Terug

Buikligging

Bij het ademhalen spelen de longen een belangrijke rol. De longen zorgen voor de zuurstofopname in het bloed. Wanneer de longen ziek zijn, is er onvoldoende opname van zuurstof. Om dit te verbeteren, is bij bepaalde ziekten buikligging zinvol. De patiënt wordt dan op de buik gedraaid. Hierdoor kunnen de onderste delen van de long (aan de rugzijde) beter hun taak doen. De arts bepaalt wanneer buikligging nodig is. In het begin van de behandeling is het moeilijk te zeggen hoe lang de patiënt op de buik verpleegd moet worden.

Bed

Soms wordt er voor een patiënt in buikligging een speciaal zandbed besteld. Het matras hiervan is gevuld met fijne korreltjes. Hier wordt constant lucht door heen geblazen.
Het voelt aan als een waterbed. Het bed geeft veel warmte af en het blazen van lucht kan lawaai maken.

Lichaamshouding

De verpleegkundigen letten goed op de houding van de patiënt. We streven naar een zo natuurlijke mogelijke houding. Dit betekent:

  • zo plat mogelijk op de buik en
  • met het hoofd naar rechts of links gedraaid.

De armen van de patiënt liggen of naast het lichaam of één arm is naar boven gedraaid. We veranderen regelmatig de houding van de patiënt. Zo voorkomen we beperkingen in gewrichten en doorliggen. Zo nodig schakelen we een fysiotherapeut in.

Medicijnen

Buikligging is voor patiënten niet comfortabel. Om niet alles bewust mee te maken, krijgt de patiënt vaak slaapmedicijnen. Een nadeel hiervan is dat contact moeilijk of zelfs onmogelijk wordt.

Daarnaast krijgt de patiënt vaak uit voorzorg pijnstillende medicijnen. Wij houden er rekening mee dat de patiënt op de achtergrond toch nog kan horen en voelen.
Om deze reden kan de familie de patiënt gewoon dingen vertellen, een kus geven of aanraken.

In bepaalde situaties krijgt een patiënt ook spierverslappende medicijnen. De patiënt kan zich dan niet meer bewegen en is helemaal slap. Dit is soms nodig om de patiënt beter te beademen en de longen te laten herstellen.

Verzorging

Verzorging van de patiënt kan ook in buikligging. De verpleegkundige smeert de ogen in met vette zalf en plakt deze af. Dit voorkomt uitdroging en beschadiging.

Door de buikligging loopt er vaak speeksel uit de mond en neus.
Om het verweken van de huid tegen te gaan, smeert de verpleegkundige de lippen en de huid rondom de mond in met vaseline. Ook verwijdert hij of zij het slijm regelmatig.

Zwelling

Wanneer de patiënt op de buik verpleegd wordt, is zijn of haar gezicht niet helemaal zichtbaar.
Er ontstaat zwelling in de laagst gelegen delen van het lichaam waaronder:

  • het gezicht,
  • de nek,
  • de hals,
  • de geslachtsorganen,
  • de handen en
  • de voeten.

Dit maakt de patiënt vaak moeilijk herkenbaar. Deze zwelling is tijdelijk. Zodra de patiënt weer op de rug gedraaid ligt, trekt de zwelling vanzelf weer weg. Het kan enkele uren duren, voordat de zwelling is afgenomen.

Afdeling