Terug

Microfractuur

Door een aandoening, val of verdraaiing van de knie kan er een beschadiging van het kraakbeen optreden waardoor een gedeelte van het kraakbeen zacht wordt of loslaat. Hierdoor kan er een gat in het kraakbeen ontstaan. Microfracturering kan worden toegepast bij diepe schade van het kraakbeen.

Meer informatie

Een kleine afwijking van het kraakbeen kan al resulteren in pijn, en een losliggend deel in de knie kan leiden tot slotklachten, ook wel een ‘vastzittende’ knie genoemd. Hierdoor kunt u in meer of mindere mate beperkt worden in uw dagelijkse activiteiten. 

Om aan te geven in welke mate uw kraakbeen beschadigd is, wordt gebruik gemaakt van een classificatiesysteem. Dit systeem is gebaseerd op het uiterlijk van het kraakbeen tijdens een MRI of kijkoperatie. 

  • Graad 1: oppervlakkige schade 
  • Graad 2: oppervlakkige schade tot halverwege de kraakbeendikte
  • Graad 3: diepe schade tot verder dan halverwege de kraakbeendikte
  • Graad 4: diepe schade waardoor het onderliggende bot zichtbaar is

Microfracturering kan worden toegepast bij diepe schade van het kraakbeen (graad 3 en 4). Het te behandelen oppervlak mag niet te groot zijn (2-euromunt). 

Diagnose stellen

Om u zo goed mogelijk te kunnen behandelen is het essentieel om een goede diagnose te stellen. Het kan zijn dat er elders al een diagnose is gesteld of dat er al een operatie bij u is verricht. Wij zullen uw gezondheid echter weer volledig in kaart willen brengen om een goede diagnose én een behandelplan op te stellen. Hiervoor zijn onderstaande zaken van belang.

Anamnese

Er wordt aan u gedetailleerd gevraagd wat uw klachten zijn. Die kunnen vaak een grote invloed uitoefenen op persoonlijke omstandigheden, zoals werk, sporten en persoonlijke levenssfeer. We proberen dit allemaal goed in kaart te brengen.

Lichamelijk onderzoek

Uitgebreid lichamelijk onderzoek van de benen is een standaard onderdeel van het eerste polibezoek.

Röntgenfoto of MRI

Om een goede diagnose te kunnen stellen is vaak aanvullend onderzoek nodig, zoals een röntgenfoto of eventueel een MRI. Soms zijn dergelijke onderzoeken al elders verricht en is het niet noodzakelijk om dit opnieuw te doen. Wij verzoeken u dan ook om al het aanvullende beeldmateriaal aan ons te verstrekken, het liefst al voor het eerste polibezoek, zodat wij ons goed kunnen voorbereiden. Indien het onderzoek bijvoorbeeld te gedateerd is, kan het zijn dat we het onderzoek herhalen.

Behandelopties bespreken

Als de diagnose gesteld is (bij voorkeur al aan het einde van het eerste polibezoek), nemen we de verschillende behandelopties met u door. In overleg met u wordt een, voor dat moment, beste behandeling bepaald.

Informed consent & formulieren

Als we overgaan tot een operatie wordt met u de informatie over deze operatie besproken, zodat u optimaal bent voorgelicht over de operatie zelf, de gang van zaken rondom de operatie, het revalidatieproces, het te verwachten resultaat en de mogelijke complicaties. Indien u akkoord gaat met de operatie zal dit in uw elektronisch patiëntendossier van het ziekenhuis worden genoteerd; dit heet informed consent. Er wordt dan ook een operatieformulier ingevuld door uw arts om alles in gang te zetten. 

Vooruitgang op kniegebied

Wanneer u voor het eerst op de Mobility Clinic kniepoli komt vragen we u mee te doen aan 'Het knieregister'. Het UMC Utrecht is continue bezig met wetenschappelijk onderzoek naar de ontwikkeling en verbetering van nieuwe en bestaande behandelingen. Om deze onderzoeken te kunnen uitvoeren is het van groot belang dat er gegevens worden verzameld. Daarom hebben we op de Mobility Clinic het knieregister opgezet. Hierin worden enkele medische gegevens en de resultaten van online vragenlijsten die u tijdens uw behandeling ontvangt, opgenomen. De online vragenlijsten gaan over uw knie en behandeling, en zijn onderdeel van uw standaard zorg. Hiermee kunnen wij in de gaten houden hoe het gaat. U kunt er ook voor kiezen om niet met het knieregister mee te doen, maar alleen met de vragenlijsten. Uw gegevens worden dan niet voor onderzoek gebruikt. U mag er ook voor kiezen om met beiden niet mee te doen.

Uitleganimatie vragenlijsten

Uw lichaam

De knie is een scharniergewricht. Het bestaat uit vier botdelen: het scheenbeen met kuitbeen, het dijbeen en de knieschijf. De uiteinden van het kniegewricht zijn bedekt met een laagje kraakbeen. Deze kraakbeenlaag is elastisch en vangt schokken en stoten op, zodat de knie soepel beweegt. Aan de binnen- en buitenzijde van de knie zit de meniscus. Dit is een soort stootkussen dat van belang is voor schokdemping en stabiliteit. Midden in het kniegewricht ligt de voorste kruisband. Deze zorgt ervoor dat u stabiel kunt lopen en staan. Aan de voorzijde zit de knieschijf, die helpt bij buigen, strekken en kracht zetten.

