Terug

Molazwangerschap

Bij een molazwangerschap gaat er tijdens of kort na de bevruchting iets mis. Daardoor groeit er geen embryo in uw baarmoeder. Wel groeit de placenta door, waardoor het in het begin lijkt of u ‘gewoon’ zwanger bent. Ook uw buik wordt dikker. Een molazwangerschap is zeldzaam.

Meer over molazwangerschap

Meestal wordt pas bij de eerste echo ontdekt dat het niet om een gewone, maar om een molazwangerschap gaat.  De echo toont dan een verzameling kleine blaasjes (molablaasjes), wat enigszins op een druiventros lijkt. Vandaar de bijnaam ‘druiventroszwangerschap’.


 

Risico's molazwangerschap

Soms verdwijnen de molablaasjes niet uit de baarmoeder of groeien ze weer aan. Als dit weefsel uit de placenta in uw lichaam achterblijft, kan het zich via het bloed uitbreiden naar andere organen, zoals de longen. Dit heet ‘persisterende trofoblast’. De kans hierop is het grootst na een molazwangerschap maar het kan ook ontstaan na een abortus, miskraam, buitenbaarmoederlijke zwangerschap of een normale zwangerschap. Dit kan leiden tot kortademigheid en het ophoesten van bloed. Artsen beschouwen dit als het voorstadium van een kwaadaardige aandoening. Daarom is chemotherapie noodzakelijk.

Hoe het ontstaat

We weten nog niet precies waardoor een molazwangerschap wordt veroorzaakt. Duidelijk is dat er iets mis gaat bij de bevruchting, waardoor het embryo niet levensvatbaar is. Bijvoorbeeld door bevruchting van een eicel zonder DNA, of bevruchting van een eicel door twee spermacellen. Er volgt echter (nog) geen miskraam en de placenta gaat door met het aanmaken van het zwangerschapshormoon HCG. Een molazwangerschap komt niet veel voor: een op de duizend zwangerschappen is een molazwangerschap.
 

Verschijnselen

Bij een molazwangerschap hebt u last van de bekende zwangerschapsverschijnselen: vermoeidheid en misselijkheid zijn wel vaak aanwezig. U kunt zelfs extreem misselijk zijn. Opvallend is verder het snel dikker worden van uw buik. De concentratie zwangerschapshormoon in uw bloed is extreem hoog.
 

Onderzoek

Uw arts kan verschillende onderzoeken doen om vast te stellen of het bij u inderdaad om een molazwangerschap gaat, en hoever het molaweefsel zich heeft verspreid:

  • echoscopie: met behulp van geluidsgolven nemen we een kijkje in de baarmoeder
  • bloedonderzoek: we kunnen bepalen hoe actief de molazwangerschap is door de concentratie van het zwangerschapshormoon HCG te meten
  • longfoto: we kijken of de molablaasjes zich hebben verspreid naar de longen.
     

Behandeling

Welke behandeling voor u zinvol is, hangt af van uw klachten en de resultaten van het onderzoek.
Een curettage is in ieder geval aan te raden om latere complicaties te voorkomen.

Behandelingen:

polikliniek

Verpleegafdeling

Meer informatie

Wilt u meer weten over de molazwangerschap? Lees dan de brochure over dit onderwerp op de website van de Nederlandse Vereniging voor Obstretrie en Gynaecologie (NVOG).

Contact en afspraak maken

Wilt u een afspraak maken of hebt u vragen? Neem dan contact op met de polikliniek gynaecologie.

088 755 88 80
De afdeling is bereikbaar van
08.00 - 16.00 uur