixatie of sfincter plastiek. Deze pagina geeft informatie over leefregels en mogelijke klachten.

Na de behandeling

Na de operatie

Klachten

Wij adviseren u om bij de volgende klachten contact op te nemen met uw huisarts, de verpleegkundige of afdelingsarts van gynaecologie:

  • temperatuur boven de 38ºC;
  • toenemende pijn;
  • toenemend bloedverlies uit uw schede;
  • blaasklachten;
  • pijn bij het plassen;
  • riekende afscheiding.

Vloeien

De eerste weken na de operatie kunt u nog wat bloed of bruinige afscheiding hebben. Als de afscheiding meer is dan een normale menstruatie moet u contact opnemen met de huisarts of de afdeling gynaecologie.

Blaasklachten

Als u na de operatie een blaaskatheter hebt gehad, hebt u een verhoogde kans op een blaasontsteking. Bij klachten zoals pijn bij het plassen of vaak kleine beetjes plassen raden wij u aan om contact op te nemen met de huisarts.

Bij sommige vrouwen lukt het na de operatie niet om te plassen, een tijdelijke blaascatheter is dan noodzakelijk. Meestal lukt het plassen na een paar dagen wel, maar bij enkele vrouwen (minder dan 1%) blijft de klacht bestaan. Zij moeten leren om zelf de blaas met een catheter leeg te maken.

Vaginale schimmelinfectie

Door het antibioticum dat tijdens de operatie is gebruikt, ontstaat soms een vaginale schimmelinfectie. U merkt dit door jeuk en riekende afscheiding. Ook plassen is dan vaak pijnlijk. Vraag de huisarts in dit geval om een advies.

Lichamelijke activiteiten na de operatie

Na de operatie is zwaar tillen onverstandig omdat het weefsel dat net op een nieuwe plaats is vastgemaakt, weer los kan raken. Vermijd daarom zware activiteiten zoals:

  • het tillen van zware boodschappentassen;
  • vuilniszakken buiten zetten;
  • intensieve sporten zoals atletiek en tennis.

U kunt de lichte activiteiten geleidelijk aan weer gaan doen, zoals:

  • koken;
  • afwassen;
  • lichte sportieve activiteiten als fietsen en wandelen.

Tillen

U mag de eerste drie maanden niet meer dan zes kilo tillen. Meestal adviseren wij om het werk na zes tot acht weken te hervatten. Dit is natuurlijk afhankelijk van het soort werk en de zwaarte van uw werk. 

Autorijden:

De eerste vier weken kunt u beter niet autorijden. U kunt een verminderde concentratie hebben. Ook kan uw wond uitrekken. Meestal vergoedt uw autoverzekering eventueel gemaakte schade in de eerste weken na de operatie niet, u kunt dit navragen bij uw verzekering.

In bad / zwemmen

De eerste zes weken raden wij u aan om niet in bad te gaan of te zwemmen door de kans op infectie. Douchen is wel toegestaan

Advies en informatie

Medicatie

Medicijnen die in het ziekenhuis zijn gestart en die u thuis moet doorgebruiken krijgt u mee op recept, met uitzondering van paracetamol. U kunt de paracetamol naar eigen inzicht afbouwen.

De medicatie die u voor de operatie gebruikte, kunt u doorgebruiken, tenzij de arts anders voorschrijft.

Professionele hulp in de thuissituatie

Na een gynaecologische operatie kunt u een emotionele reactie krijgen.

  • Maatschappelijk werk: Als u behoefte hebt om te praten met een hulpverlener zoals maatschappelijk werk, dan kunt u contact opnemen met uw huisarts.
  • Lotgenotencontact: Als u behoefte hebt aan lotgenotencontact, dan kunt u contact opnemen met de ‘Stichting Bekkenbodem Patiënten’.
  • Thuiszorg: Realiseert u zich dat u een herstelperiode in acht moet nemen. Het is belangrijk dat u mensen in uw omgeving inschakelt om werkzaamheden over te nemen.

Rusten en slapen

De herstelperiode is voor iedereen verschillend. Meestal duurt de herstelperiode zes weken. U kunt sneller moe zijn na de operatie en soms kunt u minder aan dan u dacht. Het beste kunt u toegeven aan deze moeheid en extra rusten. Te snel te veel doen heeft vaak een averechts effect. Uw lichaam geeft aan wat u wel en niet kunt. Belangrijk is om de signalen van uw lichaam serieus te nemen.

Seksualiteit

We raden u aan om geslachtsgemeenschap uit te stellen tot zes weken na de operatie. Uw wond is na deze zes weken in die mate hersteld dat u zonder angst voor beschadigingen geslachtsgemeenschap kunt hebben. Waarschijnlijk bent u dan ook al voor nacontrole geweest.

Bij een bekkenbodemplastiek is de ingang van uw schede vernauwd om uw bekkenbodem meer stevigheid te geven. De ingang van uw schede is hierdoor kleiner. De gynaecoloog probeert de ingang van uw schede ruim genoeg te houden. Soms is het resultaat toch anders dan verwacht. Ook kan soms de schede korter zijn geworden. Aarzel niet om bij problemen met geslachtsgemeenschap een nieuwe afspraak met de gynaecoloog te maken om dit te bespreken.

Uitscheiding

  • Vloeien
    De eerste weken na de operatie kunt u nog wat bloed of bruinige afscheiding hebben. Als de afscheiding meer is dan een normale menstruatie moet u contact opnemen met de huisarts of de afdeling gynaecologie. U mag geen tampons gebruiken, dit om een ontsteking te voorkomen.
  • Ontlasting
    Om obstipatieproblemen te voorkomen, adviseren wij u het volgende; - Eet vezelrijke voeding zoals volkoren producten en fruit. - Drink minimaal anderhalf tot twee liter per dag.

Als het nodig is, schrijft de gynaecoloog u laxeermiddelen voor.

Voeding en Vocht

Als u naar huis gaat, mag u weer normaal eten. Het is raadzaam om vezelrijke voeding te gebruiken en voldoende te drinken. Deze maatregelen zijn nodig voor een goede stoelgang.

Hebt u vragen?

Voor een afspraak op de polikliniek kunt u een afspraak maken op de polikliniek gynaecologie.

Als u vragen hebt, kunt u contact opnemen met de afdeling Gynaecologie (C5 west) of met Bergman Clinic Vrouwenzorg

Acute hulp

Heeft u acute hulp nodig? Neem onmiddellijk contact op met uw huisarts of bel 112.
Indien snelle doorverwijzing naar de gynaecoloog noodzakelijk is kan de huisarts contact opnemen met de polikliniek  gynaecologie. In avond, nacht en weekend kan de huisarts contact opnemen met de dienstdoende arts-assistent gynaecologie in het UMC Utrecht.