Voorbereiding

Voordat u de daadwerkelijke microfractuurbehandeling ondergaat, wordt u nog een keer onderzocht door de anesthesist. Dit is de medisch specialist die zal zorgen voor de verdoving tijdens de operatie en goede pijnstilling na de operatie. 

Vooronderzoek door anesthesist 

Het vooronderzoek: de Pre-Operatieve Screening (POS) vindt plaats op de POS-poli (route L, receptie 30 op de 2e etage). Zij beoordelen of u gezond genoeg bent om geopereerd te worden. Het vooronderzoek bestaat uit een gesprek, lichamelijk onderzoek, een gezondheidsvragenlijst en indien nodig aanvullend onderzoek. 

Hieronder staan een aantal zaken die u misschien nodig hebt en vóór de opname moet regelen. Mocht dit niet lukken, geeft u dit dan tijdig door aan een verpleegkundige van de verpleegafdeling:  

    • Probeer in uw omgeving hulp te regelen, bijvoorbeeld partner, familie, vrienden of buren. Zij kunnen nodig zijn voor vervoer, hulp in huishoudelijk werk, maar zijn ook belangrijk om alle informatie mee op te slaan, want twee personen onthouden beter dan één!
    • Huren van elleboogkrukken. Dit kan bij de thuiszorg of kruisvereniging of bij een particuliere instantie.
    • Kopen van een lange schoenlepel.
    • Soms is een krukje of stoel in de douche nuttig.
    • Zorg voor stevige schoenen, die goed om uw voet sluiten. Instappers zijn erg handig.
    • Zorg ervoor dat u paracetamol in huis heeft. Dit kunt u kopen bij de apotheek of drogist.   

Hieronder staat een aantal zaken die u misschien moet doen vóór de opname:

  • Zorg ervoor dat u thuis straks voldoende ruimte heeft om met krukken te lopen. Haal daarom tijdelijk losse kleden en extra meubilair weg.
  • Verwijder vóór de operatie eventueel make-up of nagellak.
  • Gebruik geen crème of bodylotion op de dag van de operatie.
  • Ontdekt u een wondje aan een van uw benen, bent u ziek of onzeker of u de operatie wel door moet laten gaan, neem dan tijdig contact op met de polikliniek orthopedie. De medewerker van de polikliniek overlegt dan met u en de arts wat u het beste kunt doen.
  • Zorg dat u alvast een paar keer fysiotherapie heeft gehad voor uw knie. Uw knie is dan in optimale conditie om de revalidatie na de operatie goed op te pakken.
  • Leer alvast lopen met krukken en oefen alvast de voorgestelde oefeningen.

Wat neemt u mee naar het ziekenhuis?

    • verzekeringspolis ziektekosten;
    • legitimatiebewijs;
    • afsprakenkaart;
    • alle medicijnen die u gebruikt in de bijbehorende verpakking (ook de medicijnen die niet door een arts zijn voorgeschreven zoals drogistartikelen);
    • een actueel overzicht van de medicijnen die u gebruikt;
    • dieetvoorschriften;
    • persoonlijke artikelen (zoals bijvoorbeeld nachtkleding, toiletartikelen, kamerjas, pantoffels, ondergoed, leesbril, boek, tijdschrift, schrijfspullen, spelletje, wat geld (maar niet te veel);
    • loophulpmiddel.

Het is verstandig waardevolle spullen en sieraden thuis te laten.  

De operatiedag 

U ontvangt thuis een brief over de operatie. U wordt geopereerd door een orthopedisch chirurg van ons knieteam. Het kan zijn dat de naam van de operateur dan nog niet bekend is. Een orthopedisch chirurg in opleiding zal mogelijk, onder directe supervisie, een deel van de handelingen uitvoeren. Op de dag van de operatie kunt u zich melden bij de locatie die in de brief staat aangegeven.  

U moet nuchter zijn voor de operatie. Dat betekent dat u tot zes uur voor de operatie normaal mag eten en drinken. Tot twee uur voor de operatie mag u alleen de volgende heldere vloeibare dranken drinken: water, thee (met suiker, geen melk!) of aanmaaklimonade. 

U neemt ’s ochtends wel gewoon uw medicijnen in, tenzij de anesthesioloog anders met u heeft afgesproken (eventueel met een slokje water). 

Op de verpleegafdeling krijgt u ook alvast medicijnen tegen de pijn. Kort voordat u naar het operatiecomplex gaat, vragen we u nog een keer om te gaan plassen. We kijken daarna met een echoapparaat, of uw blaas leeg is, omdat u tijdens de operatie niet kunt plassen en we liever geen urinekatheter inbrengen. Wanneer het tijd is voor de operatie brengen de verpleegkundigen u naar het operatiecomplex. U komt binnen in de voorbereidingsruimte, ook wel holding genoemd. Hier doen we nog een aantal laatste controles en krijgt u een infuus (naaldje in de arm). Via dit infuus krijgt u medicijnen om misselijkheid tijdens en na de operatie te voorkomen, pijnstillers en antibiotica. Het kan even duren voordat u naar de operatiekamer gaat. Meestal zijn er in de voorbereidingsruimte ook andere patiënten die op hun ingreep wachten.

