Terug

Cerclage en plombe

Een netvliesloslating wordt bijna altijd behandeld met een operatie. Op deze pagina wordt de behandeling van een netvliesloslating door middel van een bandje rond het oog (cerclage en plombe).

Wat is cerclage en plombe

Bandje rond het oog (cerclage en plombe)

Bij deze operatie wordt het scheurtje in het netvlies gesloten door van buitenaf het netvlies aan te drukken met een kunststof kussentje, de plombe. Deze plombe wordt onder een dun bandje geschoven welke eerst rondom het oog is bevestigd. Het bandje en de plombe kunnen in principe levenslang zonder problemen blijven zitten. Soms wordt ook een kleine gasbel in het oog achtergelaten, welke vanzelf verdwijnt. 

Resultaat behandeling

Gemiddeld genomen lukt het bij negentig procent van de patiënten om het netvlies met één operatie aanliggend te krijgen. In de andere gevallen laat het netvlies toch weer los en zijn vaak meerdere operaties nodig om het netvlies op zijn plaats te houden.

Als het netvlies nog niet goed vastzit of het netvlies krimpt door verlittekening, zal het weer losgetrokken worden. Dit komt voor bij ongeveer tien procent van de operaties. Indien het netvlies weer loslaat moet er een tweede operatie plaatsvinden. Meestal betreft dit dan een glasvochtoperatie (vitrectomie). 

Ook een succesvolle operatie zal vaak niet leiden tot volledig herstel van de gezichtsscherpte, zeker als de gele vlek door de loslating is beschadigd. Het is moeilijk te voorspellen wat de schade zal zijn en in welke mate de gezichtsscherpte zich herstelt. Het herstel gaat langzaam en kan tot een jaar doorgaan.

De operatie

De operatie vindt meestal plaats in dagbehandeling. Dat wil zeggen dat u dezelfde dag weer naar huis gaat. Soms is een opname in het ziekenhuis nodig. De arts overlegt met u over de keuze.

Lokale verdoving of algehele narcose

De keuze tussen plaatselijke verdoving van het oog of algehele narcose met beademing wordt door de oogarts van tevoren met u besproken. Als u onder algehele narcose of onder plaatselijke verdoving met bewaking wordt geopereerd, moet u gezien worden op de POS-poli (Pre-Operatieve Screening). Daar heeft u een gesprek met de anesthesioloog.

Uw oog

Voorbereiding

De dag van de operatie

Voorbereiding thuis

  • Om infecties te voorkomen is het noodzakelijk dat u ’s morgens thuis een bad of douche neemt en uw haar wast. Dit laatste kan eventueel ook de dag ervoor.
  • We vragen u geen make-up of nagellak te gebruiken en geen sieraden om te doen.
  • Als de operatie onder plaatselijke verdoving plaatsvindt, hoeft u niet nuchter te blijven. Wij raden u wel aan niet te veel of te zwaar te eten op de ochtend van de operatie. Als de operatie onder algehele anesthesie of plaatselijke verdoving met bewaking plaatsvindt, moet u de instructies volgen die u van de anesthesioloog heeft gekregen. Meestal mag u vanaf middernacht niet meer eten of drinken, behalve een glaasje water, appelsap, thee of zwarte koffie. Suiker mag wel.

In het ziekenhuis

    • U meldt zich met uw afsprakenkaart op het afgesproken tijdstip en locatie.
    • De verpleegkundige geeft u uitleg over de behandelingsprocedure.
    • Na de operatie wordt uw oog afgedekt met een verband en oogdop.
    • De volgende dag wordt het verband verwijderd en het oog gecontroleerd op de polikliniek. U zult daarna moeten gaan druppelen.

Medicijnen

Wanneer u dagelijks medicijnen inneemt, kunt u daarmee doorgaan op de dag van de operatie, tenzij anders met u is besproken. Als u oogdruppels of oogzalf gebruikt, overleg dan met de arts of u hiermee vóór de operatie moet stoppen. Alleen plastabletten mag u ’s morgens vóór de operatie niet innemen. Als u bloedverdunners via de trombosedienst gebruikt, moet u dit melden en bespreken met de arts of screeningsverpleegkundige.

