Terug

Sterftecijfers

Eén van de landelijke kwaliteitsindicatoren waarop ziekenhuizen de kwaliteit van hun zorg kunnen evalueren is het sterftecijfer: hoeveel patiënten overlijden er in het ziekenhuis. Daarbij wordt rekening gehouden met het profiel van de patiënten die in het ziekenhuis worden behandeld. Zo wordt er gekeken naar de ernst van de aandoeningen, de complexiteit en leeftijd van patiënten. Dit wordt berekend in de Hospital Standardized Mortality Ratio (HSMR).
Wat zijn kwaliteitsindicatoren? 

Sterftecijfer UMC Utrecht 2018

De HSMR van het UMC Utrecht voor 2018 is uitgekomen op 102 en is niet significant afwijkend van het landelijk gemiddelde (de standaard is 100). Dit blijkt uit gegevens van de Dutch Hospital Data. Het sterftecijfer van 2018 is gelijk aan het sterftecijfer van 2017(102). In de tabel staat hoeveel patiënten in totaal zijn overleden (totale sterfte) en de HSMR, met daarbij het totaal aantal opnamen in de genoemde jaren.

Hoe wordt het sterftecijfer berekend?

Het sterftecijfer van ziekenhuizen wordt berekend in de Hospital Standardized Mortality Ratio (HSMR):

Dit getal geeft aan of in een ziekenhuis meer of minder patiënten overlijden dan men zou verwachten op basis van het patiëntenprofiel. Bij een uitkomst van 100 is het percentage overleden patiënten precies zoals verwacht. De analyse en rapportage over deze cijfers wordt door een onafhankelijke instantie (Dutch Hospital Data) gedaan, in samenwerking met het Centraal Bureau voor de Statistiek.

Sterftecijfers 2016-2018

Sterftecijfers per aandoening

De sterftecijfers worden ook per aandoening berekend: de Standardized Mortality Ratios (SMRs). Omdat het dan vaak om kleine aantallen patiënten gaat die zijn overleden, wordt dit over meerdere jaren gecombineerd. Over de periode 2016 t/m 2018 weken de meeste SMR's voor het UMC Utrecht niet af van de verwachting.

Er zijn twee significant hogere diagnoseclusters in het rapport aangegeven voor het UMC Utrecht in de periode 2016 t/m 2018. Van deze diagnosegroepen is inmiddels bekend dat de SMR-uitkomsten in de UMC's gemiddeld hoger zijn dan in andere ziekenhuizen. Het HSMR-model corrigeert echter nog onvoldoende bij deze patiënten voor de specifieke kenmerken (vaak: ernstiger ziek zijn) bij opname in een universitair medisch centrum.

Onderzoek naar sterftecijfers

Het UMC Utrecht streeft naar voortdurende verbetering. Om die reden zijn routinematig de dossiers onderzocht van alle patiënten die in het UMC Utrecht in 2015 en 2016 zijn overleden. Dit is gebeurd volgens een wereldwijde standaard, die het mogelijk maakt eventuele tekortkomingen in onze zorg op te sporen en met gerichte acties te verbeteren. De conclusie uit het dossieronderzoek is dat er geen sprake is van vermijdbare sterfte of tekortkomingen in de kwaliteit van de zorg.

Sterftecijfer als vergelijkende maat voor kwaliteit van zorg

 Het is onze insteek de sterftecijfers optimaal te gebruiken als één van de vele kwaliteitsindicatoren om onze zorg voortdurend te verbeteren. Transparantie daarover is de belangrijkste reden de cijfers beschikbaar te stellen. De cijfers kennen nog wel serieuze beperkingen om ziekenhuizen onderling te vergelijken, zoals ook door de Gezondheidsraad is vastgesteld.Lees hierover meer in het rapport van de Gezondheidsraad. (Publieke indicatoren voor kwaliteit van curatieve zorg. De stand van de discussie. Den Haag: Gezondheidsraad, 2013; publicatienr. 2013/29) 

HSMR in UMC's

Het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) concludeert dat het HSMR-model niet voldoende corrigeert voor specifieke patiëntengroepen in UMC's. De gemiddelde HSMR van de UMC's ligt boven de 100. Het CBS wil een model ontwikkelen dat beter geschikt is voor de specifieke patiëntengroepen in de UMC's. Hierin werken de UMC's, CBS en DHD (Dutch Hospital Data) samen.