Tijdens de behandeling

Tijdens een kijkoperatie worden er met een priem gaatjes gemaakt in het bot onder het kraakbeen. Hierdoor komen er stamcellen uit uw beenmerg in uw knie terecht. Deze stamcellen klonteren samen en vormen een nieuw laagje kraakbeen op de plek van de schade. Dit kraakbeen heeft niet dezelfde kwaliteit als het originele kraakbeen, maar zorgt vaak wel voor een soepelere beweging dan kaal bot. 

Na de behandeling

Na de operatie gaat u naar de uitslaapruimte (recovery). Sommige patiënten zijn na de ingreep misselijk of hebben pijn. Als u voldoende stabiel bent en uw hartslag en bloeddruk zijn goed, dan mag u naar de verpleegafdeling.    

De operatie gebeurt in dagbehandeling, u mag dus dezelfde dag al naar huis. De verpleegkundige bespreekt met u de datum van de controleafspraak op de polikliniek en het medicijngebruik. Het is raadzaam als er iemand uit uw omgeving bij dit gesprek aanwezig is.   

U krijgt het volgende mee naar huis:  

    • Een verwijzing, een algemene brief en een ontslagbrief voor de huisarts.
    • Recepten.
    • Controleafspraak op de polikliniek orthopedie.
    • Evaluatieformulier.

Regelen voordat u naar huis gaat 

Als u naar huis gaat, kunt u zich weer voor een groot deel zelf verzorgen. U heeft misschien hulp nodig bij bijvoorbeeld het aan- en uitkleden. Ook het huishouden kan problemen opleveren, omdat u thuis met krukken moet lopen. Houd er rekening mee dat u niet zelfstandig naar huis kunt reizen en er dus iemand nodig is die u vanuit het ziekenhuis naar huis of naar de gekozen zorginstelling brengt.  

De nabehandeling 

Uw lichaam moet na de operatie herstellen, het is normaal dat u na de operatie pijn heeft.   

U dient een revalidatieprogramma te volgen. Daarbij zult u een aantal weken met krukken moeten lopen om de knie te ontlasten. Daarnaast is heropbouw van coördinatie en spierkracht noodzakelijk. Het revalidatieprogramma krijgt u van ons voor u naar huis gaat. Voor een optimaal herstel is het belangrijk dat u zich goed aan het opgegeven programma houdt. Uw fysiotherapeut kan u hierbij helpen.

Mogelijke complicaties 

Ondanks alle zorg die u en wij aan voorbereiding en de operatie besteden, kunnen er toch complicaties optreden.

    • Er bestaat een kans op infectie van het gebied om de wond heen.
    • Een nabloeding van de wond kan optreden.
    • Soms is het buigen van de knie niet goed mogelijk en doet een buiging pijn.
    • Er is een kans op trombose. Er wordt u een injectie gegeven om de kans hierop te verkleinen, maar er blijft een kans hierop.

Er is een aantal situaties waarin u direct contact op moet nemen met uw behandelend arts. Neem contact op met de afdeling orthopedie als:

    • De wond aan de knie gaat lekken.
    • Roodheid of zwelling en pijn aan de operatiewond toeneemt.
    • De functie van de knie sterk achteruit gaat, dat wil zeggen dat u de knie minder ver kan buigen of strekken dan voorheen mogelijk was.
    • U een lichaamstemperatuur van meer dan 38,5° C heeft, u daar geen goede verklaring voor heeft en dit in combinatie met één van bovenstaande verschijnselen optreedt.
    • Bij twijfel kunt u ook contact opnemen met uw huisarts.

Vervolg

Het is normaal dat u de dagen na de operatie pijn heeft. De nabehandeling van een fysiotherapeut is essentieel om de knie weer goed te kunnen gebruiken en de kans op terugkerende klachten te verkleinen. 

Er is een aantal oefeningen die u kunt doen om uw revalidatie te versnellen na de operatie. De oefeningen en bijbehorende revalidatieschema's vindt u op onderstaande oefenpagina's. Deze zijn ook te vinden in de Mobility Clinic App (Apple en Android). Doe deze oefeningen alleen in overleg met uw eigen fysiotherapeut.

Hebt u vragen?

Mobility clinic app

Download gratis de Mobilty Clinic app (Apple en Android) voor video's, achtergrondinformatie en oefeningen. De app biedt ondersteuning tijdens het gehele behandeltraject. Bij instellingen kunt u “microfractuur” aanvinken en uw operatiedatum selecteren. 

Polikliniek

Verpleegafdeling

Afspraak

Als u een afspraak wilt maken bij Mobility Clinic, hebt u een verwijzing nodig van uw huisarts of specialist.

Contact en vragen

Hebt u na het lezen van deze informatie nog vragen? Neem dan contact op via Mobility Clinic.