Oproep

Ongeveer twee weken van tevoren, maar soms één dag voor de operatie, wordt u gebeld door een medewerker van het opnamebureau. U hoort dan waar en wanneer u in het ziekenhuis wordt verwacht voor de operatie. Het kan ook voorkomen dat een geplande operatie vlak van tevoren wordt afgezegd, omdat er spoedoperaties bij andere patiënten nodig zijn die voorrang krijgen. Dit is erg vervelend voor u, maar is helaas soms niet te vermijden.

Wat te doen bij ziekte

Als u vóór de operatie koorts of griep heeft, dan verzoeken wij u het opnamebureau oogheelkunde te bellen via telefoonnummer 088 75 578 94 of 088 75 568 00. De arts bekijkt dan of de operatie kan plaatsvinden. Soms is het beter om een nieuwe afspraak te maken.

Tijdens de behandeling

De operatie vindt plaats in een operatiekamer die speciaal is uitgerust met apparatuur voor netvliesoperaties. In het midden van de ruimte staat een soort ‘tandartsenstoel’ waarop u plat komt te liggen. Indien er is gekozen voor algehele anesthesie, wordt u door de anesthesist in slaap gebracht. De duur van de operatie kan erg variëren van 45 minuten tot enkele uren. 

Na de behandeling

Voordat u naar huis gaat, bespreekt de verpleegkundige hoe u het oog moet verzorgen en welke leefregels nodig zijn. Verder krijgt u een recept voor oogdruppels, een brief voor uw huisarts en uw nacontrole afspraken mee. Bijna altijd worden twee soorten oogdruppels meegegeven:  

  • Tobradex (tobramycine en dexamethason)  4x per dag 1 druppel.
  • Atropine (atropine sulfaat) 2x per dag 1 druppel.
  • Als er gas is achtergelaten bij de operatie, is het zicht tijdelijk slecht. Na verloop van tijd merkt u dat de gasbel kleiner wordt en dat u over de gasbel heen kunt kijken. De gasbel verdwijnt na drie tot acht weken uit het oog, afhankelijk van het soort gas.   De standaardcontroles vinden plaats na één dag en na één en vier weken. Het kan noodzakelijk zijn dat u vaker voor controle moet komen.

Leefregels

Zolang de gasbel in het oog aanwezig is, geldt een aantal beperkingen:

  • U mag niet reizen per vliegtuig.
  • Verblijf in de bergen wordt afgeraden.
  • Het gebruik van lachgas en andere narcosegassen wordt afgeraden. In verband hiermee vragen wij u de groene polsband, die u van ons krijgt, te dragen.

Algemene leefregels na een oogoperatie

Mogelijke bijwerkingen

Door het bandje rond het oog, verandert de brilsterkte. Deze zal enige tijd na de operatie aangepast moeten worden.

Mogelijke complicaties

Er is een kleine kans op complicaties tijdens of na de operatie. Zoals bij alle operaties is er een gering risico op een infectie of bloeding. Andere oogproblemen die kort na de operatie kunnen ontstaan, zijn een schaafwondje van het hoornvlies (erosie) of problemen met de oogdruk. Deze problemen zijn veelal van tijdelijke aard. De dag na de operatie wordt het oog hierop gecontroleerd. Zoals eerder is vermeld, treedt bij een klein deel van de patiënten een nieuwe netvliesloslating op. Bijna altijd is in dat geval het netvlies door littekenvorming gaan krimpen waardoor het weer losgetrokken wordt van de onderlaag. Het ontstaan van littekenweefsel is helaas nog niet te voorspellen of te voorkomen. Bij een nieuwe operatie wordt het littekenweefsel verwijderd, maar de littekenvorming is vaak nog niet voorbij. Daarom zijn soms meerdere operaties nodig gedurende langere tijd.

Hebt u vragen?

Hebt u vragen? Neem dan contact op met de polikliniek oogheelkunde. Voor een afspraak hebt u een verwijzing nodig van uw specialist.

De polikliniek is op werkdagen bereikbaar van

08.00 - 11.30 en tussen 13.00 - 16.00 uur.